Lamb Weston/Meijer v.o.f. Uitbreiding productielocatie Bergen op

Lamb Weston/Meijer v.o.f.
Uitbreiding productielocatie
Bergen op Zoom
ruimtelijke onderbouwing
INHOUDSOPGAVE
1. INLEIDING
1.1. Probleem- en doelstelling
1.2. Plangebied
1.3. Huidige situatie
1.4. Toekomstige situatie
1.5. Vigerend bestemmingsplan
1.6. Leeswijzer
blz.
1
1
1
2
4
5
6
2. BELEIDSKADERS
2.1. Inleiding
2.2. Rijksbeleid
2.3. Provincie Noord-Brabant
2.3.1.
Structuurvisie ruimtelijke ordening Noord-Brabant
2.3.2.
Verordening ruimte 2012 Noord-Brabant
2.4. Gemeente Bergen op Zoom
2.4.1.
Structuurvisie Bergen op Zoom 2030
2.4.2.
Bestemmingsplan Theodorushaven-Noordland
2.4.3.
Ontwerp bestemmingsplan Nieuwe Vesting
2.5. Conclusie
7
7
7
7
7
11
12
12
13
14
15
3. PLANOPZET EN RUIMTELIJKE STRUCTUUR
3.1. Inleiding
3.2. Stedenbouwkundige hoofdstructuur
3.3. Verkeer
3.3.1.
Verkeersproductie en -attractie
3.3.2.
Verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid
3.3.3.
Parkeren
3.3.4.
Openbaar Vervoer
3.3.5.
Groen
17
17
17
17
17
18
19
19
20
4. MILIEUASPECTEN
4.1. Inleiding
4.2. Bedrijven en milieuzonering
4.3. Geur
4.3.1.
Toetsingskader
4.3.2.
Uitgangspunten
4.3.3.
Resultaten
4.3.4.
Conclusie
4.4. Luchtkwaliteit
4.4.1.
Toetsingskader
4.4.2.
Uitgangspunten
4.4.3.
Resultaten
4.4.4.
Conclusie
4.5. Externe veiligheid
4.5.1.
Wettelijke kaders en beleid
4.5.2.
Inventarisatie en toets
4.5.3.
Conclusie
4.6. Geluid
4.6.1.
Wettelijke kaders
4.6.2.
Werkwijze
4.6.3.
Rekenresultaten
21
21
21
22
22
22
22
23
23
23
24
24
25
25
25
26
30
31
31
31
31
4.6.4.
Conclusies
Bodem
Water
4.8.1.
Beleidskader
4.8.2.
Huidige situatie
4.8.3.
Toekomstige situatie
4.8.4.
Conclusie
4.9. Cultuurhistorie en archeologie
4.10. Natuur
4.10.1. Ecologische hoofdstructuur (EHS)
4.10.2. Natura 2000-gebieden
4.10.3. Flora en fauna
4.10.4. Conclusie
4.7.
4.8.
32
33
33
33
34
36
37
37
38
38
40
41
41
5. MAATSCHAPPELIJKE EN ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID
5.1. Inleiding
5.2. Economische uitvoerbaarheid
5.3. Maatschappelijke uitvoerbaarheid
43
43
43
43
laatste bladzijde
44
BIJLAGEN
I
Onderzoek geur
II
Onderzoek luchtkwaliteit
III
Akoestisch onderzoek
aantal blz.
41
33
76
1.
INLEIDING
1.1.
Probleem- en doelstelling
Aanleiding
Lamb Weston/Meijer is van plan de huidige productie van de productielocatie aan de
Vierlinghweg in Bergen op Zoom uit te breiden. Om dit te realiseren wordt de bestaande
bebouwing uitgebreid en maakt een deel van de bestaande bebouwing plaats voor nieuwe
productielijnen, die naast de bestaande lijnen gebouwd worden. Naast de gebouwen, wordt
ook de huidige waterzuiveringsinstallatie uitgebreid, om het afvalwater van de toegenomen
productie te kunnen verwerken.
Ten behoeve van deze voorgenomen uitbreiding is Lamb Weston/Meijer voornemens om
twee percelen, die nu in eigendom zijn van de gemeente, aan te kopen. Een van deze
percelen betreft een huidige weg (Theodorusweg), het andere perceel betreft een
bedrijfsperceel.
Probleem- en doelstelling
Het vigerende bestemmingsplan staat de voorgenomen uitbreiding van de productielocatie
op een deel van de aan te kopen percelen niet toe. Om die reden is de gemeente Bergen
op Zoom van plan om de voorgenomen uitbreiding planologisch mogelijk te maken met een
omgevingsvergunning op grond van artikel 2.12 eerste lid onderdeel a, sub 3º van de Wet
algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) voor de activiteit bouwen in combinatie met
handelen in strijd met de regels voor ruimtelijke ordening en de activiteit milieu. Lamb
Weston/Meijer is met de gemeente overeengekomen zelf de ruimtelijke onderbouwing aan
te leveren bij de voorgenomen herziening. Deze rapportage voorziet hierin.
1.2.
Plangebied
De percelen waarop de voorgenomen uitbreiding plaatsvindt, liggen aan de Theodorushaven en Vierlinghweg in Bergen op Zoom (zie afbeelding 1.1).
Afbeelding 1.1. Ligging plangebied (grijze arcering: uitbreiding)
Theodorushaven
Vierlinghweg
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
1
1.3.
Huidige situatie
Bedrijventerrein Theodorushaven
De Theodorushaven is een haven- en industrieterrein ten noordwesten van Bergen op
Zoom. Het terrein is 300 ha groot en gelegen op de Theodoruspolder, welke in 1786 werd
gerealiseerd. Van 1959 tot 1964 werd de Theodorushaven aangelegd. Via de
Burgemeester Peterssluis staat deze rechtstreeks in verbinding met het ScheldeRijnkanaal, waardoor zeeschepen met een diepgang tot 4,5 m de haven kunnen bereiken.
Het bedrijventerrein is ook via de weg bereikbaar. In totaal zijn er op de terreinen
Theodorushaven en Noordland ongeveer 120 bedrijven gevestigd en werken er 5.000
mensen (www.bergenopzoom.nl).
In onderstaande afbeelding is het plangebied omcirkeld.
Afbeelding 1.2. Luchtfoto van het bedrijventerrein
Bron: www.google.com.
Huidige productielocatie
De bestaande productielocatie van Lamb Weston/Meijer is gevestigd op een perceel aan
de Vierlinghweg 33 op industrieterrein Theodorushaven, gelegen in het westelijk deel van
Bergen op Zoom. Het perceel heeft een oppervlakte van ongeveer 55.450 m 2 met één
ontsluiting op de Theodorusweg en twee ontsluitingen op de Vierlinghweg.
Aan de noordzijde van de Vierlinghweg staan een kantoorgebouw en het magazijn met
droge opslag.
2
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
Het terrein aan de zuidzijde van de Vierlingweg is voorzien van diverse gebouwen met
kantoor- of industriële functies:
- kantoor;
- laboratoria;
- kantine met kleedruimten;
- ontvangst van aardappelen:
⋅ bestaande uit een hal voor ontvangst, sortering, afvalverwerking en opslag van
kleine aardappels;
- productie van friet:
⋅ bestaande uit de afdelingen schillen, snijden, sorteren, blancheren, battering,
bakken, invriezen en inpakken;
- productie van flakes;
- magazijn voor gereedgekomen product en laaddocks;
- waterzuiveringsinstallatie;
- technische dienst en diverse utilitaire ruimten.
Afbeelding 1.3. Luchtfoto van het huidige complex
Bron: www.google.com.
De productie geschiedt twaalf dagen per veertien kalenderdagen over een periode van 50
weken per jaar. De aanvoer van aardappelen gebeurt 24 uur per dag. De gehele productie
is evenredig verdeeld, en is niet seizoensafhankelijk. Er wordt gewerkt in ploegendiensten.
In de bestaande situatie is het geschatte aantal medewerkers:
- kantoormedewerkers: 40 personen (dagdienst);
- productiemedewerkers: 35 personen per ploeg met drie ploegen per dag.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
3
1.4.
Toekomstige situatie
Het nieuwe ontwerp omvat in hoofdlijnen de in tabel 1.1 genoemde onderdelen. Naast elk
huidig onderdeel zijn de relevante wijzigingen of uitbreidingen vermeld.
Tabel 1.1. Toekomstige voorgenomen activiteiten
onderdeel
voorgenomen activiteiten
kantoor
geen
laboratoria
verplaatsen bestaande laboratoria naar een nieuwe locatie
kantine met kleedruimten
realisatie nieuwe locatie en uitbreiding van bestaande locatie
ontvangst aardappelen
aanpassing en uitbreiding van de bestaande hal voor ontvangst,
productie van voorgebakken aardappelproducten
een extra productielijn naast de bestaande lijn
sorteer, afval en opslag kleine aardappels
productie van vlokken
een uitbreiding van de bestaande productie
magazijn gereedgekomen product en laaddocks
een nieuwe locatie en uitbreiding van het laaddock, aan het
bestaand magazijn worden geen aanpassingen gedaan
magazijn voor droge opslag
een nieuwe hal voor de opslag van folie en karton
palletopslag
een nieuwe ruimte/locatie voor de opslag van de pallets
waterzuiveringsinstallatie
uitbreiding van de bestaande waterzuiveringsinstallatie
technische dienst
geen aanpassingen gedaan aan het bestaande kantoor en
magazijn van de technische dienst
utilitaire ruimten
een uitbreiding van de bestaande utilitaire ruimten
De bovenstaande uitbreidingen kunnen niet op de bestaande locatie gerealiseerd worden.
Voor de uitbreiding is meer ruimte nodig en dient extra grond aangekocht te worden. In
overleg met de gemeente Bergen op Zoom is overeengekomen de Theodorusweg en een
deel van het naastgelegen perceel aan te kopen.
Het terrein heeft na aankoop een oppervlakte van ongeveer 66.000 m 2 met drie
ontsluitingsmogelijkheden op de Vierlinghweg en één ontsluiting op de Kade (aan de
havenzijde van het complex). Het terrein is vooral bedoeld voor het vracht- en
transportverkeer, waarbij er een duidelijke scheiding is gemaakt tussen transport en
loopzones om de veiligheid van het personeel te waarborgen.
Personenauto’s van het personeel worden geparkeerd op een apart parkeerterrein langs
de Vierlinghweg. Dit terrein is fysiek gescheiden van het vrachtverkeer. Verder worden de
bestaande parkeerplaatsen aan de Vierlinghweg, bestemd voor bezoekers en personeel,
behouden.
De productie geschiedt ook in de nieuwe situatie twaalf dagen per veertien kalenderdagen
over een periode van 50 weken per jaar. De gehele productie blijft evenredig verdeeld en is
niet seizoensafhankelijk. Er wordt gewerkt in ploegendiensten.
In de bestaande situatie is het aantal productiemedewerkers naar schatting uitgebreid tot
40 tot 45 personen per ploeg, met drie ploegen per dag.
4
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
Afbeelding 1.4. Impressie van de toekomstige situatie
1.5.
Vigerend bestemmingsplan
Het plangebied is gelegen binnen het bestemmingsplan Theodorushaven-Noordland en
heeft de bestemming ‘bedrijven II’(BII). Zie ook onderstaande afbeelding.
Afbeelding 1.5. Uitsneden vigerend bestemmingsplan
Een uitgebreide beschrijving van de relevante planvoorschriften is opgenomen in
paragraaf 2.4 (over het planologisch beleid van de gemeente Bergen op Zoom).
Het voornemen past voor een belangrijk deel binnen het bestemmingsplan. Echter, de
functie ‘verkeer’ ter plaatse van de Theodorusweg dient te worden gewijzigd naar ‘bedrijven
II’ conform de vigerende bestemmingen aan weerszijden van de weg.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
5
1.6.
Leeswijzer
Deze ruimtelijke onderbouwing kent de volgende globale inhoud:
- hoofdstuk 2 toetst de voorgenomen functiewijziging aan het planologisch beleid van het
Rijk, de provincie Noord-Brabant en de gemeente Bergen op Zoom;
- hoofdstuk 3 beschrijft de gevolgen die de voorgenomen functiewijziging heeft voor de
stedenbouwkundige structuur van het bedrijventerrein, de verkeersstructuur en
verkeersaantallen en de groenblauwe structuur in de omgeving van de planlocatie;
- hoofdstuk 4 gaat in op gevolgen die de voorgenomen functiewijziging heeft op de
relevante milieuaspecten;
- hoofdstuk 5 beschrijft de manier waarop de initiatiefnemer en de gemeente Bergen op
Zoom de maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid van de voorgenomen
functiewijziging borgen.
6
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
2.
BELEIDSKADERS
2.1.
Inleiding
Dit hoofdstuk beschrijft de planologische beleidskaders van het Rijk, de provincie NoordBrabant en de gemeente Bergen op Zoom waarbinnen het voornemen plaatsvindt. Daarbij
wordt het voornemen getoetst aan de relevante beleidsdoelstellingen en -uitgangspunten
die op deze overheidsniveaus zijn vastgesteld. In hoofdstuk 4 is het voornemen getoetst
aan overig relevant beleid op het gebied van ruimte en milieu.
2.2.
Rijksbeleid
Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR)
Op 13 maart 2012 is de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vastgesteld. In de
SVIR schetst het kabinet hoe Nederland er in 2040 uit moet zien: concurrerend, bereikbaar,
leefbaar en veilig. Het ruimtelijk en mobiliteitsbeleid wordt meer aan de provincies en de
gemeenten overgelaten. De Rijksoverheid richt zich op nationale belangen, zoals een goed
vestigingsklimaat, een degelijk wegennet en waterveiligheid. Tot 2028 heeft het kabinet de
volgende drie rijksdoelen geformuleerd:
1. de concurrentiekracht vergroten door de ruimtelijk-economische structuur van
Nederland te versterken;
2. de bereikbaarheid verbeteren;
3. zorgen voor een leefbare en veilige omgeving met unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden.
Om een zorgvuldig gebruik van de schaarse ruimte te bevorderen, wordt een ladder voor
duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Dat betekent: eerst kijken of er vraag is naar een
bepaalde nieuwe ontwikkeling, vervolgens kijken of het bestaande stedelijk gebied of
bestaande bebouwing kan worden hergebruikt en, mocht nieuwbouw echt nodig zijn, altijd
zorgen voor een optimale (multimodale) bereikbaarheid. De provincies en de gemeenten
krijgen de ruimte om maatwerk te leveren.
Toetsing aan de SVIR
Het voornemen is in lijn met de ambities en doelen in de SVIR omdat ruimte binnen
bestaand stedelijk gebied wordt benut voor de uitbreiding van de productiecapaciteit van
een bestaande inrichting. Hiermee wordt ruimte binnen bestaand stedelijk gebied zo goed
mogelijk benut.
2.3.
Provincie Noord-Brabant
2.3.1.
Structuurvisie ruimtelijke ordening Noord-Brabant
Op 1 januari 2011 is de Structuurvisie ruimtelijke ordening Noord-Brabant in werking
getreden. De structuurvisie is opgebouwd uit twee delen (A en B) en een uitwerking.
Deel A en de sturingsfilosofie
Deel A bevat de hoofdlijnen van het beleid. In deel A zijn de centrale ruimtelijke opgaven
voor Noord-Brabant, de provinciale belangen en keuzes en de provinciale sturingsfilosofie
beschreven. Wat betreft dat laatste kiest de provincie nadrukkelijk voor het
subsidiariteitsbeginsel. Dat betekent dat de provincie geen werk doet dat medeoverheden
ook kunnen doen. De provincie onderscheidt daarbij vier manieren van sturen om haar
doelen te bereiken. Dat zijn regionaal samenwerken, ontwikkelen, beschermen en
stimuleren.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
7
De provincie doet mee in ontwikkelingen en focust op (boven)regionale opgaven en
afstemming. Het stellen van heldere kaders biedt duidelijkheid voor nieuwe ontwikkelingen
of voor een efficiënte uitvoering.
Deel B: ruimtelijke structuren
In deel B beschrijft de provincie vier ruimtelijke structuren: de groenblauwe structuur, het
landelijk gebied, de stedelijke structuur en de infrastructuur. Voor iedere structuur
formuleert de provincie ambities en beleid. Per beleidsdoel is aangegeven welke
instrumenten de provincie inzet om haar doelen te bereiken.
Afbeelding 2.1. Uitsnede structurenkaart Structuurvisie Noord-Brabant
8
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
In afbeelding 2.1 is zichtbaar dat Bergen op Zoom (inclusief het plangebied) binnen de
stedelijke structuur ligt en specifiek is aangeduid als stedelijk concentratiegebied. Ditzelfde
geldt voor de provinciale visiekaart (zie afbeelding 2.2). Met betrekking tot de stedelijke
structuur wil de provincie het volgende bereiken:
1. concentratie van verstedelijking;
2. inspelen op demografische ontwikkelingen;
3. zorgvuldig ruimtegebruik;
4. meer aandacht voor ruimtelijke kwaliteit;
5. betere verknoping van stedelijke ontwikkelingen aan de infrastructuur;
6. versterking van de economische kennisclusters.
Afbeelding 2.2. Uitsnede visiekaart Structuurvisie Noord-Brabant
Uitwerking
De provincie Noord-Brabant maakt uitwerkingen van de structuurvisie in gebiedspaspoorten (met een landschappelijke ontwikkelingsvisie) en deelstructuurvisies voor
diverse onderwerpen. Deze onderwerpen zijn:
- deelstructuurvisie LPM (Logistiek Park Moerdijk) en AFC (Agro & Food cluster Nieuw
Prinsenland);
- deelstructuurvisie Brainport Oost (ten oosten van Eindhoven);
- deelstructuurvisie de Levende Beerze (tussen Bergeijk en Den Bosch).
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
9
In de gebiedspaspoorten beschrijft de provincie twaalf Brabantse landschapstypen. Voor
elk geeft zij de kenmerkende landschapskwaliteiten en haar ambitie om deze kwaliteiten te
versterken bij nieuwe ontwikkelingen. Hiermee wil de provincie gemeenten en initiatiefnemers stimuleren om de kwaliteit van het Brabantse landschap te versterken. De
Uitwerking gebiedspaspoorten is niet verplichtend maar biedt een handreiking.
Het plangebied ligt op de grens van gebiedspaspoort Brabantse Wal en Zeekleigebied, zie
onderstaande afbeelding.
Afbeelding 2.3. Uitsnede Gebiedspaspoorten provincie Noord-Brabant
Bergen op Zoom
De ambities voor het zeekleigebied zijn:
1. het behoud van het contrast tussen de open grootschalige zeekleipolders en de
beboste steilrand van de Brabantse Wal en het kleinschalige landschap van de WestBrabantse venen;
2. het versterken van de zeekleipolders als grootschalig en open landbouwgebied;
3. het ontwikkelen van een robuust krekensysteem;
4. het ontwikkelen van dynamische natuurwaarden in de buitendijkse gebieden;
10
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
5. de cultuurhistorische waarden in hun samenhang verder ontwikkelen, beschermen en
toeristisch-recreatief ontsluiten;
6. het versterken van de ecologische waarden van het landschap door te sturen op te
behouden of te ontwikkelen kenmerken van het landschap;
7. al geplande grootschalige ontwikkelingen worden zorgvuldig ingepast en leveren een
bijdrage aan een nieuwe landschapskwaliteit.
De ambities voor de Brabantse Wal zijn:
1. ontwikkeling tot een samenhangend natuurgebied (provinciaal landschap én nationaal
park);
2. het versterken van het kleinschalige karakter van het oude zandontginningslandschap;
3. versterking van de kwaliteit en beleving van de steilrand van de Brabantse Wal;
4. de cultuurhistorische waarden van de Brabantse Wal in hun samenhang verder
ontwikkelen, beschermen en toeristisch-recreatief ontsluiten;
5. het versterken van de ecologische waarden van het landschap.
Relevante kenmerken in afbeelding 2.3 zijn kanaal en turfhaven (T). Ambities in relatie
hiertoe zijn versterking van de structuur van turfhavens. De Theodorushaven is niet
specifiek benoemd.
Toetsing aan de structuurvisie
Het voornemen draagt bij aan de provinciale beleidsdoelen concentratie van verstedelijking
en zorgvuldig ruimtegebruik door de benutting van bestaand stedelijk gebied voor de
uitbreiding van de productiecapaciteit van de inrichting.
Het plangebied is niet gelegen in één van de gebieden van bovengenoemde deelstructuurvisies en de ambities in de gebiedspaspoorten conflicteren niet met het voornemen.
2.3.2.
Verordening ruimte 2012 Noord-Brabant
Inhoud en functie van de verordening
In de Verordening ruimte staan regels waarmee een gemeente rekening moet houden bij
het ontwikkelen van bestemmingsplannen. Per onderwerp zijn in de verordening gebieden
tot op perceelniveau begrensd op een kaart. Hierdoor is duidelijk voor welke gebieden de
regels gelden. De volgende kaarten behoren bij de ruimtelijke verordening:
- cultuurhistorie;
- natuur en landschap;
- ontwikkeling intensieve veehouderij;
- overige agrarische ontwikkeling;
- stedelijke ontwikkeling;
- water.
Relevante regels
Het plangebied ligt alleen binnen het begrensde gebied met betrekking tot het onderwerp
met stedelijke ontwikkeling en is daarbij aangewezen als stedelijk concentratiegebied. In
artikel 3.7 van de verordening zijn regels vastgesteld voor bestaande bedrijventerreinen en
kantorenlocaties. Conform dat artikel geldt dat een besluit over de afwijking van een
bestemmingsplan een verantwoording bevat over de financiële, juridische of feitelijke
mogelijkheden voor herstructurering alsmede voor zorgvuldig ruimtegebruik.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
11
Toetsing aan de regels
Wat betreft de regels in artikel 3.7 van de verordening ruimte van de provincie NoordBrabant geldt het volgende:
- de financiële uitvoerbaarheid is beschreven in hoofdstuk 5 van dit document;
- de juridische mogelijkheden voor uitbreiding van de productiecapaciteit van de
inrichting worden gecreëerd door middel van een afwijking van het vigerende
bestemmingsplan;
- de feitelijke mogelijkheden zijn er doordat de bestaande bebouwing in het plangebied al
verwijderd is en het plangebied daarom geschikt is voor bebouwing;
- er is sprake van zorgvuldig ruimtegebruik door de benutting van bestaand stedelijk
gebied voor de uitbreiding van de productiecapaciteit van de inrichting en daaruit
volgende concentratie van verstedelijking.
2.4.
Gemeente Bergen op Zoom
2.4.1.
Structuurvisie Bergen op Zoom 2030
In onderstaande afbeelding is een uitsnede uit de structuurvisie van de gemeente
weergegeven.
Afbeelding 2.4. Uitsnede structuurvisie Bergen op Zoom
Het plangebied valt binnen het gebied bestaande bedrijventerreinen. Grootschalige en
zwaardere industrie is daarbij alleen mogelijk op bedrijventerrein Theodorushaven en
Noordland. Belangrijk daarbij is volgens de gemeente het bieden van doorgroeiruimte aan
bestaande bedrijven. De gemeente wil ook graag de beeldkwaliteit van werkgebieden
verbeteren, vooral daar waar de terreinen grenzen aan representatieve zijden van de stad
zoals de snelweg A4 en langs de hoofdwegenstructuur. Ook wil de gemeente op langere
termijn meer aandacht voor duurzaamheid en klimaatverandering door de aanleg van meer
structureel groen en water op bedrijventerreinen.
12
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
Impulsen zoals de ontwikkeling van een groene campus voor biobased economy op
bedrijventerrein Theodorushaven kunnen aanjagers zijn voor een schonere bedrijvigheid.
Via parkmanagement trekken overheid en ondernemers samen op, dit platform biedt
mogelijkheden om ambities gezamenlijk te realiseren.
Toetsing aan de structuurvisie Bergen op Zoom
Het voornemen past binnen de hoofdlijnen van het ruimtelijke beleid van de gemeente
Bergen op Zoom. Het voornemen beantwoordt specifiek aan de vestiging van grootschalige
en zwaardere industrie op bedrijventerrein Theodorushaven en Noordland.
Wat betreft beeldkwaliteit geldt dat het voornemen grenst aan de Randweg West,
onderdeel van de hoofdwegenstructuur van Bergen op Zoom. De nieuwbouw zal in gelijke
stijl worden gebouwd als de bestaande gebouwen. Er worden verder geen specifieke
maatregelen getroffen.
Wat betreft duurzaamheid en klimaatverandering geldt dat er in het productieproces
maatregelen worden getroffen. In ruimtelijke zin worden er geen maatregelen getroffen
(zoals de toevoeging van extra water of groen).
Bij het ontwikkelen en uitgeven van bedrijventerreinen op zowel Noordland/Theodorushaven (TNP) als Oude Molen is intensivering van grondgebruik een belangrijke doelstelling.
Lamb Weston/Meijer voldoet aan deze doelstelling door de uitbreiding van productielocatie
Bergen op Zoom te voorzien in bestaand stedelijk gebied.
2.4.2.
Bestemmingsplan Theodorushaven-Noordland
Het plangebied is gelegen binnen het bestemmingsplan Theodorushaven-Noordland en
heeft de bestemming ‘bedrijven II’(BII). Deze gronden zijn hoofdzakelijk aangewezen voor
industriële, ambachtelijke bedrijven en groothandelsbedrijven en bedrijven in de transporten distributiesector, voor zover deze bedrijven voorkomen in de milieucategorieën 3.1, 3.2,
4.1 en 4.2, en geluidzoneringplichtige inrichtingen. De bestemmingsregeling gaat uit van:
- de vestiging van nieuwe bedrijven;
- handhaving van reeds op het terrein aanwezige bedrijven.
In de voorschriften en op de plankaart zijn bepalingen opgenomen voor de
bouwmogelijkheden. Het betreft bepalingen voor de maximaal te bebouwen oppervlakte
(bebouwingspercentage), de hoogte van gebouwen en bouwwerken en de afstand van
bebouwing tot de weg (rooilijnen). Voor het gehele bedrijventerrein geldt een bebouwingspercentage van 80 %. De maximale hoogte is 18 m. De bouwgrens komt overeen met de
bestemmingsgrens. Zie ook de volgende afbeelding.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
13
Afbeelding 2.5. Uitsneden vigerend bestemmingsplan
Toetsing aan het bestemmingsplan
Het voornemen valt in de categorie 4.2 van de lijst van bedrijfsactiviteiten (bedrijfscategorie
‘vervaardiging van aardappelproducten’) behorende bij het bestemmingsplan en past op
grond daarvan binnen het vigerende bestemmingsplan. Echter, de functie ‘verkeer’ ter
plaatse van de Theodorusweg dient te worden gewijzigd naar ‘bedrijven II’ conform de
vigerende bestemmingen aan weerszijden van de weg.
2.4.3.
Ontwerp bestemmingsplan Nieuwe Vesting
Aan de Van Gorkumweg, tegenover het plangebied, is het Bestemmingsplan Nieuwe
Vesting in voorbereiding. Het ontwerp bestemmingsplan lag vanaf 3 juni 2013 zes weken
ter inzage. Het plangebied betreft het voormalige Nedalco-terrein en wordt globaal
begrensd door:
- de Van Gorkumweg aan de noordzijde;
- de Van Konijnenburgweg aan de west zijde;
- de Rijtuigweg aan de zuidzijde;
- de Wittouksingel en Smitsvest aan de oostzijde.
14
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
Afbeelding 2.6. Plangebied bestemmingsplan Nieuwe Vesting
Het gebied Nieuwe Vesting wordt een binnenstedelijk woongebied. Het plan omvat
transformatie van een bedrijventerrein naar een woongebied.
In de toelichting behorende bij het ontwerp bestemmingsplan is in het kader van het thema
‘bedrijven en milieuzonering’ onderzoek gedaan naar bedrijven op het industriegebied
Theodorushaven/Noordland. Dat onderzoek is beperkt tot bedrijven binnen een afstand van
200 meter tot de bestemming wonen in het bestemmingsplan Nieuwe Vesting. Hierbij is
geen rekening gehouden met de uitbreiding van Lamb Weston/Meijer.
In voorliggende ruimtelijke onderbouwing is nader ingegaan op het effect van de uitbreiding
van Lamb Weston/Meijer op de (toekomstige) woonbestemming.
2.5.
Conclusie
Geconcludeerd is dat het voornemen past binnen het planologische beleid op diverse
schaalniveaus. De belangrijkste en enige belemmering betreft de functie ‘verkeer’ in het
vigerende bestemmingsplan ter plaatse van de Theodorusweg. Door middel van een
omgevingsvergunning op grond van artikel 2.12 eerste lid onderdeel a, sub 3º van de Wet
algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) voor de activiteit bouwen in combinatie met
handelen in strijd met de regels voor ruimtelijke ordening en de activiteit milieu, wordt de
uitbreiding van de productiecapaciteit van de inrichting planologisch mogelijk gemaakt.
In deze ruimtelijke onderbouwing is rekening gehouden met de realisatie van woonfuncties
ten zuiden van het plangebied binnen het plangebied van het (ontwerp) bestemmingsplan
Nieuwe Vesting.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
15
16
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
3.
PLANOPZET EN RUIMTELIJKE STRUCTUUR
3.1.
Inleiding
Dit hoofdstuk beschrijft de gevolgen die de voorgenomen uitbreiding heeft voor:
- de stedenbouwkundige hoofdstructuur van bedrijventerrein Theodorushaven;
- de verkeersstructuur in de omgeving van de planlocatie;
- de groenblauwe structuur in de omgeving van de planlocatie.
3.2.
Stedenbouwkundige hoofdstructuur
Lamb Weston/Meijer heeft behoefte aan een ruime, goed bereikbare productielocatie op
een strategische locatie met voldoende parkeergelegenheid. De voorgenomen uitbreiding
brengt een wijziging aan in de bestaande stedenbouwkundige structuur van
bedrijventerrein Theodorushaven. De schaalvergroting die plaatsvindt door de verdubbeling
van de productielocatie van Lamb Weston/Meijer leidt tot het samenvoegen van twee
afzonderlijke bedrijfspercelen en het opheffen van de daar tussen in gelegen
Theodorusweg. De huidige stedenbouwkundige verkaveling neemt daardoor in schaal toe.
Deze schaalsprong past goed in de stedenbouwkundige structuur van de Theodorushaven,
dat grotendeels wordt ingenomen door bedrijven met een vergelijkbare omvang in
oppervlakte. De voorgenomen uitbreiding sluit daarom naar aard en omvang goed aan bij
de grootschalige bedrijfsactiviteiten op het bedrijventerrein Theodorushaven.
3.3.
Verkeer
In deze paragraaf zijn achtereenvolgens de verkeerskundige aspecten verkeersproductie
en -attractie, verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid, parkeren en openbaar vervoer
behandeld.
3.3.1.
Verkeersproductie en -attractie
Elke ruimtelijke ontwikkeling brengt een verandering van verkeersstromen met zich mee.
Dit geldt ook voor de uitbreiding van Lamb Weston/Meijer.
Huidige situatie
In de huidige situatie genereert de industriële activiteit van Lamb Weston/Meijer de in tabel
3.1 genoemde verkeersbewegingen per etmaal (gegevens zijn aangeleverd door Lamb
Weston/Meijer). Een verkeersbeweging betreft een enkele beweging van of naar het
bedrijf.
Tabel 3.1. Verkeersproductie Lamb Weston/Meijer in de huidige situatie
voertuigtype
vrachtwagens aanvoer aardappelen
07.00-19.00 uur 19.00-23.00 uur 23.00-07.00 uur
totaal
25
12
3
vrachtwagens afvoer product (frites en veevoer)
20
8
15
43
vrachtwagens aanvoer hulpstoffen en materialen
21
4
1
26
vrachtwagens afvoer van reststoffen
personeel
totaal
40
7
3
1
11
70
30
30
120
143
57
50
250
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
17
Toekomstige situatie
In de toekomstige situatie genereert de industriële activiteit van Lamb Weston/Meijer de in
tabel 3.2 genoemde verkeersbewegingen per etmaal (gegevens zijn aangeleverd door
Lamb Weston/Meijer). De totale door de productielocatie Bergen op Zoom gegenereerde
verkeersbewegingen nemen door de voorgenomen uitbreiding van de productiecapaciteit
met een factor 1,35 toe van 250 tot 337 verkeersbewegingen per etmaal, waarvan
137 vrachtauto’s en 200 personenauto’s.
Tabel 3.2. Verkeersproductie Lamb Weston/Meijer in de toekomstige situatie
voertuigtype
07.00-19.00 uur 19.00-23.00 uur 23.00-07.00 uur
vrachtwagens aanvoer aardappelen
30
10
20
60
vrachtwagens afvoer product (frites en veevoer)
30
10
20
60
vrachtwagens aanvoer hulpstoffen en materialen
10
0
0
10
4
1
2
7
personeel
100
50
50
200
totaal
174
71
92
337
vrachtwagens afvoer van reststoffen
3.3.2.
totaal
Verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid
Verkeersstructuur
De verkeersafwikkeling van vrachtwagens van en naar Lamb Weston/Meijer vindt plaats
via de hoofdtoegang aan de Vierlinghweg en een aantal secundaire toegangen (zie
afbeelding 3.1).
