begrijpend lezen

Aan: Ouders/verzorgers van de leerlingen uit groep 6 schooljaar 2013-2014.
Doel: U informeren over de door uw kind te behalen basisdoelen van blok 6 tot en met
blok 8.
Beschrijving:
Doelen begrijpend lezen van de methode lezen in beeld groep 6.
Bij de methode ‘lezen in beeld’ wordt gewerkt aan de hand van sleutels. Elke sleutel staat
voor een denkstap. Zo leert uw kind gericht kijken naar en tekst en beter begrijpen.
Sleutel 1: Verken de tekst
Sleutel 2: Lees de tekst en denk vooruit bij het lezen
Sleutel 3: Controleer of je begrijpt wat er staat
Sleutel 4: Bepaal de bedoeling van de schrijver
Sleutel 5: Verwerk informatie uit de tekst
Sleutel 6: Kijk terug en trek conclusies
Blok 6
Schema’s maken en
invullen
Bijvoorbeeld:
De leerlingen leren informatie
uit een tekst in een tabel of
schema in te vullen.
Waarom-vragen
Bijvoorbeeld:
stellen en
De leerlingen leren tijdens het
beantwoorden
lezen waarom-vragen stellen
en te beantwoorden.
Informatie in alinea’s Bijvoorbeeld:
De leerlingen leren dat de
informatie in één alinea van
een informatieve tekst bij
elkaar past.
Tip:
Maak samen eens een schema over
de inhoud van de tekst. Kun je dit kort
met woorden samenvatten?
Tip:
Stel elkaar tijdens het lezen waaromvragen en probeer het antwoord uit de
tekst te herleiden.
Tip:
Probeer per alinea eens te kijken
waarom deze informatie bij elkaar
staat. Kun je in 1 zin vertellen waar
het over gaat?
Blok 7
Conclusies trekken
Tekst koppelen aan
eigen kennis en
vervolgvragen
formuleren.
Tekst koppelen aan
eigen ervaringen.
Bijvoorbeeld:
De leerlingen leren conclusies
te trekken na het lezen van de
tekst.
Bijvoorbeeld:
De leerlingen leren te
bedenken wat ze over een
tekstonderwerp geleerd
hebben en wat ze daarover
nog meer zouden willen weten.
Bijvoorbeeld:
De leerlingen leren dat in
verhaalteksten vaak situaties
en keuzes beschreven worden
die voor hen herkenbaar zijn.
Tip:
Bespreek wat je hebt geleerd van de
tekst. Kun je er een eindoordeel over
geven?
Tip:
Praat samen na over de tekst; wat
heb je nu bijgeleerd? Zou je er nog
meer van willen weten?
Tip:
Is de tekst herkenbaar? Heb je zoiets
zelf wel eens meegemaakt; praat na
over eigen ervaringen.
Blok 8
Benoemen van de
zes
sleutelstrategieën.
Bijvoorbeeld:
De leerlingen leren de zes
sleutelstrategieën in de goede
volgorde op te noemen.
Benoemen van de
sleuteltermen.
Bijvoorbeeld:
De leerlingen leren bij iedere
sleutelstrategie drie
sleuteltermen op te noemen.
Toepassen van de
zes strategieën:
sleutels.
Bijvoorbeeld:
De leerlingen leren de
sleutelstrategieën toe te
passen op willekeurige
teksten.
Tip:
Sleutel 1: Verken de tekst
Sleutel 2: Lees de tekst en denk
vooruit bij het lezen
Sleutel 3: Controleer of je begrijpt wat
er staat
Sleutel 4: Bepaal de bedoeling van de
schrijver
Sleutel 5: Verwerk informatie uit de
tekst
Sleutel 6: Kijk terug en trek conclusies
Tip:
Woorden bij de sleutels:
1: Plaats, illustraties, titel, zinnen,
voorspellen.
2: Vragen, vooruit denken,
signaalwoorden.
3: Betekenis, verwijswoorden, lezen,
navertellen, voorstelling, antwoorden.
4: Tekstsoort, onderwerp, hoofdzaak,
bedoeling
5: Schema, opbouw, waarom-vragen
6: conclusies, herkennen, geleerd,
informatie
Tip:
Volg de zes sleutels.