Afbeelding 3.1. Verkeersafwikkeling grotendeels via hoofdtoegang
18
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
Het personeel komt aan en vertrekt via een aparte ingang. Ook bezoekers en een aantal
kantoormedewerkers, die op eigen terrein parkeren op een aantal insteekplaatsen langs de
Vierlinghweg, gebruiken een andere ingang.
Verkeersafwikkeling
Wat betreft de verkeersafwikkeling geldt dat het product naar een externe opslag gaat aan
de Van Konijnenburgweg, ten westen van het bedrijf. Het verkeer naar deze locatie wordt
afgewikkeld via de Vierlinghweg en Van Gorkumweg. Een groot deel van het verkeer wordt
daarnaast afgewikkeld via de Synthesebaan en Randweg West. Er is geen aanleiding om
aan te nemen dat het extra verkeer van/naar het bedrijf in de nieuwe situatie tot knelpunten
wat betreft doorstroming leidt, vanwege de ruime, op vrachtwagens toegesneden
dimensionering van de wegen op het industrieterrein Theodorushaven.
Verkeersveiligheid
Wat betreft verkeersveiligheid geldt dat de wegen op het bedrijventerrein zijn ingericht voor
het gebruik door vrachtverkeer en dat de wegen weinig door fietsers wordt gebruikt. Voor
voetgangers zijn er aparte voetpaden. Op de overige routes van/naar het bedrijventerrein
(Lelyweg, Randweg West en Van Gorkumweg) zijn vrij liggende fietspaden aanwezig. Om
deze en bovenstaande redenen is er geen aanleiding om aan te nemen dat er belangrijke
verkeersveiligheidknelpunten ontstaan na de uitbreiding van de inrichting.
3.3.3.
Parkeren
Voor het personeel zijn op eigen terrein 112 parkeerplaatsen gesitueerd. Daarnaast
beschikt Lamb Weston/Meijer over 32 insteekplaatsen langs de Vierlinghweg aan de
voorzijde van de productielocatie, welke primair bestemd zijn voor kantoorpersoneel en
bezoekers. Het totale aantal van 144 parkeerplaatsen op eigen terrein is ruim voldoende
om tijdens wisselingen van de personeelsshifts de totale parkeervraag van personeel en
bezoekers op te vangen.
3.3.4.
Openbaar Vervoer
De planlocatie ligt nabij bushalte Burgerhout. Meerdere streekbussen rijden hier ieder uur
van en naar het centrum en omliggende plaatsen. De planlocatie is daarmee redelijk
ontsloten door het openbaar vervoer (zie afbeelding 3.2).
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
19
Afbeelding 3.2. De planlocatie ligt nabij bushalte Burgerhout
3.3.5.
Groen
De planlocatie is volledig bebouwd en herbergt geen groene elementen. Dit geldt ook voor
de in de openbare ruimte aanwezige parkeerplaatsen. Bomen of planten met een
beschermde status bevinden zich niet op de planlocatie.
20
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
4.
MILIEUASPECTEN
4.1.
Inleiding
In dit hoofdstuk worden de gevolgen beschreven van de voorgenomen functiewijziging op
de relevante milieuaspecten. Achtereenvolgens zijn dit bedrijven en milieuzonering, geur,
luchtkwaliteit, externe veiligheid, geluid, bodem, water, cultuurhistorie en archeologie en
natuur.
4.2.
Bedrijven en milieuzonering
Vergunningplicht Wabo
Met de invoering van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) zijn de
inrichtingen die vergunningplichtig of meldingplichtig zijn, opgenomen in bijlage 1,
onderdeel C van het Besluit omgevingsrecht (Bor). Indien een inrichting niet
vergunningplichtig is, valt deze onder de algemene regels van het Activiteitenbesluit
milieubeheer. Ten overvloede, een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer betreft een
activiteit die bedrijfsmatig is of een bedrijfsmatige omvang heeft, die continue is en
plaatsvindt binnen een zekere begrenzing.
Activiteitenbesluit milieubeheer
Sinds 1 januari 2008 is het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer van
kracht, sinds 1 januari 2013 het Activiteitenbesluit milieubeheer genoemd, kortweg het
Activiteitenbesluit. De voornaamste milieuhinder van de bedrijven die onder het
Activiteitenbesluit vallen, is de geluidshinder.
Toets
Het voornemen betreft de uitbreiding van een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer.
Daarnaast valt het bedrijf binnen categorie 9 van bijlage 1, onderdeel C van het Besluit
omgevingsrecht (Bor). Specifiek betreft het een inrichting voor ‘het vervaardigen, bewerken
of verwerken van voedingsmiddelen, genotmiddelen of grondstoffen daarvoor’.
Bovenstaande betekent dat het voornemen vergunningplichtig is. Ten behoeve van de
vergunningaanvraag is er onderzoek uitgevoerd naar de relevante aspecten geur,
luchtkwaliteit, externe veiligheid en geluid. De resultaten van dat onderzoek zijn in dit
rapport samengevat.
Daarnaast is het voornemen in het kader van het thema ‘bedrijven en milieuzonering’
getoetst op basis van de richtafstandenlijst van de VNG. Voorheen was het bedrijf
Mepavex gevestigd op de locatie van de uitbreiding van Lamb Weston/Meijer. Op basis van
de toelichting van het ontwerp bestemmingsplan Nieuwe Vesting betreft dit
‘goederenwegvervoerbedrijf (zonder schoonmaken tanks) met bedrijfsoppervlak > 1.000
vierkante meter’ en valt het bedrijf binnen milieucategorie 3.2. Het bedrijf Lamb
Weston/Meijer valt binnen milieucategorie 4.2. Dit betekent dat de richtafstanden in
beginsel wijzigen:
- voor geur van 0 meter naar 300 meter;
- voor stof van 0 meter naar 30 meter;
- voor geluid van 100 meter naar 200 meter;
- voor gevaar van 30 meter naar 50 meter;
- voor grootste afstand van 100 meter naar 300 meter.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
21
Hierbij geldt dat de uitbreiding van Lamb Weston/Meijer niet het gehele voormalige gebied
van Mepavex beslaat. De kortste afstand tussen het huidige terrein van Lamb Weston
Meijer en de woonbestemming binnen het bestemmingsplan Nieuwe Vesting is ruim 300
meter. De kortste afstand tussen het terrein van Lamb Weston/Meijer en de
woonbestemming binnen het bestemmingsplan Nieuwe Vesting is na de uitbreiding van het
bedrijf circa 30 meter korter. Dit betekent dat de woonbestemming in het bestemmingsplan
Nieuwe Vesting binnen de richtafstand voor geur valt (300 meter). Het thema geur is nader
onderzocht. De onderzoeksresultaten zijn beschreven in paragraaf 4.3. Geconcludeerd is
dat de voorgenomen bedrijfsuitbreiding geen belemmering vormt voor de toekomstige
woningbouw binnen het bestemmingsplan Nieuwe Vesting.
4.3.
Geur
In het kader van de aanvraag voor een omgevingsvergunning is onderzoek naar de
effecten van het voornemen op geur uitgevoerd (zie bijlage I) (betreft het rapport
‘Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom’ d.d. 6 augustus 2013).
4.3.1.
Toetsingskader
Het toetsingskader voor het aspect geur bestaat uit:
- lokaal beleid;
- rijksbeleid;
- de bijzondere regeling aardappelverwerkende industrie;
- BBT (best beschikbare technieken) referentiedocumenten (BREF).
Zie voor een uitgebreide toelichting het betreffende onderzoeksrapport.
4.3.2.
Uitgangspunten
In het geuronderzoek zijn twee scenario’s onderzocht:
- de huidige vergunde situatie;
- de aangevraagde situatie (het voornemen).
De gedetailleerde uitgangspunten (onder andere productie-uren en productiecapaciteit) zijn
vermeld in het onderzoeksrapport.
4.3.3.
Resultaten
In het onderzoek zijn eerst de geuremissies van de inrichting onderzocht. Vervolgens zijn
verspreidingsberekeningen uitgevoerd met het Nieuwe Nationaal Model versie Kema
Stacks 12.1. De geuremissies vormen de basis van de verspreidingsberekeningen voor
respectievelijk de vergunde situatie en de aangevraagde situatie.
Na uitbreiding van de productie zou de geurbelasting in beginsel evenredig toenemen met
de productie. Door middel van aanvullende geurreducerende maatregelen wordt juist een
afname van de geurbelasting bereikt. De maximale geurbelasting van de dichtstbijgelegen
aaneengesloten woonbebouwing langs de Halsterseweg is in de vergunde situatie
maximaal 1,6 ouE/m 3 als 98-percentiel (ou is een Europese geureenheid) (in dit geval gaat
het om de geurconcentratie per kubieke meter bij een 98-percentielwaarde, dit betekent dat
gedurende 98 % van de tijd de waarde van 1,6 ouE/m3 niet wordt overschreden). In de
aangevraagde situatie verbetert de geurbelasting bij de dichtstbijzijnde aaneengesloten
woonbebouwing tot een maximum van 1,3 ouE/m 3 als 98-percentiel.
22
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
In de vergunde situatie is de maximale geurbelasting in de omgeving van LWM 4,1 ouE/m 3
als 98-percentiel. In de aangevraagde situatie is de maximale geurbelasting die in de
omgeving van LWM zal optreden gedaald tot 1,9 ouE/m 3 als 98-percentiel.
Wat betreft de toekomstige woningbouw binnen het bestemmingsplan Nieuwe Vesting, is
geconcludeerd dat het voornemen geen belemmeringen oplevert. Ten eerste omdat de
afstand van het bedrijf tot de woonbestemming vanwege de bedrijfsuitbreiding (slechts)
circa 30 meter wordt verkleind, ten tweede omdat de berekende geurcontour vanwege het
bedrijf juist kleiner wordt na de uitbreiding en ten derde omdat de maximale geurbelasting
vanwege het bedrijf daalt na de uitbreiding.
4.3.4.
Conclusie
Het totale pakket aan geurreducerende maatregelen dat door de initiatiefnemer is genomen
en bij de aangevraagde uitbreiding wordt genomen, voldoet aan de Best Beschikbare
Technieken (BBT) en gaat zelfs nog verder dan dat. De resterende geurbelasting is na de
aangevraagde uitbreiding en na ingebruikname van de aanvullende geurreducerende
maatregelen te beschouwen als aanvaardbaar. Er wordt bovendien een afname van de
geurbelasting bereikt.
4.4.
Luchtkwaliteit
In het kader van de aanvraag voor een omgevingsvergunning is onderzoek naar de
effecten van het voornemen op luchtkwaliteit1 uitgevoerd (zie bijlage II).
4.4.1.
Toetsingskader
In de Wet milieubeheer titel 5.2 (‘Wet luchtkwaliteit’) zijn luchtkwaliteiteisen opgenomen
voor luchtverontreinigende stoffen in de buitenlucht. In onderhavige situatie zijn, op basis
van de emissies, vooral de stoffen stikstofdioxide (NO2) en fijn stof (PM10) relevant. Het
luchtkwaliteitonderzoek beperkt zich dan ook tot deze stoffen.
Tabel 4.1. Toetsingskader luchtkwaliteit
grenswaarde (ug/m3)
ingangsdatum
stof
criterium
NO2
jaargemiddelde concentratie
40
1 januari 2015 *
uurgemiddelde concentratie
200 **
1 januari 2015 ***
40
1 januari 2005
50****
11 juni 2011
(mag maximaal 18 keer per jaar worden overschreden)
PM10 *****
jaargemiddelde concentratie
etmaalgemiddelde concentratie
(mag maximaal 35 keer per jaar worden overschreden)
3
*
Tot die datum geldt een tijdelijke grenswaarde van 60 µg/m .
**
Hiervoor geldt als indicatorgrenswaarde: jaargemiddelde concentratie van 82 µg/m .
***
Tot die datum geldt een tijdelijke grenswaarde van 300 µg/m .
****
Hiervoor geldt als indicatorgrenswaarde: jaargemiddelde concentratie van 31,2 µg/m .
*****
Bij de beoordeling van de concentraties PM10 is in geval van grenswaardeoverschrijding een correctie toege-
3
3
3
staan voor zeezout. In dit rapport is niet gecorrigeerd voor zeezout.
1
Witteveen+Bos, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013 met referentie BOZ3553/nija4/002 d.d. 29 mei 2013.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
23
De vergunning kan worden verleend indien aannemelijk kan worden gemaakt dat:
- de inrichting, al dan niet in combinatie met maatregelen, niet in betekende mate
bijdraagt aan de luchtkwaliteit (Wm artikel 5.16.1.c), ofwel dat
- de luchtkwaliteit door de inrichting, al dan niet in combinatie met maatregelen, per
saldo verbetert of tenminste gelijk blijft (Wm artikel 5.16.1.b.1°), ofwel dat
- bij een beperkte verslechtering van de luchtkwaliteit vanwege de inrichting, de
luchtkwaliteit in een gebied rondom de inrichting per saldo verbetert (Wm artikel
5.16.1.b.2°). De verbetering en verslechtering zullen beide moeten gelden voor
overschrijdingssituaties en dienen te worden betrokken op de concentraties van NO2
en/of PM10, ofwel dat
- er geen grenswaarden worden overschreden (Wm artikel 5.16.1.a).
4.4.2.
Uitgangspunten
Ten gevolge van de voorgenomen activiteiten worden emissies van de stoffen NOx en
PM10 verwacht. De diverse verbrandingsinstallaties van LWM (industriële bronnen)
emitteren NOx en door het met de inrichting samenhangende wegverkeer wordt NOx en
PM10 geëmitteerd. Op basis van het type bron wordt het gehanteerde verspreidingsmodel
gekozen. Voor binnenstedelijk wegverkeer is het CARII-model versie 11.0 gehanteerd (mei
2012). Voor de industriële bronnen wordt gebruik gemaakt van het model KEMA Stacks
(versie 2012).
De totale concentraties in de omgeving van LWM bestaan uit de optelling van:
- de achtergrondconcentratie (op basis van de monitoringstool);
- de bijdrage van het lokale wegverkeer;
- de bijdrage van de bronnen van de inrichting.
De jaargemiddelde concentraties worden getoetst aan de grenswaarden zoals weergegeven in tabel 4.1. De relevante jaren zijn 2014, 2015 en 2020. Het jaar 2014 is gehanteerd
aangezien in dit jaar de revisievergunning wordt aangevraagd. Het jaar 2015 is relevant
aangezien dan de grenswaarden voor NO2 in werking treden. Het jaar 2020 is toegevoegd
om een doorkijk te geven naar de toekomstige situatie.
4.4.3.
Resultaten
NO2
Op de maatgevende locaties wordt voldaan aan de grenswaarden voor de jaargemiddelde
concentraties NO2, zie tabel 4.2. Overschrijding van de grenswaarde voor de uurgemiddelde concentratie NO2 wordt op basis van de jaargemiddelde concentraties niet
verwacht.
Tabel 4.2. Resultaten NO2
jaargemiddelde concentratie NO2 (ug/m3)
locatie
ID 2170
ID 2182
24
jaar
achtergrond
bijdrage verkeer
bijdrage industrie
totaal
grenswaarde
2014
21,6
1,7
2,6
25,9
60
2015
20,6
1,7
2,6
24,9
40
2020
17,5
1,7
2,6
21,8
40
2014
23,6
1,7
0,4
25,7
60
2015
22,6
1,7
0,4
24,7
40
2020
18,8
1,7
0,4
20,9
40
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
De maximale bijdrage van de industriële bronnen aan de NO 2 -concentraties in de
omgeving is 2,6 µg/m3 als jaargemiddelde. Deze maximale bijdrage treedt op ten
noordoosten van LWM. De maximale concentratiebijdragen van het personen- en
vrachtverkeer dat van en naar de inrichting rijdt is 1,7 µg NO2/m 3.
PM10
Op de maatgevende locaties wordt voldaan aan de grenswaarden voor de jaargemiddelde
concentraties PM10, zie tabel 4.3. Overschrijding van de grenswaarde voor de
uurgemiddelde concentratie NO2 wordt op basis van de jaargemiddelde concentraties niet
verwacht.
Tabel 4.3. Resultaten PM10
jaargemiddelde concentratie PM10 (ug/m3)
locatie
ID 2170
ID 2182
jaar
achtergrond
bijdrage verkeer
totaal
grenswaarde
2014
23,8
0,2
24,0
40
2015
22,8
0,2
23,0
40
2020
21,9
0,2
22,1
40
2014
22,9
0,2
23,1
40
2015
21,8
0,2
22,0
40
2020
21,1
0,2
21,3
40
De maximale concentratiebijdragen van het personen- en vrachtverkeer dat van en naar de
inrichting rijdt is 0,2 µg PM10/m 3 als jaargemiddelde.
4.4.4.
Conclusie
Uit de onderzoeksresultaten blijkt dat op de maatgevende locaties:
- wordt voldaan aan de grenswaarde voor de jaargemiddelde concentratie NO2;
- wordt voldaan aan de grenswaarde voor het aantal uren met een uurgemiddelde
concentratie boven 200 µg NO2/m 3;
- wordt voldaan aan de grenswaarde voor de jaargemiddelde concentratie PM10;
- wordt voldaan aan de grenswaarde voor het aantal dagen met een etmaalgemiddelde
concentratie boven 50 µg PM10/m 3.
De voorgenomen activiteit voldoet hiermee aan artikel 5.16, eerste lid, onder a van de Wet
milieubeheer. Het thema luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de realisatie van het
voornemen. De toekomstige woningbouw binnen het bestemmingsplan Nieuwe Vesting
heeft, mede gezien de lage concentratiebijdragen van LWM, geen invloed op deze
conclusie.
4.5.
Externe veiligheid
4.5.1.
Wettelijke kaders en beleid
Het transport, het gebruik, de opslag en de productie van gevaarlijke stoffen brengen
risico’s met zich mee door de mogelijkheid dat bij een ongeval gevaarlijke lading kan
vrijkomen. Het begrip externe veiligheid geeft inzicht in het risico voor omwonenden.
Indien risicobronnen aanwezig zijn in de nabijheid van risicogevoelige bestemmingen dient
dat meegewogen te worden bij de voorbereiding van ruimtelijke ontwikkelingen, zoals een
bestemmingsplan- of Wabo-projectbesluitprocedure.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
25
Het externe veiligheidsbeleid stelt twee doelstellingen centraal:
- de bescherming van individuen tegen de kans op verwonding of overlijden ten gevolge
van een ongeval (plaatsgebonden risico, PR);
- de bescherming van de samenleving tegen het ontwrichtende effect van een ramp met
een groter aantal slachtoffers (groepsrisico, GR).
Het plaatsgebonden risico is de kans per jaar dat een persoon dodelijk wordt getroffen door
een ongeval, indien hij zich permanent en onbeschermd op een bepaalde plaats bevindt.
Het groepsrisico is de kans per jaar dat in één keer een groep van een bepaalde grootte
dodelijk slachtoffer wordt van een ongeval met gevaarlijke stoffen.
4.5.2.
Inventarisatie en toets
Lamb Weston/Meijer
Lamb Weston/Meijer krijgt in de toekomstige situatie beschikking over een koelsysteem dat
bestaat uit drie ammoniakkoelinstallaties en volledig wordt ontworpen conform de richtlijn
PGS-13. De ammoniakkoelinstallaties vallen ieder separaat onder de werkingskracht van
het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). Conform de bijbehorende Regeling
externe veiligheid inrichtingen dienen de gevolgen van deze installaties voor de externe
veiligheid separaat te worden beoordeeld.
Afbeelding 4.1. Een van de ammoniakkoelinstallaties heeft een risicocontour
De inhoud van het totale koelsysteem is 7500 kg koelmiddel, en kent de volgende
specificaties.
Installatie nummer 1 heeft:
- een werktemperatuur van -4°C;
- een maximale hoeveelheid ammoniak van 2.775 kg;
26
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
-
een opstellingsuitvoering 2 conform tabel 6 van de Regeling externe veiligheid
inrichtingen (Revi);
een vloeistofleiding met een diameter van DN50.
Installatie nummer 2 heeft:
- een werktemperatuur van -32°C;
- een maximale hoeveelheid ammoniak van 4.700 kg;
- een opstellingsuitvoering 2 conform tabel 6 van de Regeling externe veiligheid
inrichtingen (Revi);
- een vloeistofleiding met een diameter van > DN80.
Installatie nummer 3 heeft:
- een werktemperatuur van -32°C;
- een maximale hoeveelheid ammoniak van 7.500 kg;
- een opstellingsuitvoering 2 conform tabel 6 van de Regeling externe veiligheid
inrichtingen (Revi);
- een vloeistofleiding met een diameter van ≤ DN80.
De bestaande installatie 1 is een type 2-installatie met een hoeveelheid ammoniak die
kleiner is dan 3.500 kg en kent een vloeistofleiding met een diameter ≤ DN80. Daarom
geldt voor installatie 1 conform de Regeling externe veiligheid inrichtingen (Revi) geen
afstandseisen en/of een aan te houden 10-6-plaatsgebonden risicocontour.
De bestaande installatie 3 is een type 2-installatie met een hoeveelheid ammoniak die
kleiner is dan 6.000 kg en kent een vloeistofleiding met een diameter ≤ DN80. Daarom
geldt voor installatie 3 conform de Regeling externe veiligheid inrichtingen (Revi) een
afstandseis en/of een aan te houden 10-6-plaatsgebonden risicocontour van 40 meter vanaf
de vloeistofleiding en 45 meter vanaf de machinekamer. Deze afstanden worden
gerespecteerd; er bevinden zich binnen deze afstanden geen kwetsbare of beperkt
kwetsbare objecten.
Installatie 2 valt echter buiten de Revi-tabel, omdat de vloeistofleiding naar de verdampers
groter is dan DN80. Om het risico van deze installatie te bepalen is er een QRA opgesteld.
Zie hiervoor de bijlage 4.06d, TNO-rapport R&I-A R2005/025, maart 2005 die is gevoegd
bij de aanvraag omgevingsvergunning. Het RIVM heeft op 22 juli 2005 geadviseerd om ten
opzicht van het resultaat van de risicoanalyse een zekerheidsmarge te hanteren en de
generieke veiligheidsafstand van 45 meter uit het Revi te hanteren. Met de conclusies uit
QRA en het advies van het RIVM heeft de vergunningverlener op 5 november 2010
ingestemd.
Verder zijn, voor het bepalen van de te hanteren minimale afstand tot (beperkt) kwetsbare
objecten, de volgende uitgangspunten gehanteerd:
- bij de bepaling van de veiligheidheidsafstand wordt uitgegaan van de grootste
installatie (7.500 kg NH3, werktemperatuur van -32 ºC, leidingdiameter <=DN80);
- bij plaatsing van drie installaties in één (bestaande) machinekamer dient er 20 meter
extra afstand gerekend wordt tot (beperkt) kwetsbare objecten ten opzichte van de
afstand zoals vermeld in Revi bijlage 1, tabel 6. Dit betekent een afstand van 65 meter
tot de machinekamer;
- bij plaatsing van de grootste (= nieuwe) installatie in een aparte machinekamer volstaat
de afstand uit REVI, bijlage 1, tabel 6. Dit is in dit geval 45 meter;
- voor vloeistofleidingen die door de buitenlucht lopen geld in dit geval (DN>50 en
DN<=80) een minimale afstand van 40 meter. Daar er binnen 65 meter van de
machinekamer mogelijk sprake is van (beperkt) kwetsbare objecten heeft Lamb
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
27
Weston/Meijer besloten de nieuwe koelinstallatie in een volledig separate
machinekamer te plaatsen. Daarmee kan de minimale afstand van 45 meter
gehanteerd worden. Deze afstand leidt niet tot een overlap met kwetsbare of beperkt
kwetsbare objecten, een daarmee een overschrijding van de grenswaarde van het
plaatsgebonden risico. Een overzichtstekening veiligheid is opgenomen in afbeelding
4.1.
Conform de Regeling externe veiligheid inrichtingen is er geen sprake van een
invloedsgebied voor de berekening van het groepsrisico rondom ammoniakkoelinstallaties.
Derhalve kan en hoeft geen inzicht te worden gegeven in de gevolgen van de uitbreiding
van de productielocatie Bergen op Zoom voor de omvang van het groepsrisico.
Risicobronnen in de omgeving
In de omgeving van Lamb Weston/Meijer bevinden zich de volgende andere risicobronnen
voor de externe veiligheid (zie afbeelding 4.2):
1. Sabic aan de Plasticslaan 1 in Bergen op Zoom;
2. Crealis Nederland BV aan de Van Konijnenburgweg 84 in Bergen op Zoom;
3. Nuplex Resins aan de Synthesebaan 1 in Bergen op Zoom;
4. Mevapex Logistics aan de Blankenweg 11 in Bergen op Zoom (Markiezaats Container
Terminal);
5. Gasleiding Z-526-10-KR-002;
6. Obot BV aan de Van Konijnenburgweg 40;
7. Akkermans Techniek aan de Lelyweg 50;
8. Pico Bello aan de Halsterweg 318;
9. transport van gevaarlijke stoffen over de weg.
Afbeelding 4.2. Risicobronnen in de omgeving van Lamb Weston/Meijer
Plaatsgebonden risico
De 10-6-plaatsgebonden risicocontouren van deze bedrijven, buisleidingen en wegen
overlappen niet met de planlocatie voor de voorgenomen uitbreiding, waardoor geen
sprake van een overschrijding van de grenswaarde van het plaatsgebonden risico (zie
tabel 4.4).
28
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
Groepsrisico
De productielocatie Bergen op Zoom ligt binnen de invloedsgebieden van enkele in tabel
4.4 genoemde risicobronnen. Als gevolg hiervan staan de werknemers van Lamb
Weston/Meijer onder invloed van een groepsrisico, dat overigens geldt voor alle
werknemers van industrieterrein Theodorushaven.
Het groepsrisico van de relevante inrichtingen ligt in alle gevallen ruim onder de
oriënterende waarde voor het groepsrisico. Het hoogste groepsrisico wordt veroorzaakt
door Nuplex en bedraagt 0,2 maal de oriënterende waarde. In alle andere gevallen
bedraagt het groepsrisico minder dan 0,1 maal de oriënterende waarde. Omdat het
voornemen niet leidt tot een significante toename van de bevolking in het plangebied, is
geconcludeerd dat er geen toename is van het groepsrisico als gevolg van het voornemen.
Omdat het plangebied is gelegen binnen het invloedsgebied van zogenaamde Beviinrichtingen, dient bij het nemen van een ruimtelijk besluit zoals een Wabo-projectbesluit,
op grond van het Bevi, een verantwoording van het groepsrisico te worden afgelegd door
de gemeente.
Tabel 4.4. Productielocatie Bergen op Zoom ligt binnen enkele invloedsgebieden
risicobron
Sabic (was GEP)
afstand tot Lamb
afstand LWM tot
Weston/Meijer (m)
10 -PR-contour (m)
-6
overlap
omvang
overlap
PR?
invloedsgebied (m)
GR?
1.450
980
nee
8.705
Crealis
940
800
nee
> 942
ja
Nuplex
350
100
nee
2.105
ja
Mevapex
670
490
nee
3.260
ja
2
0
nee
100
ja
Z-526-01-KR-022
ja
Obot
260
90
nee
94
nee
Akkermans
120
100
nee
n.v.t.
nee
Pico Bello
400
370
nee
150
nee
2
0
nee
200
ja
transport van
gevaarlijke stoffen
(Randweg Zuid,
Vierlinghweg)
Transport van gevaarlijke stoffen over de weg vindt plaats binnen een afstand van 200
meter tot de inrichting. De route voor gevaarlijke stoffen loopt vanaf de A4 naar het
industrieterrein Theodorushaven. De aanvoerroute en hoofdroute loopt via de Randweg
Noord naar de Lelyweg. Over de Randweg West vindt ook transport van gevaarlijke stoffen
plaats, maar de intensiteiten hiervan zijn beduidend lager dan de intensiteiten op de
Randweg Noord. Voor de randwegen zijn in het kader van eerdere bestemmingsplannen
risicoberekeningen uitgevoerd. Hieruit blijkt dat het groepsrisico minder dan 0,1 maal de
oriënterende waarde bedraagt. Omdat het voornemen niet leidt tot een significante
toename van de bevolking in het plangebied, is geconcludeerd dat er geen toename is van
het groepsrisico als gevolg van het voornemen. Omdat er geen toename is van het
groepsrisico en het groepsrisico minder dan 0,1 maal de oriënterende waarde bedraagt, is,
op grond van de Circulaire risiconormering vervoer gevaarlijke stoffen, verantwoording van
het groepsrisico, vanwege het transport van gevaarlijke stoffen over de weg, niet aan de
orde.
In de nabijheid van het plangebied is een hogedruk aardgasleiding gelegen. Het
plangebied is gelegen binnen het invloedsgebied van deze leiding. Voor diverse
buisleidingen in de omgeving van de haven is in het verleden een kwantitatieve
risicoanalyse uitgevoerd. Uit deze analyse blijkt dat het groepsrisico vanwege de aardgas-
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
29
leiding ruim onder 0,1 maal de oriënterende waarde ligt. Omdat het voornemen niet leidt tot
een significante toename van de bevolking in het plangebied, is geconcludeerd dat er geen
toename is van het groepsrisico als gevolg van het voornemen. Omdat er geen toename is
van het groepsrisico en het groepsrisico minder dan 0,1 maal de oriënterende waarde
bedraagt, is verantwoording van het groepsrisico, vanwege aanwezige buisleidingen, op
grond van het Besluit externe veiligheid buisleidingen, niet aan de orde.
Door de uitbreiding van de productielocatie van Lamb Weston/Meijer neemt het
groepsrisico per saldo af. Dit is een rechtstreeks gevolg van het feit dat de
personendichtheid op het perceel van Lamb Weston/Meijer daalt (zie ook tabel 4.5):
- tussen 2002 en 2013 daalde het aantal werknemers van Lamb Weston/Meijer op de
productielocatie Bergen op Zoom van 170 naar 145 medewerkers;
- het aantal medewerkers neemt na de voorgenomen capaciteitsuitbreiding slechts in
zeer beperkte mate toe, doordat de ploegendiensten uitbreiden van 35 tot circa 40 tot
45 personen per dagdeel. Het aantal kantoormedewerkers blijft gelijk;
- Lamb Weston/Meijer breidt uit op een deel van het perceel waarop tot 2003 een
grootschalig bedrijfspand gevestigd was van Mevapex. In dit pand werkten tot op het
laatst 39 personen. Het door Lamb Weston/Meijer te verwerven perceel beslaat
ongeveer 1/3 van het voormalige Mevapex-terrein en representeert daarom ongeveer
10 tot 15 personen;
- de nieuwbouw van Lamb Weston/Meijer leidt er daarom toe dat de personendichtheid
op dit perceel de personendichtheid van het voormalige Mevapex vervangt. Per saldo
neemt de gemiddelde personendichtheid op de percelen van Lamb Weston/Meijer
daarom af.
Tabel 4.5. Vergelijking personendichtheid huidige en toekomstige situatie
4.5.3.
huidige situatie
toekomstige situatie
LWM: ploegendiensten van 35 personen
LWM: ploegendiensten van 45 personen
LWM: circa 20 kantoormedewerkers
LWM: circa 20 kantoormedewerkers
Mevapex: 15 medewerkers
Mevapex: -
totaal: 70 personen
totaal: 65 personen
Conclusie
De uitbreiding van productielocatie Bergen op Zoom leidt niet tot een overschrijding van de
grenswaarde van het plaatsgebonden risico. Daarnaast is er geen sprake van een
invloedsgebied voor de berekening van het groepsrisico rondom ammoniakkoelinstallaties.
Door de uitbreiding van de productielocatie neemt het groepsrisico niet toe. De redenen
hiervoor zijn dat:
- het aantal personen dat zich in de inrichting bevindt door de voorgenomen
capaciteitsuitbreiding per saldo afneemt;
- de productielocatie uitbreidt op een thans braakliggend perceel, waarop tot voor kort
eveneens een grootschalig bedrijfspand gevestigd was.
Omdat het plangebied is gelegen binnen het invloedsgebied van zogenaamde Beviinrichtingen, dient bij het vaststellen van het nemen van een Wabo-projectbesluit, op grond
van het Bevi, een verantwoording van het groepsrisico te worden afgelegd door de
gemeente.
30
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
4.6.
Geluid
4.6.1.
Wettelijke kaders
LWM ligt op het volgens de Wet geluidhinder gezoneerde industrieterrein Theodorushaven.
De geluidbelasting van alle bedrijven op het gezoneerde industrieterrein samen mag op
een vastgestelde afstand de norm van 50 dB(A) niet overschrijden.
De vigerende (milieu)vergunning is afgegeven door de gemeente Bergen op Zoom op
31 oktober 2000. Voor geluid zijn hierin specifieke voorschriften opgenomen.
Toetsing aan de genoemde voorschriften moet geschieden overeenkomstig de Handleiding
meten en rekenen industrielawaai (VROM, 1999).
4.6.2.
Werkwijze
Zonetoets
Door de zonebeheerder (Omgevingsdienst Midden en West Brabant) is in het kader van
het vooroverleg over de uitbreiding van LWM een tussentijdse zonetoets uitgevoerd. Door
middel van de zonetoets is door Lamb Weston/Meijer (LWM) met de zonebeheerder
afgestemd over de akoestische inpasbaarheid van het voornemen. Het rekenmodel wat ten
grondslag ligt aan het akoestisch onderzoek ten behoeve van de vergunningaanvraag, is
door de omgevingsdienst in het zonebewakingsmodel van industrieterrein Theodorushaven
gevoegd. Hierbij is de geluidbelasting vanwege alle bedrijven op het industrieterrein in de
huidige situatie vergeleken met de geluidbelasting vanwege alle bedrijven op het
industrieterrein, inclusief de door LWM aangevraagde geluidsruimte. Uit deze berekening
blijkt dat de geluidbelasting vanwege het voornemen op enkele zonebewakingspunten met
ten hoogste 0,3 dB toeneemt en ter plaatse van enkele MTG- en woningpunten met ten
hoogste 0,2 dB respectievelijk 1,3 dB toeneemt (MTG staat voor maximaal toelaatbare of
toegestane geluidbelasting). De grenswaarden voor de zonebewakingspunten, de
woningen en de MTG-punten worden niet overschreden als gevolg van het voornemen en
de nieuwe geluidruimte. De omgevingsdienst concludeert hieruit dat het voornemen
inpasbaar is binnen de geluidzonde van het industrieterrein.
De gemeente heeft het ontwerp bestemmingsplan Nieuwe Vesting in procedure gebracht.
Het plangebied van dit bestemmingsplan is gelegen binnen de zone van het
industrieterrein. De geluidbelasting vanwege de voorgenomen uitbreiding van LWM op de
voorgenomen ontwikkelingen binnen het ontwerp bestemmingsplan Nieuwe Vesting is
onderzocht. Hieruit blijkt dat de voorgenomen ontwikkelingen akoestisch inpasbaar zijn.
De zonetoets door de omgevingsdienst is opgenomen in bijlage III van deze ruimtelijke
onderbouwing.
Akoestisch onderzoek
Om de geluidbelasting op de omgeving te kunnen bepalen is een akoestisch
overdrachtsmodel opgesteld conform de ‘Handleiding meten en rekenen industrielawaai’.
4.6.3.
Rekenresultaten
In tabel 4.6 zijn de rekenresultaten gegeven voor de langtijdgemiddelde
beoordelingsniveaus op de vergunningspunten A tot en met D. De waarden zijn vergeleken
met de waarden in de vigerende vergunning.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
31
Tabel 4.6. Equivalente geluidsbelasting op de vergunningspunten in dB(A)
dagperiode
immissiepunt
avondperiode
nachtperiode
berekend
vergund
berekend
vergund
berekend
vergund
A (woning)
44
45
44
45
44
44
B
50
52
49
52
49
52
C
67
63
60
63
58
62
D
51
51
51
51
49
51
Uit tabel 4.6 volgt dat de geluidsbelasting in de dagperiode op één punt de vergunde
waarden overschrijdt. Deze overschrijding wordt veroorzaakt doordat in de nieuwe situatie
het transport op korte afstand van dit punt plaatsvindt.
De langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus zijn tenminste gelijk of lager dan de
geluidniveaus die bij de zonetoets inpasbaar werden geacht door de zonebeheerder.
In tabel 4.7 zijn de rekenresultaten gegeven voor de maximale geluidniveaus op de
vergunningspunten A tot en met D. De waarden zijn vergeleken met de waarden in de
vergunning.
Tabel 4.7. Maximale geluidsniveaus op de vergunningspunten in dB(A)
dagperiode
immissiepunt
A (woning)
1
avondperiode
nachtperiode
49
49
49
B
1
55
55
55
C
2
75
75
75
D
2
66
66
66
De waarden uit de vigerende vergunning worden ter plaatse van de immissiepunten C en D
overschreden. Ter hoogte van de woning (immissiepunt A) wordt ruimschoots voldaan aan
de streefwaarde van maximaal 10 dB boven de equivalente geluidsbelasting.
Het project past binnen de vastgestelde geluidruimte van het gezoneerde industrieterrein.
Er is vanwege het project geen aanleiding om de bestaande zone te wijzigen. De zone reikt
niet over de toekomstige woongebieden binnen het bestemmingsplan Nieuwe Vesting.
Beide projecten vormen daarmee geen belemmering voor elkaar.
4.6.4.
Conclusies
Uit de resultaten van dit onderzoek volgt dat ter plaatse van één immissiepunt niet voldaan
kan worden aan de vigerende geluidvoorschriften voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau in de dagperiode. Ter plaatse van twee immissiepunten kan in de dag- avond en
nachtperiode niet voldaan worden aan de vigerende voorschriften voor de maximale
geluidniveaus.
Gezien de resultaten van de zonetoets en de bovenstaande rekenresultaten, is de situatie
naar verwachting inpasbaar.
In het kader van de voorschriftstelling in de vergunning is geadviseerd twee voorschriften te
wijzigen.
1
Maximale geluidniveaus worden bepaald door stationaire bronnen (equivalente geluidbelasting en 5dB).
2
Maximale geluidniveaus worden bepaald door overslaghandelingen.
32
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
4.7.
Bodem
De voorgenomen uitbreiding van Lamb Weston/Meijer vindt plaats op twee percelen:
- de locatie Vierlinghweg 25. Op dit perceel was tot voor kort een transportbedrijf
gevestigd. Dit bedrijf is vertrokken, en de gebouwen zijn gesloopt;
- de op te heffen Theodorusweg.
Uitsluitend voor het perceel Vierlinghweg 25 zijn bodemonderzoeken beschikbaar. Volgens
het landelijke bodemdocumentatiesysteem Bodemloket is het gehele perceel gesaneerd,
nadat hier na uitplaatsing van het transportbedrijf ernstige verontreinigingen werden
aangetroffen. De sanering is inmiddels voltooid. Dit betekent dat ten behoeve van de
uitbreiding van Lamb Weston/Meijer geen bodemonderzoek meer hoeft plaats te vinden, en
dat de kwaliteit van de bodem geschikt is voor het beoogde gebruik (Wet bodembescherming).
Ten aanzien van de op te heffen Theodorusweg is momenteel geen bodeminformatie
beschikbaar. Gezien het feit dat dit perceel meteen naast het gesaneerde perceel
Vierlinghweg 25 ligt, is het niet ondenkbaar dat zich hier bodemverontreinigingen bevinden.
De huidige eigenaar van deze grond, de gemeente Bergen op Zoom, heeft met Lamb
Weston/Meijer afgesproken dat het perceel geschikt voor de beoogde nieuwe bestemming
(industrie) wordt overgedragen. Concreet betekent dit dat meteen na verkoop door de
gemeente Bergen op Zoom een bodemonderzoek zal worden uitgevoerd. Mocht uit het
onderzoek blijken dat er een saneringsplicht is, dan zal de gemeente deze plicht op zich
nemen. Hierbij wordt uitgegaan van de terugsaneerwaarden gebaseerd op de
bodemkwaliteitskaart en bodembeheernota van de gemeente. Deze verplichting is door de
gemeente Bergen op Zoom en Lamb Weston/Meijer opgenomen in het concept
koopcontract en zal ook in het definitieve koopcontract opgenomen worden.
Daarmee kan worden geconcludeerd dat de voorgenomen inpassing van de uit te breiden
plant van Lamb Weston/Meijer niet leidt tot strijdigheid met de Wet bodembescherming.
Daarmee is het project planologisch haalbaar.
4.8.
Water
4.8.1.
Beleidskader
Beleid waterschap Brabantse Delta
Het waterschap Brabantse Delta is verantwoordelijk voor het waterbeheer in de gemeente.
Het gaat dan om de waterkwantiteit en -kwaliteitsbeheer, de waterkeringzorg, waterzuivering, het grondwaterbeheer, het waterbodembeheer en vaak ook het scheepvaartbeheer.
Het waterschap heeft de grondslag van haar beleid opgenomen in het waterbeheersplan
2010-2015, wat is afgestemd op Europees, nationaal en provinciaal beleid. Speerpunten uit
het waterbeheerplan zijn veiligheid, droge voeten, voldoende water, gezonde natuur,
schoon water, genieten van water en het waterschap als calamiteitenorganisatie. Het
waterschap heeft in een toetsingskader RO ‘De ruimte blauw geordend’ aangegeven wat
de ruimtelijke consequenties zijn van het waterbeleid.
Daarnaast heeft het waterschap waar nodig nog toegespitst beleid en beleidsregels op de
verschillende thema’s/speerpunten uit het waterbeheersplan en heeft het waterschap een
eigen verordening: de Keur en de legger.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
33
De Keur bevat gebods- en verbodsbepalingen met betrekking tot ingrepen die
consequenties hebben voor de waterhuishouding en het waterbeheer. De legger geeft aan
waar de waterstaatswerken liggen, aan welke afmetingen en eisen die moeten voldoen en
wie onderhoudsplichtig is. Veelal is voor deze ingrepen een watervergunning van het
waterschap benodigd. De Keur is onder andere te raadplegen via de site van waterschap
Brabantse Delta.
Het waterschap hanteert bij nieuwe ontwikkelingen het principe van waterneutraal bouwen,
waarbij gestreefd wordt naar het behoud of herstel van de ‘natuurlijke’ waterhuishoudkundige situatie. Vanwege dit principe wordt bij uitbreiding van verhard oppervlak voor de
omgang met hemelwater uitgegaan van de voorkeursvolgorde infiltreren, bergen, afvoeren.
De technische eisen en uitgangspunten voor het ontwerp van watersystemen zijn
opgenomen in de ‘beleidsregel hydraulische randvoorwaarden 2009’.
Watertoets
De watertoets is verplicht bij alle plannen voor landelijk en stedelijk gebied. De gemeente
doorloopt met het waterschap het watertoetsproces, dat bestaat uit advisering, toetsing en
goedkeuring door het waterschap. Het doel van de watertoets is waarborgen dat de
waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op evenwichtige wijze in beschouwing
worden genomen bij alle waterhuishoudkundig relevante ruimtelijke plannen en besluiten
van Rijk, provincies en gemeenten. Ruimtelijke plannen moeten voorzien zijn van een
waterparagraaf. Hiervoor moet het proces van de watertoets worden doorlopen. Het
waterschap kijkt of in een plan voldoende rekening is gehouden met de waterhuishouding
ter plaatse en geeft een wateradvies.
Het watertoetsproces is een belangrijk instrument om het waterbelang in ruimtelijke
plannen en besluiten te waarborgen. Het gaat daarbij om alle waterhuishoudkundige
aspecten, waaronder veiligheid, wateroverlast, watertekort, waterkwaliteit en verdroging, en
om alle wateren: rijkswateren, regionale wateren en grondwater. Het is niet een toets
achteraf, maar een proces dat de initiatiefnemer van een ruimtelijk plan en de
waterbeheerder tot elkaar brengt.
4.8.2.
Huidige situatie
Verharding
Het plangebied bestaat uit twee delen:
- de Theodorusweg;
- het terrein tussen de Vierlinghweg en de Theodorusweg.
Het terrein tussen de Vierlinghweg en de Theodorusweg is tijdelijk onverhard, in de periode
na de sloop van de bestaande gebouwen en de bouw van het nieuwe complex.
Uitgangspunt van deze waterparagraaf is dat het plangebied in de huidige situatie volledig
verhard is, zie ook onderstaande afbeelding 4.3.
34
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
Afbeelding 4.3. Luchtfoto plangebied
Bron: www.google.com.
Watersysteem
Er is in de huidige situatie geen sprake van onttrekking van grondwater of onttrekking van
oppervlaktewater.
Afvalwater wordt in de huidige situatie gezuiverd in de afvalwaterzuiveringsinstallatie op het
bestaande terrein. Het gezuiverde water wordt geloosd op de gemeentelijke riolering.
Hemelwater wordt in de huidige situatie deels direct afgevoerd naar het oppervlaktewater in
de aangrenzende haven. Deels gaat het hemelwater direct naar het gemeentelijke riool
(zoals water van parkeerplaatsen). Vervuild hemelwater wordt gezuiverd in de afvalwaterzuiveringsinstallatie op het terrein en vervolgens geloosd op de gemeentelijke riolering.
Waterbelangen
In de volgende afbeelding is een uitsnede opgenomen uit de ‘Watertoets viewer’ van het
waterschap Brabantse Delta.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
35
Afbeelding 4.4. Uitsnede Watertoets viewer
De Watertoets viewer geeft inzicht in de waterbelangen die in een plangebied spelen. Op
basis van bovenstaande afbeelding is duidelijk dat er in het plangebied geen
watergerelateerde functies of beschermingsregimes aanwezig zijn.
4.8.3.
Toekomstige situatie
Verharding
Op basis van artikel 4.9 van de Keur van het Waterschap Brabantse Delta is een
vergunning noodzakelijk voor het brengen van water in oppervlaktewaterlichamen van
hemelwater dat afkomstig is van verhard oppervlak van 2.000 m 2 of meer. In de vergunning
kan worden opgenomen dat een bufferende voorziening (retentie) vereist is. Gebaseerd op
bovenstaande informatie over de huidige situatie, wordt het verharde oppervlak niet
vergroot en is een watervergunning om die reden niet nodig.
Watersysteem
In de toekomstige situatie wordt het watersysteem uitgebreid en neemt het waterverbruik
toe. De volgende wijzigingen treden op:
- de drinkwaterinname verhoogd van 100 m 3/uur naar 200 m 3/uur;
- hetzelfde geldt voor de afvoer van afvalwater;
- er worden nieuwe koppelingen gemaakt met het gemeentelijke riool.
Waterbelangen
Er zijn in het plangebied geen specifieke waterbelangen aanwezig (zoals beschermingsgebieden of waterkeringen) waarmee rekening dient te worden gehouden.
36
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
4.8.4.
Conclusie
Op basis van bovenstaande informatie is er geen watervergunning noodzakelijk,
hoofdzakelijk om de volgende redenen:
- de oppervlakte van de verharding neemt niet toe;
- er wordt geen grond- of oppervlaktewater onttrokken;
- alleen hemelwater wordt direct geloosd op oppervlaktewater;
- er geen aanpassingen plaatsvinden aan het watersysteem, anders dan nieuwe koppelingen met het gemeentelijke riool;
- er spelen geen waterbelangen in het plangebied.
Hieruit volgt dat aan de voorwaarden voor het succesvol doorlopen van de watertoets
voldaan kan worden.
4.9.
Cultuurhistorie en archeologie
Bij ruimtelijke ontwikkelingen dient rekening te worden gehouden met het thema
cultuurhistorie. Cultuurhistorie bestaat uit drie aspecten:
- historische geografische waarden, zoals landschappelijke kenmerken, verkaveling en
dijken;
- historische stedenbouwkundige waarden, waaronder monumenten en stedenbouwkundige patronen en kwaliteiten;
- archeologie ofwel de ondergrondse cultuurhistorie.
Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) schrijft voor dat in ruimtelijke plannen een
inventarisatie van cultuurhistorie moet plaatsvinden. Ook moet er een gedegen afweging
plaatsvinden indien cultuurhistorie mogelijk wordt geraakt in de plannen. Op grond van de
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is voor het aantasten van monumenten (zowel
gebouwen, landschappelijke elementen en archeologie) een vergunning nodig.
In het plangebied zijn geen monumenten aanwezig. Er zijn verder geen specifieke
cultuurhistorische waarden aanwezig. Op basis van de informatie van de provincie NoordBrabant zijn er in het plangebied ook geen archeologische waarden, archeologische
monumenten, archeologische verwachtingswaarden of aardkundige waarden in het
plangebied. Zie ook de volgende afbeelding. Nader onderzoek naar archeologische
waarden is op basis van deze informatie niet nodig.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
37
Afbeelding 4.5. Uitsnede aardkundige waardenkaart Noord-Brabant
4.10.
Natuur
Tijdens de voorbereiding van ruimtelijke plannen dient de initiatiefnemer inzicht te geven in
de gevolgen die zijn plan heeft voor de natuur. Achtereenvolgens is hieronder nader
ingegaan op het volgende:
- effecten op Ecologische Hoofdstructuur (EHS);
- effecten op Natura 2000-gebieden;
- effecten op flora en fauna;
- beheersmaatregelen.
4.10.1. Ecologische hoofdstructuur (EHS)
De ecologische hoofdstructuur (EHS) is een netwerk van natuurgebieden en
verbindingszones. De regels rondom bescherming van de EHS zijn beschreven in de
provinciale verordening ruimte van 2012. Hieronder is kort ingegaan op de potentiële
effecten van het voornemen op de EHS en is het voornemen getoetst aan de regels in de
verordening van de provincie Noord-Brabant.
Binnen Bergen op Zoom zijn enkele EHS gebieden aanwezig (zie afbeeldingen 4.6 en 4.7).
38
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
Afbeelding 4.6. Beheertypen EHS provincie Noord-Brabant
Afbeelding 4.7. Ambitiekaart EHS provincie Noord-Brabant
Het voornemen is niet gelegen binnen de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Conform de
provinciale verordening ruimte, artikel 4.2, lid 4, geldt echter ook dat de effecten van een
bestemmingsplan buiten de EHS moeten worden beoordeeld: ‘een bestemmingsplan dat is
gelegen buiten de ecologische hoofdstructuur en dat leidt tot een aantasting van de
ecologische waarden en kenmerken van de ecologische hoofdstructuur, strekt ertoe dat de
negatieve effecten waar mogelijk worden beperkt en de overblijvende, negatieve effecten
worden gecompenseerd waarbij wordt voldaan aan de regels inzake het compenseren van
verlies van ecologische waarden en kenmerken bedoeld in artikel 4.11’. Artikel 4.11
beschrijft in dat kader de regels inzake een compensatieplan. In artikel 4.12 staat dat ‘door
compensatie mag geen netto verlies ontstaan aan ecologische waarden en kenmerken van
het desbetreffende gebied in termen van areaal, kwaliteit en samenhang.’ Er dient daarmee
gekeken te worden naar effecten die invloed kunnen hebben op de kwaliteit van EHS,
naast (ruimtelijke) effecten op areaal en samenhang.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
39
De negatieve effecten van het voornemen op de kwaliteit van de EHS zijn mede afhankelijk
van de waarden en kenmerken van de EHS-gebieden en de afstand van het plangebied tot
de EHS (in dit geval circa 1 tot 2 km). Negatieve effecten als gevolg van geluid of licht
kunnen, gezien de afstand tot de EHS-gebieden, worden uitgesloten.
De uitstoot van schadelijke stoffen door Lamb Weston/Meijer heeft een negatief effect op
nabijgelegen, stikstofgevoelige EHS-gebieden, die eveneens Natura 2000-gebieden zijn.
4.10.2. Natura 2000-gebieden
De Natuurbeschermingswet (Nbwet) biedt de juridische basis voor de aanwijzing van te
beschermen gebieden en landschapsgezichten, vergunningverlening, schadevergoeding,
toezicht en beroep. De Nbwet heeft als doel het beschermen en in stand houden van
bijzondere natuurgebieden. De gebiedsbescherming is geïmplementeerd in de Nbwet voor
wat betreft Natura 2000-gebieden en Beschermde Natuurmonumenten. Nederland past
een vergunningstelsel toe bij de bescherming van Natura 2000-gebieden. De provincie is
bevoegd gezag voor de vergunningverlening in het kader van de Nbwet. Projecten of
andere handelingen, die gelet op de instandhoudingdoelen van Natura 2000-gebieden,
verslechterende of significant verstorende gevolgen hebben op de beschermde natuur in
een Natura 2000-gebied, zijn vergunningplichtig volgens artikel 19d, lid 1 van de Nbwet.
In de omgeving van Bergen op Zoom zijn enkele Natura 2000-gebieden aanwezig, zie
onderstaande afbeelding.
Afbeelding 4.8. Overzicht Natura 2000-gebieden
De Natura 2000-gebieden in de omgeving van Bergen op Zoom overlappen voor een
belangrijk deel de EHS-gebieden. De afstand van het plangebied tot de Natura 2000gebieden is circa 1,5 tot 2 km. Opnieuw geldt dat negatieve effecten als gevolg van geluid
of licht, gezien de afstand tot de Natura 2000-gebieden, kunnen worden uitgesloten.
40
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
De uitstoot van schadelijke stoffen door Lamb Weston/Meijer heeft een negatief effect op
nabijgelegen, stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. Daarom wordt in het kader van het
voornemen een Natuurbeschermingswetvergunning aangevraagd.
4.10.3. Flora en fauna
Vanuit de Flora- en Faunawet is een initiatiefnemer van ruimtelijke ingrepen of
functiewijzigingen verplicht om op de hoogte te zijn van mogelijk voorkomende beschermde
natuurwaarden binnen het plangebied. Het doel van de Flora- en Faunawet is het in stand
houden van de inheemse flora en fauna. Door, voorafgaand aan ruimtelijke ingrepen, stil te
staan bij aanwezige natuurwaarden, kan schade aan beschermde soorten worden
voorkomen of beperkt. Indien schade niet te voorkomen is, is een ontheffing ex artikel 75
van de Flora- en Faunawet noodzakelijk.
Het voornemen is gelegen binnen een bestaand industriegebied. Het plangebied is in de
huidige situatie geheel versteend en gedeeltelijk in gebruik als opslag voor
bouwmaterialen. Hieruit volgt dat geen sprake is van een structurele aanwezigheid van
beschermde soorten. De voorgenomen uitbreiding van de productielocatie Bergen op
Zoom leidt niet tot een overtreding van de verbodsbepalingen van de Flora- en Faunawet.
4.10.4. Conclusie
De voorgenomen uitbreiding van de productielocatie Bergen op Zoom leidt niet tot een
overtreding van de verbodsbepalingen van de Flora- en Faunawet.
De uitstoot van schadelijke stoffen door Lamb Weston/Meijer heeft een negatief effect op
nabijgelegen, stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. Daarom wordt in het kader van het
voornemen een Natuurbeschermingswetvergunning aangevraagd.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
41
42
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
5.
MAATSCHAPPELIJKE EN ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID
5.1.
Inleiding
Dit hoofdstuk beschrijft de manier waarop de initiatiefnemer en de gemeente Bergen op
Zoom de maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid van de voorgenomen
functiewijziging borgen.
5.2.
Economische uitvoerbaarheid
De economische uitvoerbaarheid wordt door de initiatiefnemer gewaarborgd.
5.3.
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Ten behoeve van de planologische inpassing van het project wordt bij gemeente Bergen op
Zoom een omgevingsvergunning op grond van artikel 2.12 eerste lid onderdeel a, sub 3º
van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) voor de activiteit bouwen in
combinatie met handelen in strijd met de regels voor ruimtelijke ordening en de activiteit
milieu aangevraagd. Voorliggende ruimtelijke onderbouwing dient ter onderbouwing van
deze aanvraag. De ontwerp omgevingsvergunning zal zes weken ter inzage worden gelegd
voor zienswijzen. Mogelijk geven deze zienswijzen aanleiding tot wijzigingen in het plan of
de omgevingsvergunning. Na eventuele wijzigingen wordt de omgevingsvergunning door
het college van burgemeester en wethouders verleend. Hierna staat de vergunning zes
weken open voor bezwaar.. Wanneer geen bezwaar wordt ingediend, is het plan na deze
periode onherroepelijk.
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
43
44
Witteveen+Bos, BOZ35-50/13.001.130 definitief 03 d.d. 13 december 2013, Uitbreiding productielocatie Bergen op Zoom ruimtelijke
onderbouwing
BIJLAGE I
ONDERZOEK GEUR
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-50/13.001.130 d.d. 13 december 2013
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-50/13.001.130 d.d. 13 december 2013
Lamb Weston/Meijer v.o.f.
Geuronderzoek
productielocatie Bergen op Zoom
augustus 2013
INHOUDSOPGAVE
blz.
1. INLEIDING
1
2. TOETSINGSKADER
2.1. Rijksbeleid en lokaal geurbeleid
2.2. Bijzondere regeling aardappelverwerkende industrie
2.3. Hindersystematiek
2.4. Resultaat BREF Food, Drink and Milk Industries
3
3
3
4
5
3. GEUREMISSIE EN GEURVERSPREIDING
3.1. Scenario’s
3.2. Geuremissies
3.2.1.
Vergunde situatie
3.2.2.
Aangevraagde situatie
3.3. Verspreidingsberekeningen
3.3.1.
Invoergegevens verspreidingsberekeningen
3.3.2.
Geurbelasting en hedonische waarden
3.3.3.
Resultaten verspreidingsberekeningen
9
9
9
9
10
11
11
11
12
4. GEURREDUCERENDE MAATREGELEN (BBT)
4.1. Reeds genomen geurreducerende maatregelen
4.2. Aanvullende geurreducerende maatregelen
4.3. Evaluatie
13
13
13
14
5. CONCLUSIES
15
6. REFERENTIES
17
laatste bladzijde
17
BIJLAGEN
I
Scenariofiles verspreidingsberekeningen
II
Geurcontouren
III
Overzicht afgasstromen aangevraagde situatie
aantal blz.
6
3
1
1.
INLEIDING
Lamb Weston/Meijer v.o.f. (verder: LWM) heeft plannen om de productie uit te breiden op
de locatie te Bergen op Zoom. De beoogde uitbreiding zou effect kunnen hebben op de
geuremissie en ook op de geurbelasting van de omgeving. In het vooroverleg met de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (verder: OMWB) heeft de OMWB aangegeven dat
de geurbelasting bij een eventuele uitbreiding van de productie binnen de nu vergunde
geurcontouren moet blijven. Dit betekent dat de toename van de geuremissie door de uitbreiding zal worden gecompenseerd met aanvullende geurreducerende maatregelen.
De uitbreidingsplannen die de basis vormen van het voorliggende geuronderzoek worden
als volgt kort omschreven (zie ook de vergunningaanvraag WABO bijlage: B200c):
- realisatie van een tweede lijn voor gebakken aardappelproducten, waardoor de totale
hoeveelheid gebakken aardappelproducten met 70 % toeneemt;
- de vlokkenlijn wordt in capaciteit uitgebreid van 1 ton/h naar 3 ton/h;
- de mogelijkheid om 100 % van de tijd gebatterd product (spicy wedges) te kunnen produceren blijft gehandhaafd;
- het totale aardappelverbruik door de uitbreidingen van zowel gebakken product als
vlokken wordt hiermee verdubbeld naar circa 500.000 ton per jaar.
In dit geuronderzoek, dat als bijlage bij de aanvraag omgevingsvergunning is gevoegd,
worden de effecten op de geurbelasting van de omgeving inzichtelijk gemaakt. In hoofdstuk
2 wordt het toetsingskader beschreven dat van belang is bij de beoordeling van de geursituatie rond LWM. In hoofdstuk 3 worden de geuremissies gekwantificeerd en wordt de
geurbelasting van de omgeving in kaart gebracht. Hoofdstuk 4 bevat een overzicht en een
evaluatie van geurreducerende maatregelen. De conclusies zijn beschreven in hoofdstuk 5.
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
1
2
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
2.
TOETSINGSKADER
2.1.
Rijksbeleid en lokaal geurbeleid
De gemeente Bergen op Zoom heeft geen eigen lokaal geurbeleid vastgelegd. Voor de situatie rond LWM is daarom alleen het Rijksbeleid van toepassing. Het Rijksbeleid inzake
geur is vastgelegd in een brief van de minister van Volkshuisvestiging, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (d.d. 30 juni 1995, kenmerk LE/LV/AJS95.16B), die integraal is overgenomen in de NeR [ref. 2.].
Als algemeen uitgangspunt wordt sindsdien gehanteerd het voorkomen van (nieuwe) hinder. Als er geen hinder is, zijn maatregelen om emissies te voorkomen niet nodig. De mate
van hinder kan onder andere worden bepaald via een klachtenregistratie of een Telefonisch Leefsituatie Onderzoek (TLO). Als er wel sprake is van hinder, geldt dat de uitworp
van geur dient te worden voorkomen, dan wel zoveel als redelijkerwijs mogelijk te worden
beperkt (zie NeR).
De mate van hinder die aanvaardbaar is, wordt vastgesteld door het bevoegd bestuursorgaan. Daarbij wordt het effect van mogelijke hinderbestrijdingsmaatregelen afgewogen tegen de mate van resulterende resthinder en de aan de maatregelen verbonden kosten.
Deze methode staat tevens beschreven in de ‘Handleiding geur’ [ref. 7.]. Indien een bedrijfstakstudie is uitgevoerd, dient het bevoegd bestuursorgaan de resultaten hiervan, zoals
weergegeven in de Bijzondere Regelingen van de NeR, rekening te houden. In de Bijzondere Regelingen is op basis van overleg tussen de Rijksoverheid en het bedrijfsleven op
brancheniveau aangegeven welk effect met specifieke maatregelen kan worden bewerkstelligd. Voor de aardappelverwerkende industrie is een brancheonderzoek uitgevoerd
[ref. 3]. De Bijzondere Regeling B8 Aardappelverwerkende industrie uit de NeR is een samenvatting van dit onderzoek [ref. 4.]. Het resultaat hiervan wordt in paragraaf 2.2 beschreven.
Ook de Europese Commissie organiseert de uitwisseling van informatie tussen de lidstaten
en de betrokken bedrijfstakken over de beste beschikbare technieken, de daarmee samenhangende controlevoorschriften en de ontwikkelingen op dat gebied. Het resultaat daarvan
is terug te vinden in de BREF's - de BBT referentie documenten. Voor de voedingsmiddelenindustrie en de zuivelindustrie is in augustus 2006 [ref. 5.] een BREF verschenen. Het
resultaat daarvan voor de aardappelverwerkende industrie is in paragraaf 2.4 van dit
rapport beschreven.
2.2.
Bijzondere regeling aardappelverwerkende industrie
De bijzondere regeling aardappelverwerkende industrie is van toepassing op IPPCinrichtingen en dus ook op LWM. In het brancheonderzoek is geen relatie vastgelegd tussen de geurbelasting en de mate van hinder. Wel is een basispakket van standaardmaatregelen vastgesteld, waarmee geurhinder normaliter in voldoende mate kan worden voorkomen. De maatregelen hebben betrekking op de belangrijkst geachte bronnen. Het standaard maatregelenpakket staat vermeld in tabel 2.1.
Tabel 2.1. Standaardmaatregelen aardappelverwerkende industrie
productgroep
bronnen
maatregelen
criteria
frites en specialiteiten
koelen
recirculatie met koudemiddel
bij renovatie of vervanging koeltunnel
bakken
condensor
tuit maximaal 85 °C
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
3
Indien de standaardmaatregelen niet toereikend zijn voor het wegnemen van hinder, kunnen aanvullende maatregelen nodig zijn. Als additionele maatregelen worden in de Bijzondere Regeling genoemd:
- schoorsteenverhoging;
- biofilters;
- gaswassers;
- verbranding.
De afvalwaterzuivering is niet in deze regeling opgenomen omdat deze geen geurhinder
veroorzaakt mits goed ontworpen, geïnstalleerd en bedreven.
2.3.
Hindersystematiek
Zoals in paragraaf 2.2 is beschreven, is er in het brancheonderzoek geen relatie gelegd
tussen de geurbelasting en de mate van hinder. Het vaststellen van het toetsingskader
voor een specifieke situatie is daarom maatwerk.
In de Handleiding Geur [ref. 7.] en ook in paragraaf 3.6 van de NeR is de hindersystematiek beschreven waarmee het aanvaardbaar geurhinderniveau voor een specifieke situatie
moet worden vastgesteld. De Handleiding Geur is bedoeld om het bepalen van een aanvaardbaar hinderniveau zoveel mogelijk te harmoniseren. Het bepalen van een aanvaardbaar hinderniveau bestaat enerzijds uit een onderzoek naar de geursituatie en het hinderniveau. Anderzijds bestaat het uit een overweging en beoordeling wat aanvaardbaar is. De
overwegingen die op lokaal niveau kunnen spelen om te komen tot een afgewogen beslissing zijn wegens het specifieke karakter hiervan niet in de Handleiding Geur uitgewerkt, de
van belang zijnde aspecten wel.
Het aanvaardbaar hinderniveau wordt uiteindelijk door het bevoegd gezag vastgesteld. Indien sprake is van een bedrijf uit een bedrijfstak waarvoor een Bijzondere Regeling in de
NeR is opgenomen, wordt de Bijzondere Regeling voor de desbetreffende bedrijfstak gevolgd. Indien geen Bijzondere Regeling van toepassing is, of wanneer deze niet toereikend
is, wordt door het bevoegd gezag zelf een afweging gemaakt. Bij de afweging of het hinderniveau aanvaardbaar is moet de mate van hinder die door het initiatief wordt veroorzaakt worden afgewogen tegen de inspanningen die de initiatiefnemer moet leveren om de
hoeveelheid hinder te verminderen.
De inspanningen van de initiatiefnemer moeten conform BBT zijn. In de afweging of het
hinderniveau aanvaardbaar is zijn onder andere de volgende aspecten van belang:
- het toetsingskader;
- de geurbelasting ter plaatse van geurgevoelige objecten;
- de aard en de waardering van de geur;
- het klachtenpatroon;
- de huidige en verwachte hinder;
- de technische en financiële consequenties van de (voorgenomen en andere mogelijke)
maatregelen en de gevolgen daarvan voor andere emissies;
- of de getroffen maatregelen voor luchtemissies overeenkomstig de BBT conclusies uit
de BREF’s en nationale BBT-documenten zijn;
- de lokale situatie waarin onder meer de planologische ruimte, sociaaleconomische aspecten (bijvoorbeeld consequenties voor de werkgelegenheid) en andere lokale afwegingen een rol spelen;
- de historie van het bedrijf in zijn omgeving;
- toekomstige ontwikkelingen in de bedrijfstak en de leefomgeving.
4
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
De resultante van dit uitgebreide afwegingsproces is een besluit van het bevoegd gezag
over het zogenaamde aanvaardbaar hinderniveau; de daarvoor toegepaste technieken zijn
BBT voor geur. Er is geen ‘formule’ voor hoe zwaar elk van de aspecten uit bovenstaande
opsomming meeweegt.
In de NTA 9065 [ref. 8.] zijn methoden opgenomen waarmee een beeld van het hinderniveau verkregen kan worden. Methoden voor indicatief onderzoek (inzicht) zijn: klachtenregistratie, klachtenanalyse, inspraakprocedures, vergelijkbare studies, literatuur, eigen
veldwaarnemingen. Methoden voor nader onderzoek zijn: klachtenanalyse, belevingsonderzoek, hinderenquêtes (TLO), omgevingspanel, emissiemetingen met verspreidingsberekeningen, hedonische schaal, eigen waarneming en snuffelploegen. Combinaties van methoden zijn eveneens mogelijk: snuffelploegmetingen met klachtenanalyse, snuffelploegmetingen met hedonische schaal, emissiemetingen met verspreidingsberekeningen in
combinatie met hedonische schaal, hinderenquêtes (TLO), immissiegegevens van vergelijkbare situaties, belevingsonderzoeken/of klachtenanalyse.
2.4.
Resultaat BREF Food, Drink and Milk Industries
De IPPC-richtlijn [ref. 6.] verplicht de lidstaten van de EU om bedrijven met een relatief hoge milieubelasting te reguleren middels een integrale vergunning gebaseerd op de beste
beschikbare technieken (BBT). In Nederland is de richtlijn in de Wet milieubeheer (Wm) en
in de Wet verontreiniging oppervlaktewateren (Wvo) geïmplementeerd. Om de uitwisseling
van informatie tussen de lidstaten en de betrokken bedrijfstakken over de beste beschikbare technieken te bevorderen, worden door de Europese Commissie zogenaamde BREF's de BBT referentie documenten - uitgegeven. Voor de voedingsmiddelenindustrie en de zuivelindustrie is in augustus 2006 [ref. 5.] een BREF verschenen.
In paragraaf 5.1.5 van BREF zijn de technieken beschreven die als BBT worden beschouwd om emissies naar de lucht te minimaliseren in de FDM sector:
5.1.5 Minimisation of air emissions
Air emissions arise from various sources during processing and cleaning and from the drying of FDM materials.
Process-integrated BAT which minimise air emissions by the selection and use of substances and techniques should be applied. The selection of air emission abatement techniques can then be made, if further control is required.
To prevent air emissions from FDM installations, BAT is to do the following:
1. apply and maintain an air emissions control strategy (see Section 4.4.1) incorporating:
1.1 definition of the problem (see Sections 4.4.1.1 and 4.4.1.1.1)
1.2 an inventory of site emissions, including, e.g. abnormal operation (see Sections
4.4.1.2 and 4.4.1.2.1)
1.3 measuring the major emissions (see Sections 4.4.1.3 and 4.4.1.3.1)
1.4 assessing and selecting the air emission control techniques (see Section 4.4.1.4)
2. collect waste gases, odours and dusts at source (see Section 4.4.3.2) and duct them to
the treatment or abatement equipment (see Section 4.4.3.3)
3. optimise the start-up and shut-down procedures for the air emission abatement equipment to ensure that it is always operating effectively at all of the times when abatement is
required (see Sections 4.4.3.1)
4. unless specified otherwise, where process-integrated BAT which minimise air emissions
by the selection and use of substances and the application of techniques do not achieve
emission levels of 5 – 20 mg/Nm3 for dry dust, 35 – 60 mg/Nm3 for wet/sticky dust and <50
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
5
mg/Nm3 TOC, to achieve these levels by applying abatement techniques. This document
does not specifically consider emissions from combustion power plants in FDM installations
and these levels are, therefore, not intended to represent BAT associated emission levels
from those combustion plants. Some air abatement techniques are described in Sections
4.4 to 4.4.3.12
5. where process-integrated BAT do not eliminate odour nuisance, apply abatement techniques. Many of the techniques described in Section 4.4 are applicable to odour abatement.
Met betrekking tot frituurprocessen en BBT wordt in paragraaf 5.1.4.4 het volgende genoemd:
5.1.4.4 Frying
In all FDM installations carrying out frying, BAT is to do the following:
1 recirculate and burn exhaust gases (see Section 4.2.7.1).
In paragraaf 4.2.7.1 staat vervolgens:
4.2.7.1 Recirculate and burn exhaust gases
Description
Air emissions are dependent on the operational temperature of frying, e.g. high temperature frying at 180 – 200 °C will result in more rapid production of oil breakdown products
than frying at lower temperatures. The air above a fryer is extracted and vented. This exhaust air contains VOCs, and may lead to odour complaints. Oil and heat recovery and recirculation of exhaust gases to the burner minimises these emissions.
Achieved environmental benefits
Reduced air emissions, including odour. Recovery of oil. Recovery of energy. Recycling of
exhaust gases.
Operational data
For example, when controlling a crisp frying process, ensuring that the frying process ends
when the final moisture content is in the critical range of 1 – 2 % leads to a minimisation of
air emissions. Furthermore, to save energy, the heat-exchangers are mounted in the fryer
exhaust hood.
Figure 4.11 (afbeelding 2.1) illustrates a heat and oil recovery system applied to a fryer.
6
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
Afbeelding 2.1. Heat and oil recovery: heat-exchangers mounted in the fryer exhaust
hood
Applicability
Applicable in the fish, meat and poultry and potato frying sectors.
Reference literature
[85, Environment Agency of England and Wales, 2000]
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
7
8
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
3.
GEUREMISSIE EN GEURVERSPREIDING
3.1.
Scenario’s
In dit geuronderzoek worden de effecten van de volgende scenario’s inzichtelijk gemaakt:
- vergunde situatie, met als uitgangspunten:
⋅ 7.032 productie-uren per jaar;
⋅ geen beperking in de productietijd gebatterd product;
⋅ bakdampen worden gereinigd met achtereenvolgens een Bruden-condensor en een
thermische naverbrander (TNV) en op een hoogte van 11,5 m geëmitteerd;
⋅ de ruimtelucht wordt gereinigd met een gaswasser en op een hoogte van 30 m geëmitteerd;
⋅ de vlokkenlijn heeft een capaciteit van 1 ton per uur;
⋅ de emissie van de vlokkenlijn wordt via 6 schoorstenen geëmitteerd op een hoogte
van 11 m;
- aangevraagde situatie, met als uitgangspunten:
⋅ 7.100 productie-uren per jaar;
⋅ geen beperking in de productietijd gebatterd product;
⋅ realisatie van een tweede friteslijn waardoor de hoeveelheid gebakken aardappelproducten met 70 % toeneemt ten opzichte van de vergunde situatie;
⋅ bakdampen van beide friteslijnen worden gereinigd met achtereenvolgens een Bruden-condensor en een TNV en op een hoogte van 11,5 m geëmitteerd;
⋅ de ruimtelucht wordt gereinigd met een gaswasser en op een hoogte van 30 m
geëmitteerd;
⋅ de vlokkenlijn wordt uitgebreid tot een totale capaciteit van 3 ton per uur;
⋅ de emissie van de vlokkenlijn wordt gereinigd met een gaswasser en op een hoogte
van 30 m geëmitteerd.
Een schematische weergave van de afgasstromen in de aangevraagde situatie is opgenomen in bijlage III.
Als aanvulling wordt voor beide scenario’s de situatie in beeld gebracht zonder de geuremissies van de TNV. De rookgassen van een goed werkende naverbrander zijn vergelijkbaar met emissies van overige rookgassen, zoals die bijvoorbeeld vrijkomen bij een stoomketel. Hoewel rookgassen niet geurloos zijn, worden dergelijke rookgassen doorgaans in
geuronderzoeken niet meegenomen als geurbron omdat deze zelden tot hinder leiden in de
omgeving.
Voor de volledigheid worden de geurcontouren rond LWM berekend zowel mèt de emissies
van de TNV (‘worst case’) als zonder de emissies van de TNV.
3.2.
Geuremissies
3.2.1.
Vergunde situatie
In het geuronderzoek uit 2010, behorende bij de aanvraag van de vigerende vergunning
zijn de geuremissies van LWM gekwantificeerd [ref. 9.]. In tabel 3.1 zijn de geuremissies en
relevante emissieparameters samengevat.
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
9
Tabel 3.1. Geuremissies en relevante emissieparameters vergunde situatie
geuremissie geuremissie
bron
ongereinigd
6
[10 ouE//h]
bakoven (TNV)
friteslijn overig (gaswasser)
vlokkenlijn
3.2.2.
debiet
gereinigd
6
[10 ouE/h]
emissie-
bedrijfs- temperatuur
hoogte
tijd
[m]
[h/jaar]
3
[m /h]
[°C]
22.910
229*
30.000
11,5
7.032
110
2.545
191**
320.000
30
7.032
25
174
174
66.000
11
7.032
43
*
50 % reductie door Bruden-condensor, gevolgd door 98 % reductie door TNV.
**
92,5 % reductie door gaswasser (in 2004 gemeten rendement bij productie gebatterd product [ref. 10.]).
Aangevraagde situatie
In bijlage III zijn de afgasstromen van de verschillende processen schematisch weergegeven voor de aangevraagde situatie.
In de aangevraagde situatie wordt een tweede friteslijn gerealiseerd waardoor de hoeveelheid gebakken aardappelproducten met 70 % toeneemt ten opzichte van de vergunde situatie. De bakdampen van de tweede friteslijn worden net als de bakdampen van de bestaande friteslijn gereinigd met de Bruden-condensor en de TNV. In dit geuronderzoek
wordt er vanuit gegaan dat zowel de geuremissie als het debiet van de TNV daardoor toeneemt met een factor 1,7. De capaciteit van de condensor en van de TNV is voldoende om
deze grotere afgasstroom te verwerken, zonder dat dit een negatief effect heeft op de
geurverwijderingsrendementen.
In de vergunde situatie is het debiet over de gaswasser 320.000 m 3/h. Dit debiet is de ruimteventilatie van de friteslijn, met daarin de geur van stoomschillen, blancheren, drogen en
eventueel (verse, ongebakken) batter. De ontwerpcapaciteit van de gaswasser is 450.000
m 3/h. In de aangevraagde situatie neemt het te ventileren bedrijfvolume toe. Om energie te
besparen en vanwege de maximale (ontwerp)capaciteit van de gaswasser wordt het totale
ventilatiedebiet juist iets verlaagd. In de aangevraagde situatie neemt de ventilatievoud dus
af. Als ‘worst case’ wordt er vanuit gegaan dat de geurconcentratie in de ventilatielucht
hierdoor met een factor 1,7 toeneemt. Dit betekent dat de ongereinigde geuremissie (als
gevolg van de ruimteventilatie) na de gaswasser met een factor 1,7 toeneemt tot
4.327·106 ouE/h (1,7 x ‘friteslijn overig’ in tabel 3.1).
De capaciteit van de vlokkenlijn neemt in de aangevraagde situatie met een factor 3 toe ten
opzichte van de vergunde situatie. Zowel het debiet als de geuremissie nemen met dezelfde factor toe. Het debiet van de vlokkenlijn wordt 198.000 m 3/h (20 °C, 1013 hPa, vochtig).
De emissie van de vlokkenlijn bevat 0,075 kg/m 03 vocht bij een temperatuur van 43 °C. Om
zowel het debiet als de temperatuur te verlagen wordt de emissie van de vlokkenlijn gekoeld. Onder de aanname dat er tot 30 °C1 kan worden gekoeld, zal 36 % van het aanwezige water uit de afgassen condenseren (bij 30 °C en 100 % rv is het vochtgehalte
0,048 kg/m 03). Het debiet neemt daardoor af tot 192.000 m 3/h (bij standaardomstandigheden voor geurdebieten: 20 °C, 1013 hPa, vochtig). Door condensatie zal een deel van de
geur uit de gasfase worden verwijderd. De geuremissie van de vlokkenlijn wordt door middel van condensatie gereduceerd tot 334·106 ouE/h. Het wasproces zelf leidt eveneens tot
geurreductie door absorptie van geurstoffen in het waswater. Aangenomen wordt dat het
totale geurverwijderingsrendement van gaswasser en condensatie 92,5 % blijft. De tempe-
1
Momenteel wordt er binnen LWM een onderzoek uitgevoerd naar de meest milieuvriendelijke oplossing voor deze
koeling. Hierbij wordt aandacht besteed aan het koelmedium (havenwater, effluentwater, mechanische koeling, etc.)
en aan de mogelijkheden voor hergebruik van de warmte in deze damp op een ander procesonderdeel.
10
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
ratuur aan de uitlaat van de gaswasser was tijdens dit in 2004 gemeten rendement 39 °C,
dus een hoog rendement blijkt mogelijk bij een relatief hoge waswatertemperatuur [ref. 10].
De resterende geuremissie van de vlokkenlijn is dan 39·106 ouE/h.
De totale geuremissie via de gaswasser wordt dan 325·106 + 39·106 = 364·106 ouE/h en
het debiet 450.000 m 3/h (maximale ontwerpcapaciteit). Het debiet bestaat uit 258.000 m 3/h
ruimteventilatie en 192.000 m 3/h vlokkenlijn.
In tabel 3.2 zijn de geuremissies en relevante emissieparameters samengevat.
Tabel 3.2. Geuremissies en relevante emissieparameters aangevraagde situatie
bron
geuremissie geuremissie
ongereinigd
6
[10 ouE//h]
bakoven (TNV)
gaswasser
debiet
gereinigd
6
emissie-
tijd
[m]
[h/jaar]
3
[10 ouE/h]
bedrijfs- temperatuur
hoogte
[m /h]
[°C]
38.947
389*
51.000
11,5
7.100
110
4.849
364**
450.000
30
7.100
30
*
50 % reductie door Bruden-condensor, gevolgd door 98 % reductie door TNV.
**
92,5 % reductie condensatie/gaswasser (in 2004 gemeten rendement bij productie gebatterd product [ref. 10.]).
3.3.
Verspreidingsberekeningen
3.3.1.
Invoergegevens verspreidingsberekeningen
De geurbelasting van de omgeving is berekend met het Nieuwe Nationaal Model versie
Kema Stacks 12.1. De geuremissies zoals weergegeven in tabel 3.1 en tabel 3.2 vormen
de basis van de verspreidingsberekeningen voor respectievelijk de vergunde situatie en de
aangevraagde situatie. De scenariofiles met de gedetailleerde invoergegevens zijn weergegeven in bijlage I. Er is gerekend met een grid van 4 km x 4 km met 2.500 receptorpunten.
Op verzoek van de OMWB is als aanvulling de geurbelasting berekend voor zowel de vergunde als de aangevraagde situatie, maar dan zonder de emissies van de TNV (zie paragraaf 3.1).
3.3.2.
Geurbelasting en hedonische waarden
Tijdens geuranalyses kan door een geurpanel tevens een beoordeling worden gemaakt
van de (on)aangenaamheid van de geur (hedonische waarde). De beoordeling vindt plaats
op een schaal van H = +4 (uiterst aangenaam), via H = 0 (neutraal) tot H = -4 (uiterst onaangenaam). De hedonische waarde wordt gemeten conform NVN 2818. De resultaten van
hedonische metingen kunnen worden gebruikt ter onderbouwing van het toetsingskader,
zie paragraaf 2.3.
Bij LWM zijn in 2004 [ref. 10] hedonische metingen uitgevoerd. De resultaten daarvan zijn
in onderstaande tabel samengevat.
Tabel 3.3. Resultaten hedonische metingen in 2004 [ref. 10]
bron
H = -0,5
3
[ouE/m ]
na gaswasser
vlokkenlijn
H = -1
3
[ouE/m ]
H = -2
3
[ouE/m ]
productie frites
1,1
2,0
4,3
gebatterd product
0,9
1,7
3,5
1,2
2,4
6,0
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
11
In 2004 was de TNV nog niet geïnstalleerd, zodat daarvan geen gegevens van hedonische
waarde bekend zijn. Ook na installatie van de TNV zijn geen hedonische metingen uitgevoerd. In 2004 werden de bakdampen gereinigd met de gaswasser. In de aangevraagde situatie worden de afgassen van de vlokkenlijn en de ruimteventilatie naar de gaswasser geleid. Van deze nieuwe situatie zijn nog geen hedonische metingen mogelijk.
Verwacht wordt dat de gewogen hedonische waarde van de geuremissie in de aangevraagde situatie niet onaangenamer zal zijn dan de meest onaangename geur in tabel 3.3:
de geur aan de uitlaat van de gaswasser tijdens productie van gebatterd product (bakdamen en ruimteventilatie). Als ‘worst case’ kan daarom worden aangenomen dat H = -0,5 bij
concentraties hoger dan 0,9 ouE/m 3 zal worden bereikt en H = -1 bij concentraties hoger
dan 1,7 ouE/m 3.
3.3.3.
Resultaten verspreidingsberekeningen
In bijlage II zijn in afbeelding II.1 de geurcontouren weergegeven voor de vergunde situatie
en de aangevraagde situatie na productie-uitbreiding en aanvullende geurreducerende
maatregelen.
In de aangevraagde situatie verschuiven er emissies van lage bronnen (vlokkenlijn) naar
hoge bronnen (gaswasser), hierdoor wijzigt de vorm van de geurcontour. De geurcontour
van 1 ouE/m 3 als 98-percentiel is in de aangevraagde situatie kleiner dan in de vergunde situatie.
In de vergunde situatie is de maximale geurbelasting in de omgeving van LWM 4,1 ouE/m 3
als 98-percentiel. In de aangevraagde situatie is de maximale geurbelasting die in de omgeving van LWM zal optreden gedaald tot 1,9 ouE/m3 als 98-percentiel.
Ter hoogte van de dichtst bijgelegen aaneengesloten woonbebouwing langs de Halsterseweg is de geurbelasting in de vergunde situatie maximaal 1,6 ouE/m 3 als 98-percentiel. In
de aangevraagde situatie verbetert de geurbelasting bij de dichtstbijzijnde aaneengesloten
woonbebouwing en is dan maximaal 1,3 ouE/m 3 als 98-percentiel. Dit is geïllustreerd in
afbeelding II.2 in bijlage II.
In paragraaf 3.3.2. is als ‘worst case’ aangenomen dat de hedonische waarde van H = -0,5
bij concentraties hoger dan 0,9 ouE/m 3 zal worden bereikt en H = -1 bij concentraties hoger
dan 1,7 ouE/m 3. Dit betekent dat H = -1 niet zal worden overschreden bij de dichtstbijzijnde
aaneengesloten woonbebouwing. De contour behorende bij H = -0,5 is weergegeven in afbeelding II.1. De H = -0,5 contour ligt alleen aan de noordoostzijde net iets buiten de contour van 1 ouE/m 3 als 98-percentiel van de vergunde situatie.
In afbeelding II.3 in bijlage II zijn de geurcontouren weergeven voor de vergunde situatie en
de aangevraagde situatie, maar dan zonder de emissies van de TNV. Uit deze afbeelding
blijkt dat in de zone met een geurbelasting tussen 1 en 2 ouE/m 3 als 98-percentiel in de
vergunde situatie, voor de aangevraagde situatie een geurbelasting van minder dan 0,45
ouE/m 3 als 98-percentiel wordt verwacht wanneer de geur van de TNV als niet relevant
voor de geurbelasting wordt beschouwd.
12
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
4.
GEURREDUCERENDE MAATREGELEN (BBT)
4.1.
Reeds genomen geurreducerende maatregelen
LWM heeft reeds diverse installaties geplaatst en maatregelen genomen om de geurbelasting te minimaliseren. De standaard maatregelen uit de Bijzondere Regeling (zie paragraaf
2.2) zijn geïmplementeerd en daarnaast is een aantal aanvullende geurreducerende maatregelen genomen. In de volgende tabel zijn de geurreducerende maatregelen bij LWM opgesomd.
Tabel 4.1. Overzicht reeds genomen geurreducerende maatregelen
periode
maatregel
tot mei 2004
-
compleet gesloten voorkoeler geplaatst;
-
condensor (Bruden) geplaatst om bakdampen af te koelen en te condenseren;
-
gaswasser waarin alle damp vrijkomend in het fritesproces en de bakdampen uit de
condensor worden behandeld;
-
afkoelen/bevochtigen van de bakdampen in de afvoerleiding, hierdoor slaan waterdamp aerosolen neer met geur-/vetdeeltjes;
na mei 2004
-
verplaatsen en aanpassen (verbeteren Brudencondensor;
-
verhoging van pH gaswasser, waardoor betere binding van vetdeeltjes plaatsvindt;
-
emissiehoogte gaswasser (friteslijn) 30 m om verspreiding dampen te bevorderen;
-
gecontroleerde afzuiging op de bakoven, temperatuur geregeld;
-
in- en uitvoer bakoven verkleint, waardoor minder sleeplucht;
-
verbetering afkoelen/bevochtigen bakdampen in de afvoerleiding, hierdoor slaan waterdamp aerosolen beter neer met geur-/vetdeeltjes;
-
verbetering procesregeling waardoor meer warmte wordt onttrokken aan bakdampen en een lagere temperatuur wordt bereikt van de bakdampen (meer condensatie,
meer geur afscheiding);
-
automatisering controlesysteem Brudencondensor. Door de procesomstandigheden
in de condensor te meten en alarmniveaus in te stellen worden afwijkingen in het
proces eerder opgemerkt en hersteld;
-
nieuwe verdeelbakken in gaswasser geïnstalleerd. Dit geeft een beter verdeelpatroon waardoor de damp optimaal in contact komt met het waswater;
2011
-
bakdampen worden behandeld met de Brudencondensor en vervolgens gereinigd
met een thermische naverbrander (TNV). De gaswasser behandelt nu alleen de afgassen van de ‘overige bronnen’ van de friteslijn.
4.2.
Aanvullende geurreducerende maatregelen
In de aangevraagde situatie wordt een toename van de geurbelasting van de omgeving,
die het gevolg zou zijn van de toename van de productie, (meer dan) gecompenseerd met
aanvullende maatregelen. Deze aanvullende maatregelen zijn samengevat in tabel 4.2.
Tabel 4.2. Overzicht aanvullende geurreducerende maatregelen
periode
maatregel
2014
-
e
bakdampen van de 2 friteslijn worden achtereenvolgens behandeld met een condensor en een thermische naverbrander;
-
de emissies van de vlokkenlijn worden achtereenvolgens behandeld met een condensor en een gaswasser. De emissie vindt plaats op een hoogte van 30 m.
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
13
Toepassing van dampcondensatie en gaswassing bij een vlokkenlijn van een aardappelverwerker zijn zeer ongebruikelijke maatregelen die in de branche voor zover bekend nog
niet wordt toegepast. Deze maatregelen kunnen worden beschouwd als verdergaand dan
BBT.
4.3.
Evaluatie
In paragraaf 2.2 is een samenvatting gegeven van de bijzondere regeling aardappelverwerkende industrie, die van toepassing is op LWM. In deze regeling is een basispakket van
standaardmaatregelen vastgesteld, waarmee geurhinder normaliter in voldoende mate kan
worden voorkomen. LWM heeft dit basispakket aan maatregelen geïmplementeerd.
Vanwege de relatief korte afstand tussen de productielocatie van LWM en de woonbebouwing zijn de standaardmaatregelen niet afdoende om geurhinder te voorkomen. LWM heeft
daarom een groot pakket aan additionele maatregelen genomen, waaronder de in de regeling genoemde schoorsteenverhoging, gaswasser en verbranding.
In de ‘BREF Food, Drink and Milk Industries’ (zie paragraaf 2.4) is beschreven dat voor frituurprocessen het recirculeren en verbranden van bakdampen als BBT wordt beschouwd.
LWM heeft een thermische naverbrander (TNV) geïnstalleerd voor het reinigen van de
bakdampen. Deze techniek komt niet exact overeen met de beschrijving in de BREF FDM,
omdat de bakdampen niet worden teruggevoerd in de branders van de bakovens zelf. De
bakdampen worden in een separate TNV gereinigd. Dit is zowel energetisch als wat betreft
het geurverwijderingsrendement een superieure techniek.
Geconcludeerd wordt dat het maatregelenpakket, dat door LWM is geïmplementeerd om
de geuremissies en de geurbelasting voor de omgeving zoveel als mogelijk te beperken,
voldoet aan BBT en zelfs verder gaat dan dat.
14
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
5.
CONCLUSIES
In het voorliggende geuronderzoek is de geurbelasting in de omgeving van LWM berekend
voor de:
- vergunde situatie;
- aangevraagde situatie;
- aangevraagde situatie zonder emissies van de TNV.
De berekende geurcontouren voor deze situaties zijn weergegeven in de afbeelding II.1,
II.2 en II.3 in bijlage II.
Na uitbreiding van de productie (tweede baklijn en verdrievoudiging van de vlokkenlijn) zou
de geurbelasting evenredig toenemen met de productie. Door middel van aanvullende
geurreducerende maatregelen wordt juist een afname van de geurbelasting bereikt. De
maximale geurbelasting van de dichtst bijgelegen aaneengesloten woonbebouwing langs
de Halsterseweg is in de vergunde situatie maximaal 1,6 ouE/m 3 als 98-percentiel. In de
aangevraagde situatie verbetert de geurbelasting bij de dichtstbijzijnde aaneengesloten
woonbebouwing tot een maximum van 1,3 ouE/m 3 als 98-percentiel.
Het totale pakket aan geurreducerende maatregelen dat door LWM reeds is genomen en
bij de aangevraagde uitbreiding nog wordt genomen voldoet aan de Best Beschikbare
Technieken (BBT) en gaat zelfs nog verder dan dat.
Naar de mening van Witteveen+Bos is de resterende geurbelasting na de aangevraagde
uitbreiding en na ingebruikname van de aanvullende geurreducerende maatregelen te beschouwen als een aanvaardbaar geurhinderniveau.
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
15
16
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
6.
REFERENTIES
1. ‘Document Meten en Rekenen Geur, Publicatiereeks lucht en energie nr. 115, ministerie van VROM, 1994.
2. Nederlandse Emissierichtlijn Lucht, InfoMil, Den Haag, april 2003 en aanvullingen.
3. Geuronderzoek aardappelverwerkende industrie, fase 1, TNO Milieu- en Energietechnologie, februari 1995.
4. Bijzondere Regeling Aardappelverwerkende industrie, Nederlandse Emissielichtlijn
Lucht, Den Haag, januari 1996.
5. Integrated Pollution Prevention and Control, Reference Document on Best Available
Techniques in the Food, Drink and Milk Industries, European Commission, August
2006.
6. Europese Richtlijn 96/61/EG inzake geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging; gecodificeerd 2008/1/EG.
7. Handleiding geur: bepalen van het aanvaardbaar hinderniveau van industrie en bedrijven (niet veehouderijen), Agentschap NL, 28 juni 2012.
8. Nederlandse technische afspraak NTA 9065 (nl), Luchtkwaliteit-Geurmetingen-Meten
en rekenen geur, ICS13.040.99, december 2012.
9. Geursituatie na reiniging bakdampen met een thermische naverbrander (TNV),
Witteveen+Bos, BOZ35-45, 17 juni 2010.
10. Geuronderzoek locatie Vierlinghweg 26 Bergen op Zoom, Witteveen+Bos, BOZ35-34,
9 februari 2005.
Witteveen+Bos, BOZ35-52/zegv/006 definitief 03 d.d. 29 augustus 2013, Geuronderzoek productielocatie Bergen op Zoom augustus 2013
17
BIJLAGE I
SCENARIOFILES VERSPREIDINGSBEREKENINGEN
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
vergunde situatie
KEMA STACKS VERSIE 2012.1
Release 10 mei 2012
Stof-identificatie:
GEUR
start datum/tijd:
24-04-2013 11:28:06
datum/tijd journaal bestand: 24-04-2013 11:39:33
BEREKENINGRESULTATEN
Percentielen voor
1-uurgemiddelde concentraties
In het percentielenbestand is aangegeven op hoeveel uur(blokken)
de percentielwaarden betrekking hebben, de hoge percentielen
kunnen bij een gering aantal berekeningsuren daardoor
minder nauwkeurig zijn! (laatste regel in percentielbestand)
Berekening uitgevoerd met alle meteo uit Presrm!
Meteo Schiphol en Eindhoven, vertaald naar locatiespecifieke meteo
De locatie waarop de achtergrondconcentratie (en meteo) is bepaald :
77000 390500
De basis-meteorologie EN afgeleide meteo (u*, L etc) is via de PreSRM
verkregen
opgegeven
emissie-bestand
D:\STACKS_12_1\Stacks12_1_BOZ3548\input\emis.dat
Alleen bron(nen)-bijdragen berekend!
Doorgerekende (meteo)periode
Start datum/tijd: 1- 1-1995 1:00 h
Eind datum/tijd: 31-12-2004 24:00 h
Prognostische berekeningen met referentie jaar:
2012
Aantal meteo-uren waarmee gerekend is
:
87672
De windroos: frekwentie van voorkomen van de windsektoren(uren, %) op
receptor-lokatie
met
coordinaten:
77000
390500
gem. windsnelheid, neerslagsom
sektor(van-tot) uren
%
ws neerslag(mm)
1
2
3
4
5
6
(-15- 15):
( 15- 45):
( 45- 75):
( 75-105):
(105-135):
(135-165):
4279.0
4990.0
7179.0
4862.0
5333.0
6049.0
4.9
5.7
8.2
5.5
6.1
6.9
3.3
3.5
3.9
3.4
3.3
3.4
281.45
225.85
189.40
231.60
373.20
552.25
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
7 (165-195): 9376.0
8 (195-225): 12678.0
9 (225-255): 12210.0
10 (255-285): 9186.0
11 (285-315): 6401.0
12 (315-345): 5129.0
gemiddeld/som:
0.0
10.7
14.5
13.9
10.5
7.3
5.9
4.1
4.7
5.3
4.4
4.0
3.6
4.1
897.69
1306.34
1430.74
1313.00
834.89
459.60
8096.02
lengtegraad: :
5.0
breedtegraad: : 52.0
Bodemvochtigheid-index:
1.00
Albedo (bodemweerkaatsingscoefficient):
0.20
Percentielen voor
1-uurgemiddelde concentraties
In het percentielenbestand is aangegeven op hoeveel uur(blokken)
de percentielwaarden betrekking hebben, de hoge percentielen
kunnen bij een gering aantal berekeningsuren daardoor
minder nauwkeurig zijn! (laatste regel in percentielbestand)
Aantal receptorpunten
2601
Terreinruwheid receptor gebied [m]:
0.6022
Terreinruwheid [m] op meteolokatiein windgegevens verwerkt
Hoogte berekende concentraties [m]:
1.5
Gemiddelde veldwaarde concentratie [ouE/m3]:
hoogste gem. concentratiewaarde in het grid:
Hoogste uurwaarde concentratie in tijdreeks:
Coordinaten (x,y):
77520,
390840
Datum/tijd
(yy,mm,dd,hh): 1995
7
9 19
Aantal bronnen
:
0.02326
0.29475
8.84002
3
********* Brongegevens van bron
:
** PUNTBRON **
vlokkenlijn
1
X-positie van de bron [m]:
77620
Y-positie van de bron [m]:
390940
Schoorsteenhoogte (tov maaiveld) [m]:
11.0
Inw. schoorsteendiameter (top):
0.71
Uitw. schoorsteendiameter (top):
0.72
Gem. volumeflux over bedrijfsuren
(Nm3/s) :
3.39057
Gem. uittree snelheid over bedrijfsuren (m/s) :
9.91512
Temperatuur rookgassen (K)
:
316.00
Gem. warmte emissie over bedrijfsuren (MW)
:
0.152
**Warmte emissie is per uur berekend afh van buitenluchttemp**
Aantal bedrijfsuren:
70368
(Bedrijfsuren zijn uren met een emissie > 0)
gemiddelde emissie over bedrijfsuren: (ouE/s)
48333
gemiddelde emissie over alle uren:
(ouE/s)
38793
********* Brongegevens van bron
** PUNTBRON **
gaswasser
:
2
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
X-positie van de bron [m]:
77595
Y-positie van de bron [m]:
390888
Schoorsteenhoogte (tov maaiveld) [m]:
30.0
Inw. schoorsteendiameter (top):
3.00
Uitw. schoorsteendiameter (top):
3.01
Gem. volumeflux over bedrijfsuren
(Nm3/s) :
97.15089
Gem. uittree snelheid over bedrijfsuren (m/s) :
15.00369
Temperatuur rookgassen (K)
:
298.00
Gem. warmte emissie over bedrijfsuren (MW)
:
1.940
**Warmte emissie is per uur berekend afh van buitenluchttemp**
Aantal bedrijfsuren:
70346
(Bedrijfsuren zijn uren met een emissie > 0)
gemiddelde emissie over bedrijfsuren: (ouE/s)
53066
gemiddelde emissie over alle uren:
(ouE/s)
42579
********* Brongegevens van bron
** PUNTBRON **
TNV
:
3
X-positie van de bron [m]:
77645
Y-positie van de bron [m]:
390943
Schoorsteenhoogte (tov maaiveld) [m]:
11.5
Inw. schoorsteendiameter (top):
1.20
Uitw. schoorsteendiameter (top):
1.21
Gem. volumeflux over bedrijfsuren
(Nm3/s) :
5.56198
Gem. uittree snelheid over bedrijfsuren (m/s) :
6.89980
Temperatuur rookgassen (K)
:
383.00
Gem. warmte emissie over bedrijfsuren (MW)
:
0.763
**Warmte emissie is per uur berekend afh van buitenluchttemp**
Aantal bedrijfsuren:
70417
(Bedrijfsuren zijn uren met een emissie > 0)
gemiddelde emissie over bedrijfsuren: (ouE/s)
63611
gemiddelde emissie over alle uren:
(ouE/s)
51092
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
aangevraagde situatie
KEMA STACKS VERSIE 2012.1
Release 10 mei 2012
Stof-identificatie:
GEUR
start datum/tijd:
01-07-2013 14:51:29
datum/tijd journaal bestand: 01-07-2013 14:56:24
BEREKENINGRESULTATEN
Percentielen voor
1-uurgemiddelde concentraties
In het percentielenbestand is aangegeven op hoeveel uur(blokken)
de percentielwaarden betrekking hebben, de hoge percentielen
kunnen bij een gering aantal berekeningsuren daardoor
minder nauwkeurig zijn! (laatste regel in percentielbestand)
Berekening uitgevoerd met alle meteo uit Presrm!
Meteo Schiphol en Eindhoven, vertaald naar locatiespecifieke meteo
De locatie waarop de achtergrondconcentratie (en meteo) is bepaald :
77000 390500
De basis-meteorologie EN afgeleide meteo (u*, L etc) is via de PreSRM
verkregen
opgegeven
emissie-bestand
D:\STACKS_12_1\Stacks12_1_BOZ3548\input\emis.dat
Alleen bron(nen)-bijdragen berekend!
Doorgerekende (meteo)periode
Start datum/tijd: 1- 1-1995 1:00 h
Eind datum/tijd: 31-12-2004 24:00 h
Prognostische berekeningen met referentie jaar:
2012
Aantal meteo-uren waarmee gerekend is
:
87672
De windroos: frekwentie van voorkomen van de windsektoren(uren, %) op
receptor-lokatie
met
coordinaten:
77000
390500
gem. windsnelheid, neerslagsom
sektor(van-tot) uren
%
ws neerslag(mm)
1
2
3
4
5
6
7
(-15- 15):
( 15- 45):
( 45- 75):
( 75-105):
(105-135):
(135-165):
(165-195):
4279.0
4990.0
7179.0
4862.0
5333.0
6049.0
9376.0
4.9
5.7
8.2
5.5
6.1
6.9
10.7
3.3
3.5
3.9
3.4
3.3
3.4
4.1
281.45
225.85
189.40
231.60
373.20
552.25
897.69
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
8 (195-225): 12678.0 14.5
9 (225-255): 12210.0 13.9
10 (255-285): 9186.0 10.5
11 (285-315): 6401.0
7.3
12 (315-345): 5129.0
5.9
gemiddeld/som:
0.0
4.7
5.3
4.4
4.0
3.6
4.1
1306.34
1430.74
1313.00
834.89
459.60
8096.02
lengtegraad: :
5.0
breedtegraad: : 52.0
Bodemvochtigheid-index:
1.00
Albedo (bodemweerkaatsingscoefficient):
0.20
Percentielen voor
1-uurgemiddelde concentraties
In het percentielenbestand is aangegeven op hoeveel uur(blokken)
de percentielwaarden betrekking hebben, de hoge percentielen
kunnen bij een gering aantal berekeningsuren daardoor
minder nauwkeurig zijn! (laatste regel in percentielbestand)
Aantal receptorpunten
2601
Terreinruwheid receptor gebied [m]:
0.6022
Terreinruwheid [m] op meteolokatiein windgegevens verwerkt
Hoogte berekende concentraties [m]:
1.5
Gemiddelde veldwaarde concentratie [ouE/m3]:
hoogste gem. concentratiewaarde in het grid:
Hoogste uurwaarde concentratie in tijdreeks:
Coordinaten (x,y):
77360,
390760
Datum/tijd
(yy,mm,dd,hh): 1995
7
9 17
Aantal bronnen
:
********* Brongegevens van bron
** PUNTBRON **
gaswasser
0.01659
0.12335
6.06665
2
:
1
X-positie van de bron [m]:
77595
Y-positie van de bron [m]:
390888
Schoorsteenhoogte (tov maaiveld) [m]:
30.0
Inw. schoorsteendiameter (top):
3.00
Uitw. schoorsteendiameter (top):
3.01
Gem. volumeflux over bedrijfsuren
(Nm3/s) : 125.00000
Gem. uittree snelheid over bedrijfsuren (m/s) :
19.62514
Temperatuur rookgassen (K)
:
303.00
Gem. warmte emissie over bedrijfsuren (MW)
:
3.347
**Warmte emissie voor deze bron constante - ingelezen - waarde**
Aantal bedrijfsuren:
71057
(Bedrijfsuren zijn uren met een emissie > 0)
gemiddelde emissie over bedrijfsuren: (ouE/s)
101111
gemiddelde emissie over alle uren:
(ouE/s)
81949
********* Brongegevens van bron
** PUNTBRON **
TNV
X-positie van de bron [m]:
:
2
77645
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
Y-positie van de bron [m]:
390943
Schoorsteenhoogte (tov maaiveld) [m]:
11.5
Inw. schoorsteendiameter (top):
1.20
Uitw. schoorsteendiameter (top):
1.21
Gem. volumeflux over bedrijfsuren
(Nm3/s) :
9.44325
Gem. uittree snelheid over bedrijfsuren (m/s) :
11.73059
Temperatuur rookgassen (K)
:
383.00
Gem. warmte emissie over bedrijfsuren (MW)
:
1.296
**Warmte emissie is per uur berekend afh van buitenluchttemp**
Aantal bedrijfsuren:
70918
(Bedrijfsuren zijn uren met een emissie > 0)
gemiddelde emissie over bedrijfsuren: (ouE/s)
108056
gemiddelde emissie over alle uren:
(ouE/s)
87407
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
BIJLAGE II
GEURCONTOUREN
Witteveen+Bos, bijlage II behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
Witteveen+Bos, bijlage II behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
Afbeelding II.1. Geurcontouren vergunde en aangevraagde situatie
Tabel II.1. Geurcontouren LWM Bergen op Zoom
3
29 augustus 2013
geurcontouren
ouE/m als 98-percentiel
versie
2
meteogegevens
1995-2004
berekend
— vergunde situatie waarde 1,0
- - vergunde situatie waarde 0,9 (H = -0,5)
— aangevraagde situatie
- - aangevraagde situatie waarde 0,9 (H = -0,5)
meteostation
Nederland
terreinruwheidslengte
0,6022 m
schaal
3 x 3 km
datum
model
Kema Stacks 12.1
getekend
ir. A.C.J. Donkersloot
Witteveen+Bos, bijlage II behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
Afbeelding II.2. Geurbelasting aaneengesloten woonbebouwing vergunde en aangevraagde situatie
Tabel II.2. Geurbelasting ter hoogte van aaneengesloten woonbebouwing
3
datum
4 juli 2013
geurcontouren
ouE/m als 98-percentiel
versie
1
meteogegevens
1995-2004
berekend
—
—
vergunde situatie
meteostation
Nederland
aangevraagde situatie
terreinruwheidslengte
0,6022 m
schaal
3 x 3 km
model
Kema Stacks 12.1
getekend
ir. A.C.J. Donkersloot
Witteveen+Bos, bijlage II behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
Afbeelding II.3. Geurcontouren vergunde en aangevraagde situatie - zonder TNV
Tabel II.3. Geurbelasting ter hoogte van aaneengesloten woonbebouwing
3
4 juli 2013
geurcontouren
ouE/m als 98-percentiel
versie
1
berekend
—
—
datum
meteogegevens
1995-2004
vergunde situatie
meteostation
Nederland
aangevraagde situatie
terreinruwheidslengte
0,6022 m
schaal
3 x 3 km
model
Kema Stacks 12.1
getekend
ir. A.C.J. Donkersloot
Witteveen+Bos, bijlage II behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
Witteveen+Bos, bijlage II behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
BIJLAGE III
OVERZICHT AFGASSTROMEN AANGEVRAAGDE SITUATIE
Witteveen+Bos, bijlage III behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
Witteveen+Bos, bijlage III behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
Witteveen+Bos, bijlage III behorende bij rapport BOZ35-52/zegv/006 d.d. 29 augustus 2013
BIJLAGE II
ONDERZOEK LUCHTKWALITEIT
Witteveen+Bos, bijlage II behorende bij rapport BOZ35-50/13.001.130 d.d. 13 december 2013
Witteveen+Bos, bijlage II behorende bij rapport BOZ35-50/13.001.130 d.d. 13 december 2013
Lamb Weston / Meijer v.o.f.
Luchtkwaliteitsonderzoek
productielocatie Bergen op Zoom
mei 2013
INHOUDSOPGAVE
blz.
1. INLEIDING
1
2. TOETSINGSKADER
3
3. UITGANGSPUNTEN LUCHTKWALITEITONDERZOEK
3.1. Werkwijze
3.2. Toetsingslocaties
3.3. Zichtjaren
3.4. Relevante bronnen
3.4.1.
Industriële bronnen
3.4.2.
Wegverkeer
3.5. Achtergrondconcentratie
5
5
5
5
6
6
7
7
4. RESULTATEN
4.1. Industriële bijdrage
4.2. Verkeersbijdrage
4.3. Totale concentraties en toetsing aan de grenswaarden
4.3.1.
NO2
4.3.2.
PM10
11
11
11
11
11
12
5. CONCLUSIES
13
laatste bladzijde
14
BIJLAGEN
I
Scenariofiles NOx verspreidingsberekeningen
II
Invoerbestand en resultaten CARII berekening
III
Contourenkaart NO2-bijdrage LWM
aantal blz.
3
1
1
1.
INLEIDING
Lamb Weston/Meijer v.o.f. (verder: LWM) heeft plannen om de productie uit te breiden op
de locatie te Bergen op Zoom. De beoogde uitbreiding zou effect kunnen hebben op de
emissies naar de lucht en daarmee op de luchtkwaliteit in de omgeving.
De uitbreidingsplannen die de basis vormen van het voorliggende geuronderzoek worden
als volgt kort omschreven (zie ook de vergunningaanvraag WABO bijlage: B200c):
- realisatie van een tweede lijn voor gebakken aardappelproducten, waardoor de totale
hoeveelheid gebakken aardappelproducten met 70 % toeneemt;
- de vlokkenlijn wordt in capaciteit uitgebreid van 1 ton/h naar 3 ton/h;
- de mogelijkheid om 100 % van de tijd gebatterd product (spicy wedges) te kunnen produceren blijft gehandhaafd;
- het totale aardappelverbruik door de uitbreidingen van zowel gebakken product als
vlokken wordt hiermee verdubbeld naar circa 500.000 ton per jaar.
De uitbreidingsplannen hebben gevolgen voor de emissies van NOx van diverse verbrandingsinstallaties van LWM (industriële bronnen) en emissies van NOx en PM10 van het met
de inrichting samenhangende wegverkeer. In dit luchtkwaliteitonderzoek, dat als bijlage bij
de aanvraag omgevingsvergunning is gevoegd, worden de effecten van de gehele inrichting (inclusief de uitbreiding) op de concentraties stikstofdioxide (NO2) en fijn stof (PM10) in
de omgeving inzichtelijk gemaakt.
De emissies van de industriële bronnen en het aantal bewegingen van het met de inrichting
samenhangende wegverkeer zijn gekwantificeerd. Vervolgens zijn met behulp van verspreidingsberekeningen met het rekenmodel Kema-Stacks (industriële bronnen) en het rekenmodel CARII (wegverkeer), de concentraties van NO2 en PM10 in de omgeving berekend. De concentraties van deze luchtverontreinigende stoffen zijn in beeld gebracht. De
totale concentraties NO2 en PM10 zijn ter hoogte van de maatgevende toetsingslocaties
voor de jaren 2014, 2015 en 2020 getoetst aan het wettelijk kader.
Leeswijzer
In hoofdstuk 2 wordt het wettelijk kader met betrekking tot luchtkwaliteit beschreven. In
hoofdstuk 3 worden de emissies naar de lucht gekwantificeerd en zijn de overige uitgangspunten voor het onderzoek beschreven. De resultaten van de berekeningen staan in
hoofdstuk 4 en tot slot zijn de conclusies samengevat in hoofdstuk 5.
Witteveen+Bos, BOZ35-53/spij2/008 definitief d.d. 26 augustus 2013, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013
1
2
Witteveen+Bos, BOZ35-53/spij2/008 definitief d.d. 26 augustus 2013, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013
2.
TOETSINGSKADER
In de Wet milieubeheer titel 5.2 (‘Wet luchtkwaliteit’) zijn luchtkwaliteiteisen opgenomen
voor luchtverontreinigende stoffen in de buitenlucht. In onderhavige situatie worden, op basis van de emissies, met name de stoffen stikstofdioxide (NO2) en fijn stof (PM10) relevant
geacht. Het luchtkwaliteitonderzoek beperkt zich dan ook tot deze stoffen. De grenswaarden voor NO2 en PM10 uit de Wet luchtkwaliteit zijn weergegeven in tabel 2.1. Hierbij is tevens weergegeven wanneer deze grenswaarden in werking treden.
Tabel 2.1. Overzicht toetsingskader luchtkwaliteit
3
grenswaarde (µg/m ) ingangsdatum
stof
criterium
NO2
jaargemiddelde concentratie
40
uurgemiddelde concentratie
200 **
1 januari 2015
40
1 januari 2005
1 januari 2015 *
#
(mag maximaal 18 keer per jaar worden overschreden)
PM10 ***
jaargemiddelde concentratie
etmaalgemiddelde concentratie
50
##
11 juni 2011
(mag maximaal 35 keer per jaar worden overschreden)
3
*
Tot die datum geldt een tijdelijke grenswaarde van 60 µg/m .
**
Hiervoor geldt als indicatorgrenswaarde: jaargemiddelde concentratie van 82 µg/m .
3
#
Tot die datum geldt een tijdelijke grenswaarde van 300 µg/m .
##
Hiervoor geldt als indicatorgrenswaarde: jaargemiddelde concentratie van 31,2 µg/m .
***
3
3
Bij de beoordeling van de concentraties PM10 is in geval van grenswaardeoverschrijding een correctie toegestaan voor zeezout. In dit rapport is niet gecorrigeerd voor zeezout.
De revisievergunning kan worden verleend indien aannemelijk kan worden gemaakt dat:
- de inrichting, al dan niet in combinatie met maatregelen, niet in betekende mate bijdraagt aan de luchtkwaliteit (Wm artikel 5.16.1.c), ofwel dat
- de luchtkwaliteit door de inrichting, al dan niet in combinatie met de met maatregelen,
per saldo verbetert of tenminste gelijk blijft (Wm artikel 5.16.1.b.1°), ofwel dat
- bij een beperkte verslechtering van de luchtkwaliteit vanwege de inrichting, de luchtkwaliteit in een gebied rondom de inrichting per saldo verbetert (Wm artikel
5.16.1.b.2°). De verbetering en verslechtering zullen beide moeten gelden voor overschrijdingssituaties en dienen te worden betrokken op de concentraties van NO2 en/of
PM10, ofwel dat
- er geen grenswaarden worden overschreden (Wm artikel 5.16.1.a).
In het Besluit ‘Niet in betekenende mate bijdragen’ (Besluit NIBM) en de ministeriële
regeling ‘Niet in betekenende mate bijdragen’ (Regeling NIBM) zijn de uitvoeringsregels
vastgelegd die betrekking hebben op het begrip NIBM. Hierin is bepaald dat de
concentratiebijdragen NO2 en PM10 als NIBM mogen worden beschouwd wanneer deze
het jaargemiddeld maximaal 1,2 µg/m 3 bedragen. Wanneer hiervan sprake is, wordt
voldaan aan artikel 5.16 eerste lid, onder c van de Wm en kan een uitgebreid
luchtonderzoek achterwege blijven.
Op 19 december 2008 is een wijziging van de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007
(RBL) in werking getreden. Met deze wijziging wordt het ‘toepasbaarheidbeginsel’ geïntroduceerd. Dit beginsel geeft aan op welke plaatsen de luchtkwaliteitseisen toegepast moeten worden: de werkingssfeer en de beoordelingssystematiek. Dit is een uitwerking van bijlage III uit de nieuwe Europese Richtlijn luchtkwaliteit (2008).
Witteveen+Bos, BOZ35-53/spij2/008 definitief d.d. 26 augustus 2013, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013
3
De belangrijkste gevolgen van de gewijzigde RBL zijn:
- geen beoordeling van de luchtkwaliteit op plaatsen waar het publiek geen toegang
heeft en waar geen bewoning is;
- geen beoordeling van de luchtkwaliteit op bedrijfsterreinen of terreinen van industriële
inrichtingen (hier gelden de ARBO regels). Dit omvat mede de (eigen) bedrijfswoning.
Toetsing vindt plaats vanaf de grens van de inrichting of bedrijfsterrein;
- geen beoordeling van de luchtkwaliteit op de rijbaan van wegen, en op de middenberm
van wegen, tenzij voetgangers normaliter toegang hebben tot de middenberm.
Het onderhavige onderzoek is uitgevoerd conform het bovenstaande toetsingskader.
4
Witteveen+Bos, BOZ35-53/spij2/008 definitief d.d. 26 augustus 2013, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013
3.
UITGANGSPUNTEN LUCHTKWALITEITONDERZOEK
3.1.
Werkwijze
Ten gevolge van de activiteiten van LWM worden emissies van de stoffen NOx en PM10
verwacht. De diverse verbrandingsinstallaties van LWM (industriële bronnen) emitteren
NOx en door het met de inrichting samenhangende wegverkeer wordt NOx en PM10 geëmitteerd.
De totale concentraties in de omgeving van LWM bestaan uit de optelling van:
- de achtergrondconcentratie;
- de bijdrage van het lokale wegverkeer;
- de bijdrage van de bronnen van LWM.
In Nederland worden de concentraties uit de GCN (Grootschalige Concentratiekaarten
Nederland) gebruikt als achtergrondconcentratie1. De bijdrage van het lokale wegverkeer
wordt berekend met de Monitoringstool (zie paragraaf 3.5). De bijdrage van LWM wordt in
dit luchtkwaliteitonderzoek berekend.
In het luchtkwaliteitonderzoek zijn de totale concentraties NO2 en PM10 in de nabije omgeving van de inrichting van LWM inzichtelijk gemaakt ter hoogte van een aantal maatgevende locaties en voor de relevante zichtjaren.
De op deze wijze berekende totale concentraties worden getoetst aan het wettelijk kader
dat is beschreven hoofdstuk 2.
3.2.
Toetsingslocaties
In het onderzoek wordt uitgegaan van twee toetsingslocaties, te weten:
1. toetsingspunt 1: de locatie waar een maximale bijdrage van de inrichting te verwachten
is, vanwege de industriële NOx-emissies van de inrichting. De keuze van deze locatie is
gebaseerd op de berekende contouren voor NO2. Bij de keuze is rekening gehouden
met locaties waar volgens het toepasbaarheidbeginsel de luchtkwaliteitseisen van
toepassing zijn;
2. toetsingspunt 2; de locatie langs de Randweg-West waar de totale concentraties volgens de Monitoringstool het hoogst zijn. Deze toetsingslocatie is in het onderzoek
meegenomen om inzichtelijk te maken of langs de Randweg-West al dan niet sprake
zal zijn van overschrijdingen van de grenswaarden.
3.3.
Zichtjaren
De jaargemiddelde concentraties worden getoetst aan de grenswaarden zoals weergegeven in tabel 2.1 (hoofdstuk 2). De relevante jaren zijn 2014, 2015 en 2020. Het jaar 2014 is
gehanteerd aangezien in dit jaar de revisievergunning wordt aangevraagd. Het jaar 2015 is
relevant aangezien dan de grenswaarden voor NO2 in werking treden. Het jaar 2020 is toegevoegd om een doorkijk te geven naar de toekomstige situatie.
1
Door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) jaarlijks gepresenteerde update van kaarten waarin de
concentraties van luchtverontreinigende stoffen in Nederland tot 2030 staan weergegeven op een detailniveau van
1 km x 1 km.
Witteveen+Bos, BOZ35-53/spij2/008 definitief d.d. 26 augustus 2013, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013
5
De Monitoringstool rapporteert geen gegevens van ná 2020. Voor de periode 2020-2030
wordt in Nederland voor de stoffen NO2 en PM10 een lichte daling van de concentraties
verwacht [bron: GCN-kaarten]. Hierdoor mag worden verwacht dat als in het jaar 2020
wordt voldaan aan de grenswaarden en de bijdrage van LWM niet wijzigt, er ook in de jaren
na 2020 wordt voldaan aan de grenswaarden.
3.4.
Relevante bronnen
Op basis van het type bron wordt het gehanteerde verspreidingsmodel gekozen. Voor binnenstedelijk wegverkeer is het CARII-model versie 11.0 gehanteerd (mei 2012). Voor de
industriële bronnen wordt gebruik gemaakt van het model KEMA Stacks (versie 2012)1.
In onderstaande paragrafen worden de uitgangspunten per broncategorie beschreven.
3.4.1.
Industriële bronnen
De relevante industriële bronnen van LWM voor NOx zijn door het bedrijf geïnventariseerd
en aangeleverd. Het overzicht van de bronnen is opgenomen als tabel 3.1. Deze gegevens
vormen de basis voor de invoer van de verspreidingsberekeningen met KEMA Stacks. De
scenariofiles van deze berekeningen zijn opgenomen als bijlage I. Er zijn geen relevante
PM10 emissies afkomstig van industriële bronnen.
In de aangevraagde situatie zullen de bestaande ‘Procal ketel’ en de ‘Stork ketel’ worden
vervangen door twee nieuwe ketels: nieuwe ketel 1 en nieuwe ketel 2. De nieuwe ketels
zijn identiek aan elkaar. De emissies van deze ketels is geschat op basis van het meest
ongunstige NOx emissiekental van de Stork ketel: 30,5 g/GJ. Voor de TNV en de biogasmotor is uitgegaan van bij deze installaties gemeten emissiekentallen.
Overige aannames:
- de locatie van de nieuwe ketels komt overeen met de locatie van de oude ketels;
- het verwachtte aardgasverbruik in de aangevraagde situatie is 29·106 m 3/jaar. Dit is
geschat op basis van een verwacht aardgasverbruik van de friteslijn van 19·106 m 3/jaar
(1,7 x huidige verbruik) en 10·106 m 3/jaar (3 x huidige verbruik) van de vlokkenlijn;
- het verwachtte biogasverbruik is 3,3·106 m 3/jaar;
- de rookgasdebieten van de nieuwe ketels en de biogasmotor zijn berekend uitgaande
van 11 m 3 rookgas per m 3 aardgas en 12 m 3 rookgas per m 3 biogas;
- het rookgasdebiet van de TNV is berekend uitgaande van 17 m 3 rookgas per m 3 aardgas of biogas;
- de verbrandingswaarde van aardgas is 31,65 MJ/m 3 en van biogas 23,9 MJ/m 3;
- de direct als NO2 uitgestoten fractie van de NOx-emissie is 10 %.
Tabel 3.1. Uitgangspunten industriële NOx-emissies
bron
x
y
hoogte
m-mv
1
aardgas
6
3
10 m /jaar
biogas
6
3
10 m /jaar
g NOx/
GJ
debiet
bedrijfuren
NOx
3
uren/jaar
kg/s
m0 /s
nieuwe ketel 1
77656
390941
13
11,60
0
30,5
4,726
7.500
nieuwe ketel 2
77660
390938
13
10,44
0
30,5
4,493
7.100
0,000415
0,000394
TNV
77631
390934
11
6,96
0,33
43,8
4,849
7.100
0,000391
biogasmotor
77639
390928
12
0
2,97
118
1,394
7.100
0,000328
Op het moment van uitvoering van deze berekeningen was nog geen up-date 2013 van CARII en Kema Stacks beschikbaar. Voor de berekening van concentratiebijdragen is dit echter minder van belang aangezien de bedrijfsemissies niet wijzigen bij een model update.
6
Witteveen+Bos, BOZ35-53/spij2/008 definitief d.d. 26 augustus 2013, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013
3.4.2.
Wegverkeer
De verkeersaantrekkende werking van LWM wordt in de aangevraagde situatie geschat op
137 vrachtwagens per werkdag (waarvan 95 % zwaar en 5 % middelzwaar) en 200 personenvoertuigen. Aangezien elk voertuig 2 voertuigbewegingen oplevert, resulteert dit in
674 voertuigbewegingen per etmaal met 59 % licht verkeer, 2 % middelzwaar en 39 %
zwaar verkeer.
De concentratiebijdrage van het verkeer van en naar LWM is maximaal ter hoogte van de
inrit van de inrichting, aangezien op deze locatie al het verkeer passeert. De concentratiebijdrage is echter berekend langs de Randweg West, ter hoogte van de toetsingspunten
met ID 2170 en ID 2182 uit de Monitoringstool. Deze punten zijn gekozen omdat blijkt dat
op het punt ID 2170 de bijdrage van de industriële bronnen van LWM het hoogst is (zie paragraaf 4.1) en op het punt met ID 2182 blijkt totale concentratie van achtergrond en lokale
verkeersbijdragen het hoogst te zijn. Als ‘worst case’ is aangenomen is dat alle verkeer van
en naar LWM langs deze toetsingspunten passeert. In bijlage II is de uitdraai opgenomen
van de invoergegevens voor de CARII-berekeningen.
Het verkeer over de omliggende wegen is opgenomen in de berekening van de
GCN/Monitoringstool en is derhalve niet als separate bron in dit onderzoek betrokken.
3.5.
Achtergrondconcentratie
In de Monitoringstool1 (versie: monitoring NSL 2012) zijn de concentraties in de nabijheid
van hoofdwegen gedetailleerder weergegeven dan in de GCN. In de GCN zijn de concentraties in heel Nederland met een nauwkeurigheid van 1 vierkante kilometer opgenomen.
Binnen deze vierkante kilometer zijn er geen concentratieverschillen. Nabij hoofdwegen is
deze resolutie niet nauwkeurig genoeg. Vergelijking met de GCN-waarden laat zien dat nabij de hoofdwegen de concentratiewaarden van de Monitoringstool boven de GCN-waarden
liggen2. In het onderhavig onderzoek is daarom ten behoeve van de toetsing aan de
grenswaarden voor de toetsingslocatie langs de Randweg West uitgegaan van de achtergrondconcentraties uit de Monitoringstool. Het toetsingspunt in de nabijheid van LWM met
de hoogste concentratiewaarde is het punt met ID 2182, ter hoogte van het kruispunt
Randweg West en de Halsterseweg. Het toetsingspunt met ID 2170 is het punt in de nabijheid van LWM waar de bijdrage van LWM aan de NO2-concentraties het hoogst is.
De ligging van beide toetspunten is weergegeven in afbeelding 3.1.
1
Ten behoeve van de monitoring van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit is de Monitoringstool
ontwikkeld. Deze tool toont de concentraties NO2 en PM10 voor het afgelopen jaar en de relevante zichtjaren van het
NSL. In deze tool is eveneens informatie opgenomen over de uitvoering van projecten en maatregelen die zijn opgenomen in het NSL.
2
De concentratiewaarden van de monitoringstool zijn veelal hoger dan de GCN-waarden, omdat in de concentraties in
de Monitoringstool zowel de achtergrondconcentratie als de bijdrage van het plaatselijke wegverkeer is opgenomen.
Witteveen+Bos, BOZ35-53/spij2/008 definitief d.d. 26 augustus 2013, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013
7
Afbeelding 3.1. Ligging toetsingspunten ID 2170 en ID 2182 (rood omcirkeld)
In de tabel 3.2 en 3.3 zijn de NO2 en PM10 concentraties weergeven voor de toetsingspunten ID 2170 en ID 2182 van de Monitoringstool. Ter vergelijking zijn in de tabellen tevens
de bijbehorende grenswaarden opgenomen.
Tabel 3.2. NO2 en PM10 concentraties toetsingspunt ID 2170 Monitoringstool
jaartal*
NO2-concentratie
PM10-concentratie
3
3
(µg/m als jaargemiddelde)
(µg/m als jaargemiddelde)
GCN
monitoringtool**
grenswaarde
GCN
monitoringstool**
grenswaarde
2011
21,6
23,4
60
26,4
26,8
40
2014
18,8
21,6
60
23,5
23,8
40
2015
17,9
20,6
40
22,5
22,8
40
2020
15,8
17,5
40
21,6
21,9
40
*
In de Monitoringstool zijn alleen de jaren 2011, 2015 en 2020 beschikbaar. De gegevens voor het jaar 2014 zijn li-
**
Totaal van GCN en bijdrage lokale wegverkeer.
neair geïnterpoleerd tussen 2011 en 2015.
Tabel 3.3. NO2 en PM10 concentraties toetsingspunt ID 2182 Monitoringstool
jaartal*
NO2-concentratie
PM10-concentratie
3
3
(µg/m als jaargemiddelde)
(µg/m als jaargemiddelde)
GCN
monitoringtool**
grenswaarde
GCN
monitoringstool**
grenswaarde
2011
23,5
26,6
60
25,7
26,1
40
2014
20,2
23,6
60
22,5
22,9
40
2015
19,1
22,6
40
21,4
21,8
40
2020
16,4
18,8
40
20,7
21,1
40
* In de Monitoringstool zijn alleen de jaren 2011, 2015 en 2020 beschikbaar. De gegevens voor het jaar 2014 zijn lineair
geïnterpoleerd tussen 2011 en 2015.
** Totaal van GCN en bijdrage lokale wegverkeer.
Uit tabel 3.2 en 3.3 blijkt dat op beide toetsingspunten wordt voldaan aan de grenswaarden
voor de jaargemiddelde concentraties NO2 en PM10. Boven een indicatorgrenswaarde van
82 µg NO2/m 3 als jaargemiddelde kan de grenswaarde van maximaal 18 uren per jaar met
uurgemiddelde concentraties hoger dan 200 µg NO2/m 3 worden verwacht. Er wordt op de
8
Witteveen+Bos, BOZ35-53/spij2/008 definitief d.d. 26 augustus 2013, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013
toetspunten ruim voldaan aan deze indicatorgrenswaarde. Boven een indicatorgrenswaarde van 31,2 µg PM10/m 3 als jaargemiddelde, kan de grenswaarde van maximaal 35 dagen
per jaar met etmaalgemiddelde concentraties hoger dan 50 µg PM10/m 3 worden verwacht.
Er wordt op de toetspunten eveneens ruim voldaan aan deze indicatorgrenswaarde.
Witteveen+Bos, BOZ35-53/spij2/008 definitief d.d. 26 augustus 2013, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013
9
10
Witteveen+Bos, BOZ35-53/spij2/008 definitief d.d. 26 augustus 2013, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013
4.
RESULTATEN
4.1.
Industriële bijdrage
De contourenkaart met de berekende jaargemiddelde concentratiebijdragen van NO2 ten
gevolge van de industriële emissies van de inrichting zijn weergegeven in afbeelding III.1 in
bijlage III. De bijdragen zijn berekend in het jaar 2014. Deze zijn tevens representatief voor
de bijdragen in de jaren daarna.
De maximale bijdrage van de industriële bronnen aan de NO2-concentraties in de omgeving is 2,6 µg/m 3 als jaargemiddelde. Deze maximale bijdrage treedt op ten noordoosten
van LWM ter hoogte van het toetsingspunt met ID 2170 uit de Monitoringstool.
Op het toetsingspunt met ID 2182 uit de Monitoringstool is de bijdrage van de industriële
emissies van LWM 0,4 µg NO2/m 3 als jaargemiddelde.
De berekende concentratiebijdragen zijn tevens opgenomen in tabel 4.1 en 4.2.
4.2.
Verkeersbijdrage
De resultaten van de CARII berekeningen zijn opgenomen in bijlage II. De bijdrage van het
verkeer van LWM is berekend uit het verschil tussen de totale concentratie (jaargemiddelde) en de achtergrondconcentratie (jm achtergrond). De te verwachten maximale concentratiebijdragen van het personen- en vrachtverkeer dat van en naar de inrichting rijdt is
1,7 µg NO2/m 3 als jaargemiddelde en 0,2 µg PM10/m 3 als jaargemiddelde. In de tabellen
4.1 en 4.2 zijn deze bijdragen samen met de bijdrage van de industriële emissies gesommeerd met de concentraties van de Monitoringstool.
4.3.
Totale concentraties en toetsing aan de grenswaarden
4.3.1.
NO2
In onderstaande tabel 4.1 zijn de berekende bijdrage van de industriële bronnen van LWM
en de bijdrage van het wegverkeer van LWM aan de NO2-concentraties gesommeerd met
de totale NO2-concentraties uit de Monitoringstool (tabel 3.2 en 3.3).
Tabel 4.1. Resultaten NO2
locatie
3
jaargemiddelde concentratie NO2 (µg/m )
jaar
monitoringstool
ID 2170
ID 2182
max. bijdrage
bijdrage industriële
verkeer LWM
emissies LWM
totaal
grenswaarde
2014
21,6
1,7
2,6
25,9
60
2015
20,6
1,7
2,6
24,9
40
2020
17,5
1,7
2,6
21,8
40
2014
23,6
1,7
0,4
25,7
60
2015
22,6
1,7
0,4
24,7
40
2020
18,8
1,7
0,4
20,9
40
Uit tabel 4.1 blijkt dat op beide toetsingspunten wordt voldaan aan de grenswaarden voor
de jaargemiddelde concentraties NO2. Boven een indicatorgrenswaarde van 82 µg NO2/m 3
als jaargemiddelde kan de grenswaarde van maximaal 18 uren per jaar met uurgemiddelde
concentraties hoger dan 200 µg NO2/m 3 worden verwacht. Er wordt op de toetspunten ruim
Witteveen+Bos, BOZ35-53/spij2/008 definitief d.d. 26 augustus 2013, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013
11
voldaan aan deze indicatorgrenswaarde, dus overschrijding van de grenswaarde voor de
uurgemiddelde concentratie NO2 wordt niet verwacht.
4.3.2.
PM10
In onderstaande tabel 4.2 is de berekende bijdrage van het wegverkeer van LWM aan de
PM10-concentraties gesommeerd met de totale PM10-concentraties uit de Monitoringstool
(tabel 3.2 en 3.3). Er zijn geen relevante PM10 emissies afkomstig van industriële bronnen.
Tabel 4.2. Resultaten PM10
locatie
3
jaargemiddelde concentratie PM10 (µg/m )
jaar
monitoringstool
max. bijdrage
totaal
grenswaarde
verkeer LWM
ID 2170
ID 2182
2014
23,8
0,2
24,0
40
2015
22,8
0,2
23,0
40
2020
21,9
0,2
22,1
40
2014
22,9
0,2
23,1
40
2015
21,8
0,2
22,0
40
2020
21,1
0,2
21,3
40
Uit tabel 4.2 blijkt dat op beide toetsingspunten wordt voldaan aan de grenswaarden voor
de jaargemiddelde concentraties PM10. Boven een indicatorgrenswaarde van 31,2 µg
PM10/m 3 als jaargemiddelde, kan de grenswaarde van maximaal 35 dagen per jaar met
etmaalgemiddelde concentraties hoger dan 50 µg PM10/m 3 worden verwacht. Er wordt op
de toetspunten eveneens ruim voldaan aan deze indicatorgrenswaarde, dus overschrijding
van de grenswaarde voor de etmaalgemiddelde concentratie PM10 wordt niet verwacht.
12
Witteveen+Bos, BOZ35-53/spij2/008 definitief d.d. 26 augustus 2013, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013
5.
CONCLUSIES
Berekeningen met Kema Stacks en CARII zijn uitgevoerd om de concentraties NO2 en
PM10 en de invloed van de inrichting van LWM te Bergen op Zoom in beeld te brengen. Op
maatgevende locaties is de gecombineerde invloed in beeld gebracht van de activiteiten
van LWM en de achtergrondconcentratie en de bijdrage van lokaal wegverkeer.
Uit de resultaten blijkt dat op de maatgevende locaties:
- wordt voldaan aan de grenswaarde voor de jaargemiddelde concentratie NO2;
- wordt voldaan aan de grenswaarde voor het aantal uren met een uurgemiddelde concentratie boven 200 µg NO2/m 3;
- wordt voldaan aan de grenswaarde voor de jaargemiddelde concentratie PM10;
- wordt voldaan aan de grenswaarde voor het aantal dagen met een etmaalgemiddelde
concentratie boven 50 µg PM10/m 3.
De aangevraagde activiteiten van LWM voldoen op deze punten aan de luchtkwaliteitseisen, waarmee wordt voldaan aan artikel 5.16, eerste lid, onder a van de Wet milieubeheer.
Witteveen+Bos, BOZ35-53/spij2/008 definitief d.d. 26 augustus 2013, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013
13
14
Witteveen+Bos, BOZ35-53/spij2/008 definitief d.d. 26 augustus 2013, Luchtkwaliteitonderzoek productielocatie Bergen op Zoom mei 2013
BIJLAGE I
SCENARIOFILE NOX VERSPREIDINGSBEREKENINGEN
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-53/spij2/008 d.d. 26 augustus 2013
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-53/spij2/008 d.d. 26 augustus 2013
KEMA STACKS VERSIE 2012.1
Release 10 mei 2012
Stof-identificatie:
NO2
start datum/tijd:
31-05-2013 9:50:46
datum/tijd journaal bestand: 31-05-2013 10:21:26
BEREKENINGRESULTATEN
Geen percentielen berekend
Berekening uitgevoerd met alle meteo uit Presrm!
Meteo Schiphol en Eindhoven, vertaald naar locatiespecifieke meteo
De locatie waarop de achtergrondconcentratie (en meteo) is bepaald
:
77500 391000
De basis-meteorologie EN afgeleide meteo (u*, L etc) is via de
PreSRM verkregen
opgegeven
emissie-bestand
D:\STACKS_12_1\Stacks12_1_BOZ3553\input\emis.dat
Bron(nen)-bijdragen PLUS achtergrondconcentraties berekend!
Generieke Concentraties van Nederland (GCN) gebruikt
Deze zijn gelezen met de PreSRM module; versie :
1.206
Opgegeven eigen dubbeltellingscorrectie achtergrondconcentraties
0.0000
Windroos-waarden berekend op opgegeven coordinaten:
391000
GCN-waarden in de BLK file per receptorpunt berekend.
Doorgerekende (meteo)periode
Start datum/tijd: 1- 1-1995 1:00 h
Eind datum/tijd: 31-12-2004 24:00 h
Prognostische berekeningen met referentie jaar:
2014
Aantal meteo-uren waarmee gerekend is
:
77500
87600
De windroos: frekwentie van voorkomen van de windsektoren(uren, %)
op receptor-lokatie
met
coordinaten:
77500
391000
gem.
windsnelheid, neerslagsom en gem.
achtergrondconcentraties
(ug/m3)
sektor(van-tot) uren
%
ws neerslag(mm)
NO2
O3
1
2
3
(-15- 15):
( 15- 45):
( 45- 75):
4278.0
4969.0
7172.0
4.9
5.7
8.2
3.2
3.3
3.8
281.40
225.85
189.30
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-53/spij2/008 d.d. 26 augustus 2013
17.36
19.91
21.49
52.82
46.91
41.35
4 ( 75-105): 4861.0
5 (105-135): 5334.0
6 (135-165): 6052.0
7 (165-195): 9358.0
8 (195-225): 12670.0
9 (225-255): 12210.0
10 (255-285): 9181.0
11 (285-315): 6404.0
12 (315-345): 5111.0
gemiddeld/som: 87600.0
5.5
6.1
6.9
10.7
14.5
13.9
10.5
7.3
5.8
3.3
3.2
3.2
3.9
4.5
5.0
4.2
3.8
3.4
3.9
231.70
373.20
552.25
895.74
1306.24
1428.69
1308.80
834.54
459.60
8087.32
lengtegraad: :
5.0
breedtegraad: : 52.0
Bodemvochtigheid-index:
1.00
Albedo (bodemweerkaatsingscoefficient):
25.31
26.00
25.51
22.09
18.08
13.51
12.22
11.64
13.44
18.3
34.44
31.99
29.90
34.05
40.22
50.88
55.27
59.50
58.29
44.6
0.20
Geen percentielen berekend
Aantal receptorpunten
2601
Terreinruwheid receptor gebied [m]:
0.8767
Terreinruwheid [m] op meteolokatiein windgegevens verwerkt
Hoogte berekende concentraties [m]:
1.5
Gemiddelde veldwaarde concentratie [ug/m3]:
18.59362
hoogste gem. concentratiewaarde in het grid:
23.06866
Hoogste uurwaarde concentratie in tijdreeks:
138.31133
Coordinaten (x,y):
80000,
390060
Datum/tijd
(yy,mm,dd,hh): 2001
1 19 14
Aantal bronnen
:
4
********* Brongegevens van bron
:
1
** PUNTBRON **
01 nieuwe ketel 1
X-positie van de bron [m]:
77660
Y-positie van de bron [m]:
390938
Schoorsteenhoogte (tov maaiveld) [m]:
13.0
Inw. schoorsteendiameter (top):
1.00
Uitw. schoorsteendiameter (top):
1.05
Gem. volumeflux over bedrijfsuren
(Nm3/s) :
4.72161
Gem. uittree snelheid over bedrijfsuren (m/s) :
8.22375
Temperatuur rookgassen (K)
:
373.00
Gem. warmte emissie over bedrijfsuren (MW)
:
0.583
**Warmte emissie is per uur berekend afh van buitenluchttemp**
NO2 fraktie in het rookgas [%]
:
10.00
Aantal bedrijfsuren:
74967
(Bedrijfsuren zijn uren met een emissie > 0)
gemiddelde emissie over bedrijfsuren: (kg/s)
0.000415000
gemiddelde emissie over alle uren:
(kg/s)
0.000355152
********* Brongegevens van bron
:
2
** PUNTBRON **
02 nieuwe ketel 2
X-positie van de bron [m]:
77656
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-53/spij2/008 d.d. 26 augustus 2013
Y-positie van de bron [m]:
390941
Schoorsteenhoogte (tov maaiveld) [m]:
13.0
Inw. schoorsteendiameter (top):
1.00
Uitw. schoorsteendiameter (top):
1.05
Gem. volumeflux over bedrijfsuren
(Nm3/s) :
4.49684
Gem. uittree snelheid over bedrijfsuren (m/s) :
7.81296
Temperatuur rookgassen (K)
:
373.00
Gem. warmte emissie over bedrijfsuren (MW)
:
0.554
**Warmte emissie is per uur berekend afh van buitenluchttemp**
NO2 fraktie in het rookgas [%]
:
10.00
Aantal bedrijfsuren:
71047
(Bedrijfsuren zijn uren met een emissie > 0)
gemiddelde emissie over bedrijfsuren: (kg/s)
0.000394000
gemiddelde emissie over alle uren:
(kg/s)
0.000319549
********* Brongegevens van bron
** PUNTBRON **
03 TNV
:
3
X-positie van de bron [m]:
77631
Y-positie van de bron [m]:
390934
Schoorsteenhoogte (tov maaiveld) [m]:
11.0
Inw. schoorsteendiameter (top):
1.20
Uitw. schoorsteendiameter (top):
1.25
Gem. volumeflux over bedrijfsuren
(Nm3/s) :
4.84613
Gem. uittree snelheid over bedrijfsuren (m/s) :
5.85347
Temperatuur rookgassen (K)
:
373.00
Gem. warmte emissie over bedrijfsuren (MW)
:
0.598
**Warmte emissie is per uur berekend afh van buitenluchttemp**
NO2 fraktie in het rookgas [%]
:
10.00
Aantal bedrijfsuren:
71017
(Bedrijfsuren zijn uren met een emissie > 0)
gemiddelde emissie over bedrijfsuren: (kg/s)
0.000391000
gemiddelde emissie over alle uren:
(kg/s)
0.000316982
********* Brongegevens van bron
:
** PUNTBRON **
04 Biogas motor
4
X-positie van de bron [m]:
77639
Y-positie van de bron [m]:
390928
Schoorsteenhoogte (tov maaiveld) [m]:
12.0
Inw. schoorsteendiameter (top):
0.45
Uitw. schoorsteendiameter (top):
0.50
Gem. volumeflux over bedrijfsuren
(Nm3/s) :
1.39309
Gem. uittree snelheid over bedrijfsuren (m/s) :
11.98184
Temperatuur rookgassen (K)
:
373.00
Gem. warmte emissie over bedrijfsuren (MW)
:
0.172
**Warmte emissie is per uur berekend afh van buitenluchttemp**
NO2 fraktie in het rookgas [%]
:
10.00
Aantal bedrijfsuren:
70892
(Bedrijfsuren zijn uren met een emissie > 0)
gemiddelde emissie over bedrijfsuren: (kg/s)
0.000328000
gemiddelde emissie over alle uren:
(kg/s)
0.000265440
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-53/spij2/008 d.d. 26 augustus 2013
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-53/spij2/008 d.d. 26 augustus 2013
BIJLAGE II
INVOERBESTAND EN RESULTATEN CARII-BEREKENING
Witteveen+Bos, bijlage II behorende bij rapport BOZ35-53/spij2/008 d.d. 26 augustus 2013
Witteveen+Bos, bijlage II behorende bij rapport BOZ35-53/spij2/008 d.d. 26 augustus 2013
Tabel II.1. Invoergegevens CARII berekening
Straat
Intensiteit Fractie Fractie Fractie Fractie Parkeer
Snelheids
Weg
Bomen Afstand
Fractie
Plaats
naam
X(m) Y(m) (mvt/etm) licht middel zwaar autob. beweg.
type
type
factor tot wegas stagnatie
Bergen op Zoom Randweg West 78000 391993
674
0,59
0,02
0,39
0
0
Normaal stadsverkeer Basistype 1,25
10
0
Tabel II.2. Resultaten CARII berekening
Rapportage no2pm10
Naam
Versie
Stratenbestand
Jaartal
Meteorologische conditie
Resultaten inclusief zeezoutcorrectie
Resultaten inclusief zeezoutcorrectie
Schalingsfactor emissiefactoren
Personeneauto's
Middelzwaar verkeer
Zwaar verkeer
Autobussen
Plaats
Bergen op Zoom
rekenaar, vrij.
11.0
LWM2014
2014
Meerjarige meteorologie
locatieafhankelijk
0 µg/m3
1
1
1
1
Straatnaam
Randweg West
X
Y
78000 391993
Witteveen+Bos, bijlage II behorende bij rapport BOZ35-53/spij2/008 d.d. 26 augustus 2013
NO2 (µg/m3)
Jaargemiddelde
21,3
NO2 (µg/m3)
Jm achtergrond
19,6
PM10 (µg/m3)
Jaargemiddelde
22
PM10 (µg/m3)
Jm achtergrond
21,8
BIJLAGE III
CONTOURENKAART NO2-BIJDRAGE LWM
Witteveen+Bos, bijlage III behorende bij rapport BOZ35-53/spij2/008 d.d. 26 augustus 2013
Witteveen+Bos, bijlage III behorende bij rapport BOZ35-53/spij2/008 d.d. 26 augustus 2013
Afbeelding III.1. Bijdrage industriële bronnen LWM aan NO2-concentraties
Tabel III.3. Bijdrage industriële bronnen LWM aan NO2-concentraties
3
datum
31 mei 2013
contouren
µg/m als jaargemiddelde
versie
1
meteogegevens
1995-2004
berekend
NO2-bijdrage
meteostation
Nederland
model
Kema Stacks 12.1
terreinruwheidslengte
0,8767 m
getekend
ir. A.C.J. Donkersloot
schaal
3 x 3 km
Witteveen+Bos, bijlage III behorende bij rapport BOZ35-53/spij2/008 d.d. 26 augustus 2013
BIJLAGE III
AKOESTISCH ONDERZOEK
Witteveen+Bos, bijlage III behorende bij rapport BOZ35-50/13.001.130 d.d. 13 december 2013
Witteveen+Bos, bijlage III behorende bij rapport BOZ35-50/13.001.130 d.d. 13 december 2013
Lamb Weston/Meijer v.o.f.
INHOUDSOPGAVE
blz.
1. INLEIDING
1
2. WETTELIJK KADER
2.1. Gezoneerde industrieterrein Theodorushaven
2.2. Vigerende geluidvoorschriften
2.3. Tussentijdse toetsing door zonebeheerder
3
3
3
3
3. UITGANGSPUNTEN
3.1. Algemeen
3.2. Representatieve bedrijfssituatie
3.3. Bronnen in het rekenmodel
3.4. Maximale geluidniveaus
3.5. Afwijkingen van de representatieve bedrijfssituatie
5
5
5
7
10
10
4. BEREKENINGEN
4.1. Akoestische modelvorming
4.2. Rekenresultaten langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus
4.3. Rekenresultaten maximale geluidniveaus
11
11
11
12
5. BEOORDELING EN CONCLUSIES
13
laatste bladzijde
13
BIJLAGEN
I
Advies van tussentijdse toetsing
II
Overzicht van de inrichting
III
Invoergegevens rekenmodel
IV
Rekenresultaten (langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus)
V
Rekenresultaten (maximale geluidniveaus)
aantal blz.
3
1
15
11
8
1.
INLEIDING
De vestiging van Lamb Weston/Meijer (hierna: LWM) aan de Vierlinghweg te Bergen op
Zoom is ingericht voor de productie van voorgebakken aardappelproducten, die in bevroren
toestand worden gedistribueerd naar afnemers. De inrichting ligt op het gezoneerde
industrieterrein Theodorushaven.
Afbeelding 1.1. Ligging Lamb Weston/Meijer
LWM is voornemens de productielocatie in Bergen op Zoom uit te breiden. Voor deze
uitbreiding wordt een omgevingsvergunning voor het onderdeel milieu aangevraagd. Als
onderdeel van deze aanvraag dient de geluidbelasting ten gevolge van de inrichting in
beeld gebracht te worden en vervolgens dient deze getoetst te worden door de betreffende
zonebeheerder. In dat kader is onderhavig akoestisch onderzoek uitgevoerd. Bij het
bepalen van de geluidbelasting is de gehele inrichting beschouwd (niet alleen de
uitbreiding).
De uitbreidingsplannen die de basis vormen van het voorliggende geluidonderzoek worden
als volgt kort omschreven (zie ook de vergunningaanvraag WABO bijlage: B200c):
- realisatie van een tweede lijn voor gebakken aardappelproducten, waardoor de totale
hoeveelheid gebakken aardappelproducten met 70 % toeneemt;
- de vlokkenlijn wordt in capaciteit uitgebreid van 1 ton/h naar 3 ton/h;
- de mogelijkheid om 100 % van de tijd gebatterd product (spicy wedges) te kunnen
produceren blijft gehandhaafd;
- het totale aardappelverbruik door de uitbreidingen van zowel gebakken product als
vlokken wordt hiermee verdubbeld naar circa 500.000 ton per jaar.
Witteveen+Bos, BOZ35-54/balm/003 definitief d.d. 29 augustus 2013, Akoestisch onderzoek Vierlinghweg Bergen op Zoom onderdeel van de
aanvraag voor omgevingsvergunning (milieu)
1
2
Witteveen+Bos, BOZ35-54/balm/003 definitief d.d. 29 augustus 2013, Akoestisch onderzoek Vierlinghweg Bergen op Zoom onderdeel van de
aanvraag voor omgevingsvergunning (milieu)
2.
WETTELIJK KADER
2.1.
Gezoneerde industrieterrein Theodorushaven
LWM ligt op het, volgens de Wet geluidhinder, gezoneerde industrieterrein
Theodorushaven. De geluidbelasting van alle bedrijven op het gezoneerde industrieterrein
samen mag op een vastgestelde afstand de norm van 50 dB(A) niet overschrijden. De
beoordeling of aan deze norm voldaan kan worden na de uitbreiding van LWM is aan de
zonebeheerder van het industrieterrein. In dit geval is dat de Omgevingsdienst Midden- en
West-Brabant.
2.2.
Vigerende geluidvoorschriften
De vigerende (milieu)vergunning is afgegeven door de gemeente Bergen op Zoom op
31 oktober 2000. Voor geluid zijn hierin onder andere de volgende voorschriften
opgenomen:
Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau geproduceerd door de in de inrichting
aanwezige toestellen en installaties, alsmede door de in de inrichting verrichte
werkzaamheden en plaatsvindende activiteiten, mag op de volgende immissiepunten op
een hoogte van 5 meter boven het plaatselijk maaiveld niet meer bedragen dan de in tabel
2.1 vermelde grenswaarden.
Tabel 2.1 Grenswaarden voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in dB(A)
immissiepunt
rijksdriehoekscoördinaten
dagperiode
avondperiode
nachtperiode
punt A
77810 , 390987
45
45
44
punt B
77769 , 390885
52
52
52
punt C
77614 , 390984
63
63
62
punt D
77642 , 390749
51
51
51
Onverminderd het hierboven gestelde mag het maximale geluidsniveau, veroorzaakt door
de in de inrichting aanwezige toestellen en installaties, alsmede door de in de inrichting
verrichte werkzaamheden en plaatsvindende activiteiten ter plaatse van de genoemde
immissiepunten niet meer bedragen dan de in tabel 2.2 genoemde waarden.
Tabel 2.2. Grenswaarden voor het maximale geluidsniveau in dB(A)
immissiepunt
dagperiode
avondperiode
nachtperiode
punt A
58
58
58
punt B
57
57
57
punt C
64
64
64
punt D
64
64
64
Controle op of berekening van de genoemde voorschriften moet geschieden
overeenkomstig de Handleiding meten en rekenen industrielawaai (VROM, 1999).
2.3.
Tussentijdse toetsing door zonebeheerder
Op 9 juli 2013 heeft door de zonebeheerder in het kader van het vooroverleg over de
uitbreiding van LWM een tussentijdse zonetoets plaatsgevonden. Het advies van deze
toetsing is bijgevoegd in bijlage I van dit rapport.
Witteveen+Bos, BOZ35-54/balm/003 definitief d.d. 29 augustus 2013, Akoestisch onderzoek Vierlinghweg Bergen op Zoom onderdeel van de
aanvraag voor omgevingsvergunning (milieu)
3
De conclusie van de toetsing luidde dat als gevolg van de wijzigingen binnen LWM de
geluidbelasting op een aantal punten licht afneemt en op een aantal andere punten licht
toeneemt. Ter plaatse van de bestaande zonebewakingspunten en MTG-punten neemt de
geluidbelasting in ieder geval niet zoveel toe dat de vastgestelde zonegrens of de
maximaal toelaatbare geluidbelasting wordt overschreden.
In tabel 2.3 zijn de in het kader van de tussentijdse toetsing berekende langtijdgemiddelde
beoordelingsniveaus getoond.
Tabel 2.3 Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in dB(A) - tussentijdse toetsing
immissiepunt
rijksdriehoekscoördinaten
dagperiode
avondperiode
nachtperiode
punt A
77810 , 390987
47
47
47
punt B
77769 , 390885
53
53
53
punt C
77614 , 390984
67
60
59
punt D
77642 , 390749
52
51
50
punt E
77495 , 390796
52
51
51
punt F
77359 , 390094
47
47
47
punt G
77453 , 391105
51
49
48
punt H
77725 , 391140
43
43
42
4
Witteveen+Bos, BOZ35-54/balm/003 definitief d.d. 29 augustus 2013, Akoestisch onderzoek Vierlinghweg Bergen op Zoom onderdeel van de
aanvraag voor omgevingsvergunning (milieu)
3.
UITGANGSPUNTEN
3.1.
Algemeen
LWM produceert voorgebakken aardappelproducten, die in bevroren toestand worden
gedistribueerd naar afnemers. Tevens worden gedroogde aardappelvlokken geproduceerd
welke als halffabricaat worden afgevoerd. De inrichting start op maandag om 07.00 uur en
gaat 12 dagen continu door tot de tweede zaterdag 07.00 uur. De installaties zijn volcontinu
in bedrijf, ook de transportbewegingen vinden in de dag-, avond- en nachtperiode plaats.
De uitbreiding betreft vergroting van de productiecapaciteit:
realisatie van een tweede lijn voor gebakken aardappelproducten, waardoor de totale
hoeveelheid gebakken aardappelproducten met 70 % toeneemt;
- de vlokkenlijn wordt in capaciteit uitgebreid van 1 ton/h naar 3 ton/h;
- de mogelijkheid om 100 % van de tijd gebatterd product (spicy wedges) te kunnen
produceren blijft gehandhaafd;
- het totale aardappelverbruik door de uitbreidingen van zowel gebakken product als
vlokken wordt hiermee verdubbeld naar circa 500.000 ton per jaar.
Dit uit zich in de oprichting van een nieuwe productiehal, het verdwijnen van de
opslagactiviteit naar een externe locatie, het verplaatsen van enkele machines, het
uitbreiden van de waterzuivering en het vergroten van het parkeerterrein. Met de nieuwe
bedrijfsindeling zijn vooral transportbewegingen (door heftrucks) op het terrein minder
nodig. Nieuwe installaties zijn voor zover mogelijk binnen gebouwen opgesteld en grotere
lawaaimakers op het dak van gebouwen zijn voorzien van dempers of zodanig geplaatst
dat deze worden afgeschermd door koven.
In het volgende is de representatieve bedrijfssituatie voor de gehele inrichting (inclusief
uitbreiding) uitvoerig beschreven.
3.2.
Representatieve bedrijfssituatie
In deze paragraaf is het productieproces op hoofdlijnen besproken en zijn de akoestisch
relevante activiteiten uitgelicht. In bijlage II is een overzicht weergegeven met daarin de
genoemde locaties.
Aardappelontvangst (locatie A)
De aardappels worden met vrachtwagens aangevoerd en gelost in een bestaande en een
nieuwe hal aardappelontvangst. Vrachtwagens rijden achteruit tot de transportband nabij
de hallen en lossen de aardappels op deze transportband. De transportroute voor de
aanvoer van aardappels zal plaatsvinden vanaf de Vierlinghweg. Lege aardappelwagens
verlaten het terrein weer via de Vierlinghweg. Voor de aanvoer van aardappelen zijn 60
vrachtwagenbewegingen per dag voorzien. Het laden en lossen neemt in totaal 3 uur in
beslag.
Sorteerafdeling (locatie A)
De aardappels worden gelost, door de tussenwand gevoerd waar ze worden gesorteerd op
grootte en worden gewassen. Op het dak van deze hal bevindt zich een aantal
luchtuitblaasopeningen en ventilatoren. In de nieuwe hal bevinden zich geen blowers voor
afvalwater, hierdoor zijn geen luchtuitblaasopeningen en ventilatoren op het dak benodigd.
Vanuit de sorteerafdeling worden de aardappels in een transportleiding met water
verpompt naar de schilafdeling in de productiehal. De transportleiding straalt niet in
relevante mate geluid af.
Witteveen+Bos, BOZ35-54/balm/003 definitief d.d. 29 augustus 2013, Akoestisch onderzoek Vierlinghweg Bergen op Zoom onderdeel van de
aanvraag voor omgevingsvergunning (milieu)
5
Productiehallen (locatie B)
In zowel de bestaande als de nieuwe productiehal worden de aardappels geschild en
vervolgens gesneden, gesorteerd, geblancheerd, gedroogd, gebakken, gekoeld en
ingevroren. Op het dak van de productiehallen bevindt zich een aantal installaties voor het
uitblazen van lucht, stoom en afgassen, twee vriescondensors voor de vries/koelsystemen, ventilatoren en diverse luchtinlaten. In de ‘tote room’ wordt het ingevroren
product verdeeld naar de inpakafdeling of opgevangen voor tijdelijke opslag in een
vriesruimte. Na de inpakafdeling wordt het product naar de expeditie getransporteerd.
Vanuit de expeditie rijden vrachtwagens (dagelijks circa 55) voor het vervoer van gereed
product vanaf de zuidoostzijde (ten zuidoosten van de huidige Theodorusweg) naar een
externe vriesopslag.
Vlokkenlijn/vlokkensilo’s
Vanuit de snijafdeling worden uitgesorteerde delen van de gesneden aardappels in de
vlokkenlijn gevoerd, waar ze gekookt, gepureerd en gedroogd worden, verpakt in big-bags
of opgeslagen in de vlokkensilo’s. De vlokken worden met vrachtwagens afgevoerd voor
distributie naar afnemers. Per dag rijden vier wagens onder de silo’s om gedurende één
uur te worden beladen. De vrachtwagens kunnen de silo’s direct vanaf de Vierlinghweg
benaderen.
De vlokkenlijn wordt uitgebreid met een hal net ten oosten van de ingang. De productie
wordt verhoogd met een factor drie. In totaal tien ventilatoren, twee
luchtbehandelingskasten en drie uitblazen van schillers zullen worden geplaatst op het dak
van de productieruimtes.
Coldstore
De Cold store is buiten gebruik; de opslag vindt extern plaats. Ter plaatse van deze locatie
bevinden zich geen geluidbronnen.
Afvoer van veevoeder en zetmaal, aanvoer van bakvet
Bij de productie komt schilafval vrij. Dit wordt eerst versneden in een hamermolen (op
maaiveldhoogte) en vervolgens opgeslagen in silo’s. De hamermolen is opgesteld in een
gebouw. Omdat hiervan geen nadere informatie is wordt de hamermolen als vrij rondom
stralende geluidbron in het rekenmodel opgenomen. Per dag voeren zeven vrachtwagens
het veevoeder en zetmeel af. Het laden neemt per vrachtwagen een half uur in beslag.
Vers bakvet wordt met een vrachtwagen per dag aangevoerd en gelost in silo’s in het
vettankenpark en daarna gebruikt in de productie.
Waterzuivering
Het afvalwater wordt in de waterzuivering gezuiverd voordat het wordt geloosd. Ten
behoeve van de waterzuivering is een viertal blowers opgesteld in de sorteerafdeling. De
blowers zijn inpandig opgesteld, zodat de geluidafstraling naar de omgeving
verwaarloosbaar is.
Twee decanters ten behoeve van slibontwatering en grijs zetmeel worden aan de
havenzijde in een container geplaatst. De waterzuivering wordt uitgebreid. In de nieuwe
Nabezinktank is geen puntbeluchter actief en aldus geen geluidbron aanwezig.
Het groter worden van de waterzuivering levert geen extra geluidbronnen maar wel een
anderhalf maal zo grote geluidemissie; de bestaande bronnen worden vermenigvuldigd met
6
Witteveen+Bos, BOZ35-54/balm/003 definitief d.d. 29 augustus 2013, Akoestisch onderzoek Vierlinghweg Bergen op Zoom onderdeel van de
aanvraag voor omgevingsvergunning (milieu)
een factor 1,5; dit komt neer op een toename van 1,8 dB(A). Dit geldt niet voor de ventilator
van de biogasmotor. Het nieuwe grotere exemplaar kent eenzelfde geluidemissie.
Biogasinstallatie (locatie D)
In het ketelhuis is een biogasmotor geïnstalleerd. De uitlaat van de biogasventilator is
opgesteld op het dak van de schilafdeling. Zowel het luchtinlaatrooster als de uitlaat zijn
voorzien van dempers. Deze bronnen dienen niet te worden verward met de ventilator van
de biogasmotor ter plaatse van de zuivering. Voor de biogasmotor is een noodkoeler
aanwezig. Voor de representatieve bedrijfssituatie wordt gesteld dat deze volcontinu in
bedrijf is.
Opslag emballage (‘dry store’) (locatie E)
Vrachtwagens met verpakkingsmateriaal worden gelost met heftrucks in de ‘dry store’, het
materiaal wordt van daaruit met heftrucks inpandig verplaatst naar emballagevoorraad.
Hiermee zijn heftrucks dagelijks gemiddeld 10 uur bezig. Hierbij vindt geen geluidemissie
plaats. Voor de aanvoer van hulpstoffen vinden gemiddeld acht transportbewegingen per
dag plaats.
Weegbrug, palletopslag en andere activiteiten
Aan de haven, ter hoogte van de waterzuivering, bevindt zich een weegbrug. Ter plaatse
van de weegbrug wordt door 67 vrachtwagens (van aan-/afvoer aardappel en
veevoer/reststoffen) per keer 3 minuten gemanoeuvreerd. Bij de drystore vindt de
palletopslag plaats, waar twee vrachtwagens per dag pallets afleveren. Het intern transport
met heftrucks vindt grotendeels binnen de gebouwen plaats en heeft hierdoor geen
geluidemissie; buiten vindt dit beperkt plaats gedurende 4 uur.
Personenauto’s van personeel en bezoekers worden direct vanaf de Vierlinghweg
geparkeerd in daarvoor bestemde parkeervakken en een parkeerplaats aan de
Vierlinghweg naast de traileropslag, waar plaats is voor 112 voertuigen. In de dagperiode
worden 100 personenauto’s verwacht, in zowel de avond- als nachtperiode worden 50
auto’s geparkeerd.
3.3.
Bronnen in het rekenmodel
In tabel 3.1 zijn de in het rekenmodel opgenomen bronnen, de bronvermogens en de
bedrijfstijden getoond. De gewijzigde en/of toegevoegde bronnen vanwege de uitbreiding
zijn grijs gearceerd. De gewijzigde gegevens zijn conform opgave van LWM.
Tabel 3.1. Akoestisch representatieve bedrijfssituatie in het rekenmodel
bronnr.
omschrijving
bedrijfsduur in uren
dag
avond
Lwr in dB(A)
nacht
003a
uitblaas vlokkenlijn 1
12
4
8
90
003b
uitblaas vlokkenlijn 1
12
4
8
90
003c
uitblaas vlokkenlijn 1
12
4
8
90
003d
uitblaas vlokkenlijn 1
12
4
8
90
004a
ventilator gaswasser (westzijde)
12
4
8
87
004b
ventilator gaswasser (oostzijde)
12
4
8
87
005a
ventilator gaswasser (noordzijde)
12
4
8
89
005b
ventilator gaswasser (zuidzijde)
12
4
8
89
007a
luchtinlaat droger 1
12
4
8
90
007b
luchtinlaat droger 1
12
4
8
90
007c
luchtinlaat droger 1
12
4
8
90
007d
luchtinlaat droger 1
12
4
8
90
008a
luchtinlaat productiehal 1
12
4
8
74
Witteveen+Bos, BOZ35-54/balm/003 definitief d.d. 29 augustus 2013, Akoestisch onderzoek Vierlinghweg Bergen op Zoom onderdeel van de
aanvraag voor omgevingsvergunning (milieu)
7
bronnr.
omschrijving
008b
luchtinlaat productiehal 1
bedrijfsduur in uren
12
4
dag
Lwr in dB(A)
8
avond
74
nacht
008c
luchtinlaat productiehal 1
12
4
8
74
008d
luchtinlaat productiehal 1
12
4
8
74
016a
onluchtingsrooster wasserij
12
4
8
77
016b
onluchtingsrooster wasserij
12
4
8
77
020a
ontluchtingsroosters ketelhuis (best. 100 %)
12
4
8
76
020b
ontluchtingsroosters ketelhuis (best. 100 %)
12
4
8
76
043a
NH3 condensor 1, vriestunnel 1
12
4
8
80
043b
NH3 condensor 1, vriestunnel 1
12
4
8
80
044a
NH3 condensor 2, vriestunnel 1
12
4
8
82
044b
NH3 condensor 2, vriestunnel 1
12
4
8
82
006
ventilator gaswasser (bovenzijde)
12
4
8
90
010
hakmolen schilafval (oost)
12
4
8
86
011
hakmolen schilafval (noord)
12
4
8
84
012
hakmolen schilafval (west)
12
4
8
86
013
hakmolen schilafval (zuid)
12
4
8
87
014
hakmolen schilafval (dak)
12
4
8
78
017
open deur aardappelontvangst
1
--
--
93
018
dak wasserij-1a
1
--
--
84
027
afblaas Bosch-ketel 2
12
4
8
83
029
uitblaas dak schillerij 1
12
4
8
85
030
uitblaas dak schillerij 1
12
4
8
81
031
uitblaas dak schillerij 1
12
4
8
79
032
uitblaas dak schillerij 1
12
4
8
81
035
luchinlaat schillerij 1
12
4
8
78
036
luchinlaat schillerij 1
12
4
8
84
039
uitblaas schiller, lijn 1
12
4
8
88
041
LBK inpak 1
12
4
8
75
042
dakventilator inpak 1
12
4
8
88
046
NH3 condensor 1, voorkoeltunnel 1
12
4
8
90
051
dak wasserij-1b
12
4
8
89
055
dak sorteerafdeling-1
12
4
8
74
061
NH3 condensor 2, voorkoeltunnel 1
12
4
8
92
063
gaspijp (bestaand 100 %)
12
4
8
84
064
deur ketelhuis (bestaand 100 %)
12
4
8
74
065
ventilator biogas
12
4
8
92
066
rooster ketelhuis (bestaand 100 %)
12
4
8
88
081
heftruck product vlokkenlijn
1,2
0,4
0,4
101
083
heftruck pallets/hulpstoffen
1,2
0,4
0,4
101
089
waterzuivering
12
4
8
84
090
waterzuivering
12
4
8
84
091
waterzuivering
092
manoeuvreren vrachtwagens restproduct
093
manoeuvreren vrachtwagens aardappelen
094
manoeuvreren vrachtwagens vlokken
095
loods aardappelontvangst, deur blowers
12
4
8
90
096
loods aardappelontvangst, deur blowers
12
4
8
90
097
loods aardappelontvangst, inlaat blowers
12
4
8
92
101
uitlaat gasmotor
12
4
8
98
102
NH3 condensor 3, vriestunnel 1
12
4
8
87
103
noodkoeler biogasmotor
12
4
8
87
8
12
4
8
84
3,351
--
--
100
3
--
--
107
4,001
--
--
107
Witteveen+Bos, BOZ35-54/balm/003 definitief d.d. 29 augustus 2013, Akoestisch onderzoek Vierlinghweg Bergen op Zoom onderdeel van de
aanvraag voor omgevingsvergunning (milieu)
bronnr.
omschrijving
104
rooster ketelhuis gasmotor (bestaand 100 %)
bedrijfsduur in uren
12
4
dag
avond
Lwr in dB(A)
8
88
nacht
105
afblaas TNV
12
4
8
70
106
decanter zuiveringsslib
12
4
8
84
107
LBK vlokkenlijn 1
12
4
8
80
203a
uitblaas vlokkenlijn 2
12
4
8
90
203b
uitblaas vlokkenlijn 2
12
4
8
90
203c
uitblaas vlokkenlijn 2
12
4
8
90
203d
uitblaas vlokkenlijn 2
12
4
8
90
203e
uitblaas vlokkenlijn 2
12
4
8
90
203f
uitblaas vlokkenlijn 2
12
4
8
90
208a
luchtinlaat productiehal 2
12
4
8
74
208b
luchtinlaat productiehal 2
12
4
8
74
208c
luchtinlaat productiehal 2
12
4
8
74
208d
luchtinlaat productiehal 2
12
4
8
74
220a
ontluchtingsroosters ketelhuis (100 %)
12
4
8
76
220b
ontluchtingsroosters ketelhuis (100 %)
12
4
8
76
243a
NH3 condensor, voorkoeltunnel 2 (nieuw 100
12
4
8
80
%)
244a
NH3 condensor, precooler 2 (nieuw 100 %)
12
4
8
82
245a
NH3 condensor, vriestunnel 2 (nieuw 100 %)
12
4
8
89
218
dak wassserij-1 a
1
--
--
84
227
afblaas Bosch-ketel 1 (100 %)
12
4
8
83
229
uitblaas schillerij 2
12
4
8
85
230
uitblaas schillerij 2
12
4
8
81
231
uitblaas schillerij 2
12
4
8
79
232
uitblaas schillerij 2
12
4
8
81
235
luchtinlaat schillerij 2
12
4
8
78
236
luchtinlaat schillerij 2
12
4
8
84
239
uitblaas schiller, lijn 2
12
4
8
88
241
LBK inpak 2
12
4
8
75
242
dakventilator inpak 2
12
4
8
88
251
dak wassserij-2 a
12
4
8
89
255
dak sorteerafdeling-2
12
4
8
74
306
decanter grijs zetmeel
12
4
8
84
307
LBK vlokkenlijn 2
12
4
8
80
339
uitblaas schiller K en K
12
4
8
84
Tabel 3.2. Akoestisch representatieve bedrijfssituatie (transportbewegingen)
bron
omschrijving
75
aanvoer aardappelen
76
aanvoer afval en veevoer
77
aanvoer hulpstoffen/pallets
78
distributie gereed product vlokken
79
distributie gereed product frites
98
personenauto’s
dag
aantal bewegingen
avond
nacht
equivalent geluidsvermogen
LWR in dB(A)
60
20
40
104
8
2
4
104
20
0
0
104
4
2
2
104
56
18
38
104
100
50
50
94
Witteveen+Bos, BOZ35-54/balm/003 definitief d.d. 29 augustus 2013, Akoestisch onderzoek Vierlinghweg Bergen op Zoom onderdeel van de
aanvraag voor omgevingsvergunning (milieu)
9
3.4.
Maximale geluidniveaus
Vanwege overslaghandelingen (het wisselen van containers) bij vrachtwagens en de handelingen met de vorkheftrucks treden piekniveaus op. In tabel 3.3 is een overzicht gegeven
van de geluidbronnen die het betreft.
Tabel 3.3. Akoestisch representatieve bedrijfssituatie, piekgeluidbronnen
bron
omschrijving
piekgeluidsvermogen LWR
p1
vrachtwagen wisselen containers
111
p2
heftruck piek (vlokken)
110
p3
uitblaas schiller
p4
heftruck piek (frites)
in dB(A)
95
110
Vanwege het continu karakter van de geluidafstraling zal de piekgeluidsbelasting vanwege
stationaire bronnen niet meer dan 5 dB boven de totale equivalente geluidsbelasting
uitkomen.
3.5.
Afwijkingen van de representatieve bedrijfssituatie
Omdat er voornamelijk sprake is van stationaire processen, zijn incidentele verhogingen
van de geluidsafstraling (behoudens calamiteiten) niet te verwachten. Tijdens de
tweewekelijkse productiestop in het weekend wordt onderhoud gepleegd aan de
installaties, waarbij normaliter nauwelijks geluid wordt geproduceerd. Eventuele storingen
aan installaties en calamiteiten worden direct aangepakt.
10
Witteveen+Bos, BOZ35-54/balm/003 definitief d.d. 29 augustus 2013, Akoestisch onderzoek Vierlinghweg Bergen op Zoom onderdeel van de
aanvraag voor omgevingsvergunning (milieu)
4.
BEREKENINGEN
4.1.
Akoestische modelvorming
Om de geluidbelasting op de omgeving te kunnen bepalen is een akoestisch
overdrachtsmodel opgesteld conform de ‘Handleiding meten en rekenen industrielawaai’. In
het model wordt de werkelijke situatie geschematiseerd tot bronnen, objecten,
bodemgebieden en hoogtelijnen. Ter plaatse van de beoordelingsposities uit de vigerende
vergunning zijn toetspunten gemodelleerd. Voor de invoergegevens van het model wordt
verwezen naar bijlage III.
4.2.
Rekenresultaten langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus
In tabel 4.1 zijn de berekeningsresultaten gegeven voor de langtijdgemiddelde
beoordelingsniveaus op de vergunningspunten A tot en met D. De waarden zijn vergeleken
met de waarden in de vergunning.
Tabel 4.1. Equivalente geluidsbelasting op de vergunningspunten in dB(A)
dagperiode
immissiepunt
avondperiode
nachtperiode
berekend
vergund
berekend
vergund
berekend
vergund
A (woning)
44
45
44
45
44
44
B
50
52
49
52
49
52
C
67
63
60
63
58
62
D
51
51
51
51
49
51
In bijlage IV zijn voor alle in het model opgenomen punten de resultaten gegeven. Uit tabel
4.1 volgt dat de geluidsbelasting in de dagperiode op één punt de vergunde waarden
overschrijdt. Deze overschrijding wordt veroorzaakt doordat in de nieuwe situatie het
transport op korte afstand van dit punt plaatsvindt.
Tabel 4.2. Equivalente geluidsbelasting en tussentijdse toetsing dB(A)
dagperiode
immissiepunt
berekend
tussentijdse
avondperiode
berekend
toets
tussentijdse
nachtperiode
berekend
tussentijdse
toets
toets
A (woning)
44
47
44
47
44
47
B
50
53
49
53
49
53
C
67
67
60
60
58
59
D
51
52
51
51
49
50
E
51
52
50
51
50
51
F
48
47
46
47
46
47
G
50
51
47
49
46
48
H
41
43
41
43
41
42
De berekende geluidsbelasting is ten opzichte van de tussentijdse toetsing enigszins
gewijzigd. Alleen ter plaatse van immissiepunt F is sprake van een toename van de
geluidsbelasting met 1 dB(A) in de dagperiode. Gezien dit resultaat geldt de verwachting
dat de uitbreiding van LWM inpasbaar is binnen de zone. De feitelijke zonetoets is
uiteraard aan de zonebeheerder.
Witteveen+Bos, BOZ35-54/balm/003 definitief d.d. 29 augustus 2013, Akoestisch onderzoek Vierlinghweg Bergen op Zoom onderdeel van de
aanvraag voor omgevingsvergunning (milieu)
11
4.3.
Rekenresultaten maximale geluidniveaus
In tabel 4.3 zijn de berekeningsresultaten gegeven voor de maximale geluidniveaus op de
vergunningspunten A tot en met D (zie bijlage V). De waarden zijn vergeleken met de
waarden in de vergunning.
Tabel 4.3. Maximale geluidsniveaus op de vergunningspunten in dB(A)
dagperiode
avondperiode
nachtperiode
49
49
49
1
55
55
55
C2
75
75
75
D2
66
66
66
immissiepunt
A (woning)1
B
De waarde uit de vigerende vergunning worden ter plaatse van de immissiepunten C en D
overschreden. Ter hoogte van de woning (immissiepunt A) wordt ruimschoots voldaan aan
de streefwaarde van maximaal 10 dB boven de equivalente geluidsbelasting.
1
Maximale geluidniveaus worden bepaald door stationaire bronnen (equivalente geluidbelasting en 5dB).
2
Maximale geluidniveaus worden bepaald door overslaghandelingen.
12
Witteveen+Bos, BOZ35-54/balm/003 definitief d.d. 29 augustus 2013, Akoestisch onderzoek Vierlinghweg Bergen op Zoom onderdeel van de
aanvraag voor omgevingsvergunning (milieu)
5.
BEOORDELING EN CONCLUSIES
De vestiging van Lamb Weston/Meijer (hierna: LWM) aan de Vierlinghweg te Bergen op
Zoom is ingericht voor de productie van voorgebakken aardappelproducten. De inrichting
ligt op het gezoneerde industrieterrein Theodorushaven. Als onderdeel van de aanvraag
voor omgevingsvergunning is door Witteveen+Bos de geluidsbelasting naar de omgeving
in beeld gebracht.
Uit de resultaten van dit onderzoek volgt dat ter plaatse van immissiepunt C niet voldaan
kan worden aan de vigerende geluidvoorschriften voor het langtijdgemiddeld
beoordelingsniveau in de dagperiode. Ter plaatse van de immissiepunten C en D kan in de
dag,- avond en nachtperiode niet voldaan worden aan de vigerende voorschriften voor de
maximale geluidniveaus.
Omdat (1) de langtijdgemiddelde beoordelingsviveaus grosso modo tenminste gelijk of
lager bedragen dan de geluidniveaus die bij de tussentijdse toetsing (9 juli 2013) inpasbaar
werden geacht door de zonebeheerder en omdat (2) ter plaatse van de meest nabij
gelegen woningen ruimschoots voldaan kan worden aan de streefwaarde van maximaal 10
dB boven de equivalente geluidsbelasting, is de geluidsbelasting naar verwachting
inpasbaar.
In het kader van de voorschriftstelling verzoeken wij om
- de grenswaarde voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau ter plaatse van
immissiepunt C in de dagperiode te verhogen naar 67 dB(A), en;
- de maximale geluidniveaus ter plaatse van de immissiepunten C en D te verhogen naar
respectievelijk 75 dB(A) en 66 dB(A)-etmaalwaarde.
Witteveen+Bos, BOZ35-54/balm/003 definitief d.d. 29 augustus 2013, Akoestisch onderzoek Vierlinghweg Bergen op Zoom onderdeel van de
aanvraag voor omgevingsvergunning (milieu)
13
BIJLAGE I
ADVIES VAN TUSSENTIJDSE TOETSING
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-54/balm/003 d.d. 29 augustus 2013
Witteveen+Bos, bijlage I behorende bij rapport BOZ35-54/balm/003 d.d. 29 augustus 2013
Advies geluid
Projectgegevens
Naam bedrijf
Adres inrichting
Woonplaats
Vergunning
Projectnummer
:
:
:
:
:
Lamb Weston Meijer
Vierlinghweg
Bergen op Zoom
Verandering/revisie?
??
Opdrachtgever
Adviseur
Datum opdracht
Datum gereed
:
:
:
:
Wim Daemen
Willem Jan van Empel
1 juli
9 juli
Omschrijving opdracht
Met betrekking tot bovenvermeld project is verzocht de volgende werkzaamheden uit te
voeren:
Uitvoeren zonetoets.
Uitgevoerde werkzaamheden
Met betrekking tot bovenvermeld project zijn de volgende werkzaamheden uitgevoerd:
Het akoestisch rekenmodel is in het bestaande zonebewakingsmodel gepast;
Zonetoets is uitgevoerd.
Resultaten werkzaamheden
Lamb Weston Meijer is voornemens de bestaande fabriek flink uit te breiden. Hierover is het
bedrijf in overleg met de gemeente en de Omgevingsdienst.
In het kader van het vooroverleg is verzocht de geluidimmissie vanwege het bedrijf te toetsen aan de beschikbare geluidruimte binnen de zone vanwege industrieterrein Theodorushaven. Het rekenmodel is verder inhoudelijk niet getoetst.
Van Witteveen+Bos is een akoestisch rekenmodel ontvangen. Dit rekenmodel is in het bestaande zonebewakingsmodel vanwege het industrieterrein gevoegd. Hiertoe is allereerst
het bestaande rekenmodel van Lamb Weston Meijer uit het model verwijderd.
In het rekenmodel van Witteveen+Bos was een hoogtelijn opgenomen om de terreingrenzen. Omdat er op het industrieterrein in het zonebewakingsmodel nu geen hoogtelijnen zijn
toegepast is dit onwenselijk. In overleg met de akoestisch adviseur is de hoogtelijn uit het
model verwijderd. Alle gebouwen, objecten en bronnen die een ‘relatieve hoogte’ in het rekenmodel hadden meegekregen, hebben een ‘eigen waarde’ gekregen van 2,0 meter boven
maaiveld, wat overeenkomt met de hoogtelijn van Witteveen+Bos.
Daarnaast zijn de volgende wijzigingen in het rekenmodel toegepast:
Gebouw 051, gelegen op het huidige terrein van MCT, is uit het model verwijderd;
De bestaande bronnen van MCT die zijn gelegen binnen de uitbreiding van Lamb Weston Meijer zijn vooralsnog gehandhaafd. T.z.t. zal de vergunning van MCT moeten worden aangepast;
De gebouwen van Lamb Weston Meijer aan de Vierlinghweg 26-28 en de Van Wemelweg 2 zijn aangepast aan de digitale ondergrond. De maaiveldhoogte en de hoogte van
de gebouwen is niet gewijzigd.
Uit de rekenresultaten blijkt dat als gevolg van de wijzigingen binnen Lamb Weston Meijer
de geluidbelasting op een aantal punten licht afneemt en op een aantal andere punten licht
toeneemt. Ter plaatse van de bestaande zonebewakingspunten en MTG-punten neemt de
geluidbelasting in ieder geval niet zoveel toe dat de vastgestelde zonegrens of de maximaal
toelaatbare geluidbelasting wordt overschreden (zie bijlage I).
Advies
Samenvattend wordt geadviseerd om in te stemmen met de nu gepresenteerde geluidimmissie vanwege Lamb Weston Meijer. Wel wordt opgemerkt dat het model inhoudelijk niet
is beoordeeld, dit zal bij het vervolg van de Wabo-procedure alsnog dienen te gebeuren.
Met vriendelijke groet,
Willem Jan van Empel
............................................
(handtekening medewerk(st)er)
9 juli 2013
.....................................
(paraaf collegiale toets)
Bijlage I
BIJLAGE II
OVERZICHT VAN DE INRICHTING
Witteveen+Bos, bijlage II behorende bij rapport BOZ35-54/balm/003 d.d. 29 augustus 2013
Witteveen+Bos, bijlage II behorende bij rapport BOZ35-54/balm/003 d.d. 29 augustus 2013
BIJLAGE III
INVOERGEGEVENS REKENMODEL
Witteveen+Bos, bijlage III behorende bij rapport BOZ35-54/balm/003 d.d. 29 augustus 2013
Witteveen+Bos, bijlage III behorende bij rapport BOZ35-54/balm/003 d.d. 29 augustus 2013
LWM vergunningpunt G
391100
0m
LWM
A.O. Vierlinghweg
Bodemgebied
Gebouw
Toetspunt
LWM vergunningpunt H
100 m
schaal = 1 : 2500
391000
LWM vergunningpunt A
LWM vergunningpunt C
LWM vergunningpunt F
390900
LWM vergunningpunt B
LWM vergunningpunt E
LWM vergunningpunt D
overzicht toetspunten
77600
77700
77800
77900
BOZ35-54
77400
77500
Industrielawaai - IL, [revisie augustus 2013 - rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.] , Geomilieu V2.14
Witteveen+Bos - locatie Den Haag
390800
09
8
07
5
0m
LWM
A.O. Vierlinghweg
Bodemgebied
Detail puntbron
Gebouw
Mobiele bron
Puntbron
70 m
schaal = 1 : 1715
093
391000
017
251
016a
255
106
07
6
306
390900
016b
8
051
07
218
081 307
094
203c
107
095
203a
203e
203d
203b
097
203f
220b 104
055
066
003c
227 020b
089
003a 220a
096
064
003d
003b 105 101020a
102
027
103
339
061
046
239
029 036
044b
090
043b
030032 039 044a
043a 243a
065
031
236
244a
245a
235
035
091
229
008b
208b230232
231
004a
005a
006
208c
008c
208a 005b
004b
007d
011
014
092 012
013
010
208d
007c
008a
007b
041
007a
008d
018
042
063
241
07
7
242
083
overzicht bronnen langtijdgemiddeld beoordelingsniveau
77600
77700
77800
BOZ35-54
77400
77500
Industrielawaai - IL, [revisie augustus 2013 - rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.] , Geomilieu V2.14
Witteveen+Bos
07
9
390800
203c
203a
203e
203d
203b
203f
097
003c
003a
003d
003b
089
0m
107
20 m
schaal = 1 : 584
220b
220a
227
104
101
066
020b
020a
105
LWM
094
Bodemgebied
Detail puntbron
Gebouw
095
Mobiele bron
Puntbron
096
A.O. Vierlinghweg
018
064
102
027
103
339
061
046
239
029
090
030
065
032
031
036
039
236
044b
044a
043b
043a
243a
244a
245a
235
035
390900
229
208b
208a
092
230
004a
005a
006
005b 004b
008b
232
231
208c
008c
007d
012011
014
013010
208d
007c
008a
007b
overzicht bronnen langtijdgemiddeld beoordelingsniveau
detail
BOZ35-54
77600
Industrielawaai - IL, [revisie augustus 2013 - rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.] , Geomilieu V2.14
041
Witteveen+Bos
007a
0m
LWM
A.O. Vierlinghweg
Bodemgebied
Detail puntbron
Gebouw
Mobiele bron
Puntbron
70 m
schaal = 1 : 1715
391000
p4
p3
390900
p1
p2
390800
77700
77800
Witteveen+Bos
overzicht bronnen maximale geluidniveaus
77600
BOZ35-54
77400
77500
Industrielawaai - IL, [revisie augustus 2013 - piekgeluiden Lamb Weston / Meijer V.o.f.] , Geomilieu V2.14
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Lijst van model eigenschappen
rekenmodel Lamb Weston / Meijer
V.o.f.
Model eigenschap
Omschrijving
Verantwoordelijke
Rekenmethode
Aangemaakt door
rekenmodel Lamb Weston / Meijer
dijd2
IL
rwi op 07-11-2005
Laatst ingezien door
Model aangemaakt met
Origineel project
Originele omschrijving
dijd2 op 31-07-2013
GN-V5.00
Uitgifte modellen
Kopie van Kopie van Groep Export : Lamb Weston / Meijer
Geïmporteerd door
Definitief
Definitief verklaard door
Standaard maaiveldhoogte
Rekenhoogte contouren
Detailniveau toetspunt resultaten
Detailniveau resultaten grids
Meteorologische correctie
dijd2 op 15-05-2013
omgevingsvergunning concept
dijd2 op 31-07-2013
0
5
Bronresultaten
Groepsresultaten
Toepassen standaard, 5.0
Standaard bodemfactor
Absorptiestandaarden
Clusteren gebouwen
Verwijderen binnenwanden
Luchtdemping [dB/km]
0.0
HMRI-II.8
Ja
Ja
0.02 0.07 0.25 0.76 1.63 2.86 6.23 19.00 67.40
Aandachtsgebied
Dynamische foutmarge
---
Geomilieu V2.14
V.o.f.
V.o.f.
31-07-2013 23:10:33
LWM
A.O. Vierlinghweg
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Commentaar
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:10:33
LWM
A.O. Vierlinghweg
Model:
Groep:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.
LWM
Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam
003a
003b
003c
003d
004a
Omschr.
uitblaas vlokkenlijn
uitblaas vlokkenlijn
uitblaas vlokkenlijn
uitblaas vlokkenlijn
ventilator gaswasser
Hoogte
0.80
0.80
0.80
0.80
0.70
Maaiveld
13.50
13.50
13.50
13.50
11.40
004b
005a
005b
007a
007b
ventilator gaswasser (oostzijde)
ventilator gaswasser (noordzijde)
ventilator gaswasser (zuidzijde)
luchtinlaat droger 1
luchtinlaat droger 1
0.70
0.70
0.70
1.00
1.00
11.40
11.40
11.40
14.00
14.00
Relatief
Relatief
Relatief
Relatief
Relatief
aan
aan
aan
aan
aan
onderliggend
onderliggend
onderliggend
onderliggend
onderliggend
item
item
item
item
item
007c
007d
008a
008b
008c
luchtinlaat
luchtinlaat
luchtinlaat
luchtinlaat
luchtinlaat
1.00
1.00
1.00
1.00
1.00
14.00
14.00
14.00
14.00
14.00
Relatief
Relatief
Relatief
Relatief
Relatief
aan
aan
aan
aan
aan
onderliggend
onderliggend
onderliggend
onderliggend
onderliggend
item
item
item
item
item
008d
016a
016b
020a
020b
luchtinlaat productiehal 1
ontluchtingsrooster wasserij
ontluchtingsrooster wasserij
ontluchtingsroosters ketelhuis (best. 100%)
ontluchtingsroosters ketelhuis (best. 100%)
1.00
0.10
0.10
0.70
0.70
14.00
10.00
10.00
11.40
11.40
Relatief aan onderliggend item
Relatief aan onderliggend item
Relatief aan onderliggend item
Eigen waarde
Eigen waarde
043a
043b
044a
044b
203a
NH3 condensor 1, vriestunnel
NH3 condensor 1, vriestunnel
NH3 condensor 2, vriestunnel
NH3 condensor 2, vriestunnel
uitblaas vlokkenlijn 2
5.40
5.40
5.40
5.40
0.80
10.40
10.40
10.40
10.40
11.40
Relatief aan
Relatief aan
Relatief aan
Relatief aan
Eigen waarde
203b
203c
203d
203e
203f
uitblaas
uitblaas
uitblaas
uitblaas
uitblaas
0.80
0.80
0.80
0.80
0.80
11.40
11.40
11.40
11.40
11.40
Eigen
Eigen
Eigen
Eigen
Eigen
208a
208b
208c
208d
220a
luchtinlaat productiehal 2
luchtinlaat productiehal 2
luchtinlaat productiehal 2
luchtinlaat productiehal 2
ontluchtingsroosters ketelhuis (100%)
1.00
1.00
1.00
1.00
0.70
11.40
11.40
11.40
11.40
13.50
Relatief aan
Relatief aan
Relatief aan
Relatief aan
Eigen waarde
220b
243a
244a
245a
006
ontluchtingsroosters ketelhuis (100%)
NH3 condensor, voorkoeltnl 2 (nw 100%)
NH3 condensor, precooler (nieuw 100%)
NH3 condensor, vriestunnel 2 (nw 100%)
ventilator gaswasser (bovenzijde)
0.70
5.40
5.40
2.00
0.10
13.50
11.40
11.40
11.40
12.40
Eigen waarde
Relatief aan
Relatief aan
Relatief aan
Relatief aan
010
011
012
013
014
hakmolen
hakmolen
hakmolen
hakmolen
hakmolen
1.60
1.60
1.60
1.60
0.10
2.00
2.00
2.00
2.00
4.00
017
018
027
029
030
open deur aardappelontvangst
dak loods wasserij-1 a
afblaas Bosch-ketel 2
uitblaas dak schillerij 1
uitblaas dak schillerij 1
4.00
0.10
0.10
2.10
2.10
2.00
10.00
13.40
11.40
11.40
Eigen waarde
Relatief aan onderliggend item
Eigen waarde
Relatief aan onderliggend item
Relatief aan onderliggend item
031
032
035
036
039
uitblaas dak schillerij 1
uitblaas dak schillerij 1
luchtinlaat schillerij 1
luchtinlaat schillerij 1
uitblaas schiller, lijn 1
2.10
2.10
0.50
0.50
0.10
11.40
11.40
11.40
11.40
14.90
Relatief aan
Relatief aan
Relatief aan
Relatief aan
Eigen waarde
041
042
046
051
055
LBK inpak 1
dakventilator inpak 1
NH3 condensor 1, voorkoeltunnel 1
dak wasserij-1 b
dak sorteerafdeling-1
0.20
0.20
1.00
0.10
0.10
11.40
11.40
10.40
10.00
10.00
Eigen waarde
Eigen waarde
Relatief aan onderliggend item
Relatief aan onderliggend item
Relatief aan onderliggend item
061
NH3 condensor 2, voorkoeltunnel 1
2.00
10.40
Relatief aan onderliggend item
1
1
1
1
(westzijde)
droger 1
droger 1
productiehal 1
productiehal 1
productiehal 1
vlokkenlijn
vlokkenlijn
vlokkenlijn
vlokkenlijn
vlokkenlijn
schilafval
schilafval
schilafval
schilafval
schilafval
Geomilieu V2.14
1
1
1
1
2
2
2
2
2
(oost)
(noord)
(west)
(zuid)
(dak)
Hdef.
Eigen waarde
Eigen waarde
Eigen waarde
Eigen waarde
Relatief aan onderliggend item
Eigen
Eigen
Eigen
Eigen
Eigen
onderliggend
onderliggend
onderliggend
onderliggend
item
item
item
item
onderliggend
onderliggend
onderliggend
onderliggend
item
item
item
item
onderliggend
onderliggend
onderliggend
onderliggend
item
item
item
item
waarde
waarde
waarde
waarde
waarde
waarde
waarde
waarde
waarde
waarde
onderliggend
onderliggend
onderliggend
onderliggend
item
item
item
item
31-07-2013 23:18:23
LWM
A.O. Vierlinghweg
Model:
Groep:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.
LWM
Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam
003a
003b
003c
003d
004a
Type
Normale puntbron
Normale puntbron
Normale puntbron
Normale puntbron
Uitstralende gevel
Cb(u)(D)
12.000
12.000
12.000
12.000
12.000
Cb(u)(A)
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
Cb(u)(N)
8.000
8.000
8.000
8.000
8.000
Lw 31
62.00
62.00
62.00
62.00
55.50
Lw 63
68.50
68.50
68.50
68.50
69.50
Lw 125
78.70
78.70
78.70
78.70
76.20
Lw 250
92.00
92.00
92.00
92.00
80.20
Lw 500
97.50
97.50
97.50
97.50
80.30
Lw 1k
98.90
98.90
98.90
98.90
80.80
004b
005a
005b
007a
007b
Uitstralende gevel
Uitstralende gevel
Uitstralende gevel
Normale puntbron
Normale puntbron
12.000
12.000
12.000
12.000
12.000
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
8.000
8.000
8.000
8.000
8.000
55.50
52.20
52.20
52.40
52.40
69.50
67.00
67.00
67.50
67.50
76.20
72.50
72.50
71.60
71.60
80.20
81.60
81.60
82.20
82.20
80.30
83.00
83.00
85.10
85.10
80.80
83.80
83.80
84.90
84.90
007c
007d
008a
008b
008c
Normale
Normale
Normale
Normale
Normale
puntbron
puntbron
puntbron
puntbron
puntbron
12.000
12.000
12.000
12.000
12.000
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
8.000
8.000
8.000
8.000
8.000
52.40
52.40
44.10
44.10
44.10
67.50
67.50
58.70
58.70
58.70
71.60
71.60
62.90
62.90
62.90
82.20
82.20
67.30
67.30
67.30
85.10
85.10
68.70
68.70
68.70
84.90
84.90
68.20
68.20
68.20
008d
016a
016b
020a
020b
Normale puntbron
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralende gevel
Uitstralende gevel
12.000
12.000
12.000
12.000
12.000
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
8.000
8.000
8.000
8.000
8.000
44.10
39.50
39.50
44.60
44.60
58.70
53.10
53.10
56.90
56.90
62.90
62.80
62.80
62.60
62.60
67.30
66.40
66.40
67.90
67.90
68.70
67.80
67.80
67.20
67.20
68.20
70.50
70.50
69.30
69.30
043a
043b
044a
044b
203a
Normale
Normale
Normale
Normale
Normale
puntbron
puntbron
puntbron
puntbron
puntbron
12.000
12.000
12.000
12.000
12.000
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
8.000
8.000
8.000
8.000
8.000
50.50
50.50
53.20
53.20
62.00
57.50
57.50
59.80
59.80
68.50
61.80
61.80
64.00
64.00
78.70
68.10
68.10
70.10
70.10
92.00
73.10
73.10
75.30
75.30
97.50
75.90
75.90
77.80
77.80
98.90
203b
203c
203d
203e
203f
Normale
Normale
Normale
Normale
Normale
puntbron
puntbron
puntbron
puntbron
puntbron
12.000
12.000
12.000
12.000
12.000
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
8.000
8.000
8.000
8.000
8.000
62.00
62.00
62.00
62.00
62.00
68.50
68.50
68.50
68.50
68.50
78.70
78.70
78.70
78.70
78.70
92.00
92.00
92.00
92.00
92.00
97.50
97.50
97.50
97.50
97.50
98.90
98.90
98.90
98.90
98.90
208a
208b
208c
208d
220a
Normale puntbron
Normale puntbron
Normale puntbron
Normale puntbron
Uitstralende gevel
12.000
12.000
12.000
12.000
12.000
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
8.000
8.000
8.000
8.000
8.000
44.10
44.10
44.10
44.10
44.60
58.70
58.70
58.70
58.70
56.90
62.90
62.90
62.90
62.90
62.60
67.30
67.30
67.30
67.30
67.90
68.70
68.70
68.70
68.70
67.20
68.20
68.20
68.20
68.20
69.30
220b
243a
244a
245a
006
Uitstralende gevel
Normale puntbron
Normale puntbron
Normale puntbron
Uitstralend dak HMRI-II.8
12.000
12.000
12.000
12.000
12.000
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
8.000
8.000
8.000
8.000
8.000
44.60
50.50
53.20
60.00
56.10
56.90
57.50
59.80
71.70
70.40
62.60
61.80
64.00
76.20
72.90
67.90
68.10
70.10
78.40
82.30
67.20
73.10
75.30
80.70
83.90
69.30
75.90
77.80
84.20
84.90
010
011
012
013
014
Uitstralende gevel
Uitstralende gevel
Uitstralende gevel
Uitstralende gevel
Uitstralend dak HMRI-II.8
12.000
12.000
12.000
12.000
12.000
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
8.000
8.000
8.000
8.000
8.000
52.30
51.00
51.20
51.80
50.80
64.10
62.40
62.30
63.40
62.50
70.40
68.40
68.80
70.80
66.00
77.10
76.10
76.50
78.30
71.10
79.50
77.70
80.10
81.20
71.90
80.90
78.80
81.40
81.50
72.90
017
018
027
029
030
Uitstralende gevel
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralend dak HMRI-II.8
1.000
1.000
12.000
12.000
12.000
--4.000
4.000
4.000
--8.000
8.000
8.000
66.30
66.70
64.70
55.90
48.30
73.30
68.30
77.80
62.50
60.80
67.10
67.10
77.70
76.10
71.30
73.10
64.70
74.50
79.10
75.10
83.60
75.00
73.00
79.60
74.60
88.40
77.10
73.60
78.00
74.90
031
032
035
036
039
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralende gevel
Uitstralende gevel
Uitstralend dak HMRI-II.8
12.000
12.000
12.000
12.000
12.000
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
8.000
8.000
8.000
8.000
8.000
60.60
47.90
48.10
50.10
65.60
67.00
61.80
61.30
62.50
73.00
71.20
71.40
70.60
73.40
77.00
72.30
73.30
69.10
75.50
80.30
73.30
77.40
70.50
76.90
82.30
72.80
74.70
73.10
79.90
82.00
041
042
046
051
055
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralend dak HMRI-II.8
Normale puntbron
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralend dak HMRI-II.8
12.000
12.000
12.000
12.000
12.000
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
8.000
8.000
8.000
8.000
8.000
43.70
46.50
53.00
57.80
49.10
50.80
60.10
63.90
70.30
61.30
57.90
71.20
70.20
80.10
68.30
63.70
78.10
76.50
78.70
63.50
65.50
84.50
83.20
80.20
62.20
72.50
83.80
85.30
78.20
60.30
061
Normale puntbron
12.000
4.000
8.000
70.60
77.60
83.80
86.00
86.10
85.80
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:18:23
LWM
A.O. Vierlinghweg
Model:
Groep:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.
LWM
Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam
003a
003b
003c
003d
004a
Lw 2k
95.60
95.60
95.60
95.60
76.80
Lw 4k
86.50
86.50
86.50
86.50
71.80
Lw 8k
77.90
77.90
77.90
77.90
69.20
Lw Totaal
102.83
102.83
102.83
102.83
86.57
Red 31
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
Red 63
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
Red 125
5.00
5.00
5.00
5.00
0.00
Red 250
10.00
10.00
10.00
10.00
0.00
Red 500
12.50
12.50
12.50
12.50
0.00
Red 1k
13.00
13.00
13.00
13.00
0.00
Red 2k
16.00
16.00
16.00
16.00
0.00
Red 4k
7.00
7.00
7.00
7.00
0.00
004b
005a
005b
007a
007b
76.80
80.60
80.60
80.60
80.60
71.80
75.60
75.60
71.90
71.90
69.20
71.50
71.50
63.10
63.10
86.57
88.88
88.88
89.78
89.78
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
007c
007d
008a
008b
008c
80.60
80.60
64.30
64.30
64.30
71.90
71.90
60.10
60.10
60.10
63.10
63.10
53.00
53.00
53.00
89.78
89.78
74.15
74.15
74.15
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
008d
016a
016b
020a
020b
64.30
72.00
72.00
68.50
68.50
60.10
69.10
69.10
67.00
67.00
53.00
62.80
62.80
65.80
65.80
74.15
76.96
76.96
75.82
75.82
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
043a
043b
044a
044b
203a
73.80
73.80
75.50
75.50
95.60
69.50
69.50
70.90
70.90
86.50
64.80
64.80
65.70
65.70
77.90
80.17
80.17
82.03
82.03
102.83
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
5.00
0.00
0.00
0.00
0.00
10.00
0.00
0.00
0.00
0.00
12.50
0.00
0.00
0.00
0.00
13.00
0.00
0.00
0.00
0.00
16.00
0.00
0.00
0.00
0.00
7.00
203b
203c
203d
203e
203f
95.60
95.60
95.60
95.60
95.60
86.50
86.50
86.50
86.50
86.50
77.90
77.90
77.90
77.90
77.90
102.83
102.83
102.83
102.83
102.83
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
5.00
5.00
5.00
5.00
5.00
10.00
10.00
10.00
10.00
10.00
12.50
12.50
12.50
12.50
12.50
13.00
13.00
13.00
13.00
13.00
16.00
16.00
16.00
16.00
16.00
7.00
7.00
7.00
7.00
7.00
208a
208b
208c
208d
220a
64.30
64.30
64.30
64.30
68.50
60.10
60.10
60.10
60.10
67.00
53.00
53.00
53.00
53.00
65.80
74.15
74.15
74.15
74.15
75.82
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
220b
243a
244a
245a
006
68.50
73.80
75.50
82.90
81.40
67.00
69.50
70.90
79.70
75.00
65.80
64.80
65.70
72.90
68.60
75.82
80.17
82.03
89.11
89.69
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
010
011
012
013
014
78.90
76.90
78.90
79.70
69.70
73.20
71.00
73.90
74.40
62.20
66.00
64.40
67.00
65.90
52.30
85.79
83.95
86.04
86.81
78.12
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
017
018
027
029
030
88.70
72.20
71.00
75.80
70.40
81.50
59.30
66.90
66.50
63.60
70.80
47.90
63.00
54.90
52.30
92.71
80.79
83.28
85.07
80.80
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
031
032
035
036
039
68.20
68.80
70.50
77.20
77.90
61.90
61.70
64.50
70.80
72.40
53.80
52.60
54.70
59.80
63.30
79.30
81.16
78.26
84.34
87.71
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
041
042
046
051
055
68.50
76.10
84.10
71.50
51.40
58.10
68.00
80.90
61.90
37.80
48.40
58.70
73.10
54.20
26.20
75.08
88.12
90.03
85.73
71.24
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
061
82.70
77.00
71.40
92.42
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:18:23
LWM
A.O. Vierlinghweg
Model:
Groep:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.
LWM
Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam
003a
003b
003c
003d
004a
Red 8k
5.00
5.00
5.00
5.00
0.00
Lwr 31
62.00
62.00
62.00
62.00
55.50
Lwr 63
68.50
68.50
68.50
68.50
69.50
Lwr 125
73.70
73.70
73.70
73.70
76.20
Lwr 250
82.00
82.00
82.00
82.00
80.20
Lwr 500
85.00
85.00
85.00
85.00
80.30
Lwr 1k
85.90
85.90
85.90
85.90
80.80
Lwr 2k
79.60
79.60
79.60
79.60
76.80
Lwr 4k
79.50
79.50
79.50
79.50
71.80
Lwr 8k
72.90
72.90
72.90
72.90
69.20
Lwr Totaal
90.40
90.40
90.40
90.40
86.57
004b
005a
005b
007a
007b
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
55.50
52.20
52.20
52.40
52.40
69.50
67.00
67.00
67.50
67.50
76.20
72.50
72.50
71.60
71.60
80.20
81.60
81.60
82.20
82.20
80.30
83.00
83.00
85.10
85.10
80.80
83.80
83.80
84.90
84.90
76.80
80.60
80.60
80.60
80.60
71.80
75.60
75.60
71.90
71.90
69.20
71.50
71.50
63.10
63.10
86.57
88.88
88.88
89.78
89.78
007c
007d
008a
008b
008c
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
52.40
52.40
44.10
44.10
44.10
67.50
67.50
58.70
58.70
58.70
71.60
71.60
62.90
62.90
62.90
82.20
82.20
67.30
67.30
67.30
85.10
85.10
68.70
68.70
68.70
84.90
84.90
68.20
68.20
68.20
80.60
80.60
64.30
64.30
64.30
71.90
71.90
60.10
60.10
60.10
63.10
63.10
53.00
53.00
53.00
89.78
89.78
74.15
74.15
74.15
008d
016a
016b
020a
020b
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
44.10
39.50
39.50
44.60
44.60
58.70
53.10
53.10
56.90
56.90
62.90
62.80
62.80
62.60
62.60
67.30
66.40
66.40
67.90
67.90
68.70
67.80
67.80
67.20
67.20
68.20
70.50
70.50
69.30
69.30
64.30
72.00
72.00
68.50
68.50
60.10
69.10
69.10
67.00
67.00
53.00
62.80
62.80
65.80
65.80
74.15
76.96
76.96
75.82
75.82
043a
043b
044a
044b
203a
0.00
0.00
0.00
0.00
5.00
50.50
50.50
53.20
53.20
62.00
57.50
57.50
59.80
59.80
68.50
61.80
61.80
64.00
64.00
73.70
68.10
68.10
70.10
70.10
82.00
73.10
73.10
75.30
75.30
85.00
75.90
75.90
77.80
77.80
85.90
73.80
73.80
75.50
75.50
79.60
69.50
69.50
70.90
70.90
79.50
64.80
64.80
65.70
65.70
72.90
80.17
80.17
82.03
82.03
90.40
203b
203c
203d
203e
203f
5.00
5.00
5.00
5.00
5.00
62.00
62.00
62.00
62.00
62.00
68.50
68.50
68.50
68.50
68.50
73.70
73.70
73.70
73.70
73.70
82.00
82.00
82.00
82.00
82.00
85.00
85.00
85.00
85.00
85.00
85.90
85.90
85.90
85.90
85.90
79.60
79.60
79.60
79.60
79.60
79.50
79.50
79.50
79.50
79.50
72.90
72.90
72.90
72.90
72.90
90.40
90.40
90.40
90.40
90.40
208a
208b
208c
208d
220a
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
44.10
44.10
44.10
44.10
44.60
58.70
58.70
58.70
58.70
56.90
62.90
62.90
62.90
62.90
62.60
67.30
67.30
67.30
67.30
67.90
68.70
68.70
68.70
68.70
67.20
68.20
68.20
68.20
68.20
69.30
64.30
64.30
64.30
64.30
68.50
60.10
60.10
60.10
60.10
67.00
53.00
53.00
53.00
53.00
65.80
74.15
74.15
74.15
74.15
75.82
220b
243a
244a
245a
006
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
44.60
50.50
53.20
60.00
56.10
56.90
57.50
59.80
71.70
70.40
62.60
61.80
64.00
76.20
72.90
67.90
68.10
70.10
78.40
82.30
67.20
73.10
75.30
80.70
83.90
69.30
75.90
77.80
84.20
84.90
68.50
73.80
75.50
82.90
81.40
67.00
69.50
70.90
79.70
75.00
65.80
64.80
65.70
72.90
68.60
75.82
80.17
82.03
89.11
89.69
010
011
012
013
014
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
52.30
51.00
51.20
51.80
50.80
64.10
62.40
62.30
63.40
62.50
70.40
68.40
68.80
70.80
66.00
77.10
76.10
76.50
78.30
71.10
79.50
77.70
80.10
81.20
71.90
80.90
78.80
81.40
81.50
72.90
78.90
76.90
78.90
79.70
69.70
73.20
71.00
73.90
74.40
62.20
66.00
64.40
67.00
65.90
52.30
85.79
83.95
86.04
86.81
78.12
017
018
027
029
030
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
66.30
69.70
64.70
55.90
48.30
73.30
71.30
77.80
62.50
60.80
67.10
70.10
77.70
76.10
71.30
73.10
67.70
74.50
79.10
75.10
83.60
78.00
73.00
79.60
74.60
88.40
80.10
73.60
78.00
74.90
88.70
75.20
71.00
75.80
70.40
81.50
62.30
66.90
66.50
63.60
70.80
50.90
63.00
54.90
52.30
92.71
83.79
83.28
85.07
80.80
031
032
035
036
039
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
60.60
47.90
48.10
50.10
65.60
67.00
61.80
61.30
62.50
73.00
71.20
71.40
70.60
73.40
77.00
72.30
73.30
69.10
75.50
80.30
73.30
77.40
70.50
76.90
82.30
72.80
74.70
73.10
79.90
82.00
68.20
68.80
70.50
77.20
77.90
61.90
61.70
64.50
70.80
72.40
53.80
52.60
54.70
59.80
63.30
79.30
81.16
78.26
84.34
87.71
041
042
046
051
055
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
43.70
46.50
53.00
60.80
52.10
50.80
60.10
63.90
73.30
64.30
57.90
71.20
70.20
83.10
71.30
63.70
78.10
76.50
81.70
66.50
65.50
84.50
83.20
83.20
65.20
72.50
83.80
85.30
81.20
63.30
68.50
76.10
84.10
74.50
54.40
58.10
68.00
80.90
64.90
40.80
48.40
58.70
73.10
57.20
29.20
75.08
88.12
90.03
88.73
74.24
061
0.00
70.60
77.60
83.80
86.00
86.10
85.80
82.70
77.00
71.40
92.42
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:18:23
LWM
A.O. Vierlinghweg
Model:
Groep:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.
LWM
Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam
063
064
065
066
081
Omschr.
gaspijp (bestaand 100%)
deur ketelhuis (bestaand 100%)
ventilator biogas
rooster ketelhuis (bestaand 100%)
heftruck product vlokkenlijn
Hoogte
4.50
3.00
8.40
3.00
1.00
Maaiveld
2.00
2.00
2.00
2.00
2.00
083
089
090
091
092
heftruck pallets/hulpstoffen
Waterzuivering
Waterzuivering
Waterzuivering
Manoeuvreren vrachtwagens restproduct
1.00
0.10
0.10
0.10
1.25
2.00
9.90
9.90
9.90
2.00
Eigen waarde
Relatief aan onderliggend item
Relatief aan onderliggend item
Relatief aan onderliggend item
Eigen waarde
093
094
095
096
097
Manoeuvreren vrachtwagens
Manoeuvreren vrachtwagens
Loods aardappelontvangst,
Loods aardappelontvangst,
Loods aardappelontvangst,
1.25
1.25
2.00
2.00
5.00
2.00
2.00
2.00
2.00
2.00
Eigen
Eigen
Eigen
Eigen
Eigen
101
102
103
104
105
uitlaat gasmotor
NH3 condensor 3, vriestunnel 1
noodkoeler biogasmaotor
rooster ketelhuis gasmotor (bestaand 100%)
afblaas TNV
0.50
0.50
0.50
3.00
2.00
13.50
11.40
13.50
2.00
13.50
Relatief aan
Relatief aan
Relatief aan
Eigen waarde
Relatief aan
106
107
218
227
229
decanter zuiveringsslib
LBH vlokkenlijn 1
dak wasserij-1 a
afblaas Bosch-ketel 1 (100%)
uitblaas schillerij 2
2.00
1.50
0.10
0.10
2.10
2.00
13.50
16.00
15.50
11.40
Eigen waarde
Relatief aan
Relatief aan
Relatief aan
Relatief aan
onderliggend
onderliggend
onderliggend
onderliggend
item
item
item
item
230
231
232
235
236
uitblaas schillerij 2
uitblaas schillerij 2
uitblaas schillerij 2
luchtinlaat schillerij 2
luchtinlaat schillerij 2
2.10
2.10
2.10
0.50
0.50
11.40
11.40
11.40
11.40
11.40
Relatief
Relatief
Relatief
Relatief
Relatief
onderliggend
onderliggend
onderliggend
onderliggend
onderliggend
item
item
item
item
item
239
241
242
251
255
uitblaas schiller, lijn 2
LBK inpak 2
dakventilator inpak 2
dak wasserij-2 a
dak sorteerafdeling-2
0.10
0.20
0.20
0.10
0.10
14.90
11.40
11.40
16.00
16.00
Relatief aan onderliggend item
Eigen waarde
Eigen waarde
Eigen waarde
Eigen waarde
306
307
339
decanter grijs zetmeel
LBH vlokkenlijn 2
uitblaas schillervlokkenlijn (KenK)
2.00
1.50
0.10
2.00
11.40
14.90
Eigen waarde
Relatief aan onderliggend item
Relatief aan onderliggend item
Geomilieu V2.14
aardappelen
vlokken
deur blowers
deur blowers
inlaat blowers
Hdef.
Eigen
Eigen
Eigen
Eigen
Eigen
waarde
waarde
waarde
waarde
waarde
waarde
waarde
waarde
waarde
waarde
aan
aan
aan
aan
aan
onderliggend item
onderliggend item
onderliggend item
onderliggend item
31-07-2013 23:18:23
LWM
A.O. Vierlinghweg
Model:
Groep:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.
LWM
Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam
063
064
065
066
081
Normale
Normale
Normale
Normale
Normale
Type
puntbron
puntbron
puntbron
puntbron
puntbron
Cb(u)(D)
12.000
12.000
12.000
12.000
1.200
Cb(u)(A)
4.000
4.000
4.000
4.000
0.400
Cb(u)(N)
8.000
8.000
8.000
8.000
0.400
Lw 31
44.70
46.00
50.60
57.10
66.30
Lw 63
60.50
64.70
58.90
76.50
74.00
Lw 125
68.60
60.80
70.20
76.90
90.30
Lw 250
69.20
59.80
75.00
77.20
91.70
Lw 500
72.60
64.00
85.60
76.40
96.50
Lw 1k
76.90
64.60
83.20
75.00
95.90
083
089
090
091
092
Normale puntbron
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralend dak HMRI-II.8
Normale puntbron
1.200
12.000
12.000
12.000
3.351
0.400
4.000
4.000
4.000
--
0.400
8.000
8.000
8.000
--
66.30
---54.60
74.00
65.00
65.00
65.00
80.20
90.30
65.00
65.00
65.00
86.30
91.70
69.00
69.00
69.00
89.90
96.50
74.00
74.00
74.00
89.40
95.90
76.00
76.00
76.00
95.80
093
094
095
096
097
Normale puntbron
Normale puntbron
Uitstralende gevel
Uitstralende gevel
Uitstralende gevel
3.000
4.001
12.000
12.000
12.000
--4.000
4.000
4.000
--8.000
8.000
8.000
63.30
63.30
79.80
79.80
69.90
72.20
72.20
82.70
82.70
81.30
81.50
81.50
87.60
87.60
91.00
89.60
89.60
77.00
77.00
80.70
95.00
95.00
75.50
75.50
79.20
101.60
101.60
70.00
70.00
74.30
101
102
103
104
105
Normale
Normale
Normale
Normale
Normale
puntbron
puntbron
puntbron
puntbron
puntbron
12.000
12.000
12.000
12.000
12.000
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
8.000
8.000
8.000
8.000
8.000
73.10
62.20
62.20
63.60
46.20
78.10
67.20
67.20
68.60
64.90
83.10
72.20
72.20
73.60
60.00
87.10
76.20
76.20
77.60
60.60
91.10
80.20
80.20
81.60
64.20
92.10
81.20
81.20
82.60
62.80
106
107
218
227
229
Normale puntbron
Uitstralende gevel
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralend dak HMRI-II.8
12.000
12.000
1.000
12.000
12.000
4.000
4.000
-4.000
4.000
8.000
8.000
-8.000
8.000
40.40
55.70
66.70
64.70
55.90
48.00
74.40
68.30
77.80
62.50
67.20
69.70
67.10
77.70
76.10
71.00
70.10
64.70
74.50
79.10
80.30
73.70
75.00
73.00
79.60
79.60
72.30
77.10
73.60
78.00
230
231
232
235
236
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralend dak HMRI-II.8
Uitstralende gevel
Uitstralende gevel
12.000
12.000
12.000
12.000
12.000
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
8.000
8.000
8.000
8.000
8.000
48.30
60.60
47.90
48.10
50.10
60.80
67.00
61.80
61.30
62.50
71.30
71.20
71.40
70.60
73.40
75.10
72.30
73.30
69.10
75.50
74.60
73.30
77.40
70.50
76.90
74.90
72.80
74.70
73.10
79.90
239
241
242
251
255
Uitstralend
Uitstralend
Uitstralend
Uitstralend
Uitstralend
HMRI-II.8
HMRI-II.8
HMRI-II.8
HMRI-II.8
HMRI-II.8
12.000
12.000
12.000
12.000
12.000
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
8.000
8.000
8.000
8.000
8.000
65.60
43.70
46.50
57.80
49.10
73.00
50.80
60.10
70.30
61.30
77.00
57.90
71.20
80.10
68.30
80.30
63.70
78.10
78.70
63.50
82.30
65.50
84.50
80.20
62.20
82.00
72.50
83.80
78.20
60.30
306
307
339
Normale puntbron
Uitstralende gevel
Uitstralend dak HMRI-II.8
12.000
12.000
12.000
4.000
4.000
4.000
8.000
8.000
8.000
40.40
55.70
65.60
48.00
74.40
73.00
67.20
69.70
77.00
71.00
70.10
80.30
80.30
73.70
82.30
79.60
72.30
82.00
dak
dak
dak
dak
dak
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:18:23
LWM
A.O. Vierlinghweg
Model:
Groep:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.
LWM
Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam
063
064
065
066
081
Lw 2k
79.30
63.00
88.80
74.40
94.00
Lw 4k
76.10
63.00
83.30
77.80
83.90
Lw 8k
75.00
70.50
74.80
85.70
73.70
Lw Totaal
83.83
74.11
92.09
88.33
101.37
Red 31
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
Red 63
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
Red 125
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
Red 250
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
Red 500
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
Red 1k
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
Red 2k
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
Red 4k
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
083
089
090
091
092
94.00
76.00
76.00
76.00
94.40
83.90
74.00
74.00
74.00
85.80
73.70
72.00
72.00
72.00
76.60
101.37
82.04
82.04
82.04
99.71
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-1.80
-1.80
-1.80
0.00
0.00
-1.80
-1.80
-1.80
0.00
0.00
-1.80
-1.80
-1.80
0.00
0.00
-1.80
-1.80
-1.80
0.00
0.00
-1.80
-1.80
-1.80
0.00
0.00
-1.80
-1.80
-1.80
0.00
0.00
-1.80
-1.80
-1.80
0.00
093
094
095
096
097
101.30
101.30
63.90
63.90
70.10
100.70
100.70
58.00
58.00
65.90
89.80
89.80
49.70
49.70
57.30
106.52
106.52
89.80
89.80
92.16
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
101
102
103
104
105
90.10
79.20
79.20
80.60
60.30
89.10
78.20
78.20
79.60
54.60
87.10
76.20
76.20
77.60
41.50
97.83
86.93
86.93
88.33
70.49
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
106
107
218
227
229
72.50
69.80
72.20
71.00
75.80
67.40
64.10
59.30
66.90
66.50
55.90
51.00
47.90
63.00
54.90
83.80
80.01
80.79
83.28
85.07
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
230
231
232
235
236
70.40
68.20
68.80
70.50
77.20
63.60
61.90
61.70
64.50
70.80
52.30
53.80
52.60
54.70
59.80
80.80
79.30
81.16
78.26
84.34
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
239
241
242
251
255
77.90
68.50
76.10
71.50
51.40
72.40
58.10
68.00
61.90
37.80
63.30
48.40
58.70
54.20
26.20
87.71
75.08
88.12
85.73
71.24
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
306
307
339
72.50
69.80
77.90
67.40
64.10
72.40
55.90
51.00
63.30
83.80
80.01
87.71
0.00
0.00
4.00
0.00
0.00
4.00
0.00
0.00
4.00
0.00
0.00
4.00
0.00
0.00
4.00
0.00
0.00
4.00
0.00
0.00
4.00
0.00
0.00
4.00
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:18:23
LWM
A.O. Vierlinghweg
Model:
Groep:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.
LWM
Lijst van Puntbronnen, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam
063
064
065
066
081
Red 8k
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
Lwr 31
44.70
46.00
50.60
57.10
66.30
Lwr 63
60.50
64.70
58.90
76.50
74.00
Lwr 125
68.60
60.80
70.20
76.90
90.30
Lwr 250
69.20
59.80
75.00
77.20
91.70
Lwr 500
72.60
64.00
85.60
76.40
96.50
Lwr 1k
76.90
64.60
83.20
75.00
95.90
Lwr 2k
79.30
63.00
88.80
74.40
94.00
Lwr 4k
76.10
63.00
83.30
77.80
83.90
Lwr 8k
75.00
70.50
74.80
85.70
73.70
Lwr Totaal
83.83
74.11
92.09
88.33
101.37
083
089
090
091
092
0.00
-1.80
-1.80
-1.80
0.00
66.30
---54.60
74.00
66.80
66.80
66.80
80.20
90.30
66.80
66.80
66.80
86.30
91.70
70.80
70.80
70.80
89.90
96.50
75.80
75.80
75.80
89.40
95.90
77.80
77.80
77.80
95.80
94.00
77.80
77.80
77.80
94.40
83.90
75.80
75.80
75.80
85.80
73.70
73.80
73.80
73.80
76.60
101.37
83.84
83.84
83.84
99.71
093
094
095
096
097
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
63.30
63.30
79.80
79.80
69.90
72.20
72.20
82.70
82.70
81.30
81.50
81.50
87.60
87.60
91.00
89.60
89.60
77.00
77.00
80.70
95.00
95.00
75.50
75.50
79.20
101.60
101.60
70.00
70.00
74.30
101.30
101.30
63.90
63.90
70.10
100.70
100.70
58.00
58.00
65.90
89.80
89.80
49.70
49.70
57.30
106.52
106.52
89.80
89.80
92.16
101
102
103
104
105
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
73.10
62.20
62.20
63.60
46.20
78.10
67.20
67.20
68.60
64.90
83.10
72.20
72.20
73.60
60.00
87.10
76.20
76.20
77.60
60.60
91.10
80.20
80.20
81.60
64.20
92.10
81.20
81.20
82.60
62.80
90.10
79.20
79.20
80.60
60.30
89.10
78.20
78.20
79.60
54.60
87.10
76.20
76.20
77.60
41.50
97.83
86.93
86.93
88.33
70.49
106
107
218
227
229
0.00
0.00
-3.00
0.00
0.00
40.40
55.70
69.70
64.70
55.90
48.00
74.40
71.30
77.80
62.50
67.20
69.70
70.10
77.70
76.10
71.00
70.10
67.70
74.50
79.10
80.30
73.70
78.00
73.00
79.60
79.60
72.30
80.10
73.60
78.00
72.50
69.80
75.20
71.00
75.80
67.40
64.10
62.30
66.90
66.50
55.90
51.00
50.90
63.00
54.90
83.80
80.01
83.79
83.28
85.07
230
231
232
235
236
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
48.30
60.60
47.90
48.10
50.10
60.80
67.00
61.80
61.30
62.50
71.30
71.20
71.40
70.60
73.40
75.10
72.30
73.30
69.10
75.50
74.60
73.30
77.40
70.50
76.90
74.90
72.80
74.70
73.10
79.90
70.40
68.20
68.80
70.50
77.20
63.60
61.90
61.70
64.50
70.80
52.30
53.80
52.60
54.70
59.80
80.80
79.30
81.16
78.26
84.34
239
241
242
251
255
0.00
0.00
0.00
-3.00
-3.00
65.60
43.70
46.50
60.80
52.10
73.00
50.80
60.10
73.30
64.30
77.00
57.90
71.20
83.10
71.30
80.30
63.70
78.10
81.70
66.50
82.30
65.50
84.50
83.20
65.20
82.00
72.50
83.80
81.20
63.30
77.90
68.50
76.10
74.50
54.40
72.40
58.10
68.00
64.90
40.80
63.30
48.40
58.70
57.20
29.20
87.71
75.08
88.12
88.73
74.24
306
307
339
0.00
0.00
4.00
40.40
55.70
61.60
48.00
74.40
69.00
67.20
69.70
73.00
71.00
70.10
76.30
80.30
73.70
78.30
79.60
72.30
78.00
72.50
69.80
73.90
67.40
64.10
68.40
55.90
51.00
59.30
83.80
80.01
83.71
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:18:23
LWM
A.O. Vierlinghweg
Model:
Groep:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.
LWM
Lijst van Mobiele bron, voor rekenmethode Industrielawaai - IL
Naam
075
076
077
078
079
Omschr.
aanvoer aardappelen
aanvoer afval + veevoer
aanvoer hulpstoffen/pallets
distributie gereed product vlokken
distributie gereed product frites
098
personenauto's
Geomilieu V2.14
Aantal(D)
60
8
20
4
56
Aantal(A)
20
2
-2
18
Aantal(N)
40
4
-2
38
Gem.snelheid
15
15
10
10
10
Lw 31
0.00
0.00
0.00
0.00
0.00
Lw 63
79.00
79.00
79.00
79.00
79.00
Lw 125
87.00
87.00
87.00
87.00
87.00
Lw 250
93.00
93.00
93.00
93.00
93.00
Lw 500
97.00
97.00
97.00
97.00
97.00
Lw 1k
100.00
100.00
100.00
100.00
100.00
Lw 2k
98.00
98.00
98.00
98.00
98.00
Lw 4k
92.00
92.00
92.00
92.00
92.00
Lw 8k
81.00
81.00
81.00
81.00
81.00
Lw Totaal
104.08
104.08
104.08
104.08
104.08
100
50
50
10
68.00
72.00
80.00
82.00
84.00
87.00
90.00
86.00
78.00
93.97
31-07-2013 23:21:48
BIJLAGE IV
REKENRESULTATEN (LANGTIJDGEMIDDELDE BEOORDELINGSNIVEAUS)
Witteveen+Bos, bijlage IV behorende bij rapport BOZ35-54/balm/003 d.d. 29 augustus 2013
Witteveen+Bos, bijlage IV behorende bij rapport BOZ35-54/balm/003 d.d. 29 augustus 2013
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
Groep:
Groepsreductie:
Naam
Toetspunt
2_A
3_A
4_A
5_A
6_A
7_A
8_A
9_A
a1161_A
a1161_B
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.
LAeq totaalresultaten voor toetspunten
LWM
Nee
Omschrijving
LWM vergunningpunt
LWM vergunningpunt
LWM vergunningpunt
LWM vergunningpunt
LWM vergunningpunt
A
B
C
D
E
LWM vergunningpunt F
LWM vergunningpunt G
LWM vergunningpunt H
Hoogte
5.00
5.00
5.00
5.00
5.00
Dag Avond Nacht Etmaal
Li
44.1
44.0
44.0
54.0 59.0
49.8
49.2
49.2
59.2 69.7
66.8
59.8
58.5
68.5 79.6
51.3
50.6
49.3
59.3 73.4
50.9
49.7
49.7
59.7 69.9
5.00
5.00
5.00
1.50
4.50
47.6
50.3
41.3
25.1
27.1
45.7
47.0
41.0
24.5
26.5
45.7
46.2
41.0
24.5
26.5
55.7
56.2
51.0
34.5
36.5
69.4
71.6
59.5
45.2
47.2
a1162_A
a1162_B
a1163_A
a1163_B
a1164_A
1.50
4.50
1.50
4.50
1.50
27.1
29.1
24.9
26.9
17.0
26.6
28.7
24.3
26.3
16.8
26.6
28.6
24.2
26.3
16.7
36.6
38.6
34.2
36.3
26.7
46.8
48.8
45.1
47.1
33.7
a1164_B
a1165_A
a1165_B
a1166_A
a1166_B
4.50
1.50
4.50
1.50
4.50
18.4
12.8
15.1
12.8
15.1
18.1
12.6
14.8
12.6
14.9
18.1
12.6
14.8
12.6
14.9
28.1
22.6
24.8
22.6
24.9
35.0
28.6
30.8
28.6
30.9
a1167_A
a1167_B
a1168_A
a1168_B
a1169_A
1.50
4.50
1.50
4.50
1.50
14.0
15.9
25.0
27.0
17.7
13.8
15.7
24.5
26.5
17.4
13.8
15.6
24.5
26.5
17.4
23.8
25.6
34.5
36.5
27.4
29.7
31.7
45.2
47.2
34.9
a1169_B
a1169_C
a1169_D
a1169_E
a1169_F
4.50
7.50
10.50
13.60
16.50
20.7
27.5
27.8
27.9
28.0
20.3
27.0
27.2
27.4
27.5
20.3
26.9
27.2
27.3
27.4
30.3
36.9
37.2
37.3
37.4
38.7
47.4
47.6
47.7
47.7
a1170_A
a1170_B
a1170_C
a1170_D
a1170_E
1.50
4.50
7.50
10.50
13.60
16.6
16.6
16.6
16.9
17.2
16.3
16.4
16.3
16.6
17.0
16.3
16.4
16.3
16.6
16.9
26.3
26.4
26.3
26.6
26.9
33.4
33.4
33.3
33.5
33.8
a1170_F
a1171_A
a1171_B
a1171_C
a1171_D
16.50
1.50
4.50
7.50
10.50
18.4
10.8
11.0
11.3
11.8
18.1
10.5
10.6
10.9
11.5
18.1
10.4
10.6
10.9
11.5
28.1
20.4
20.6
20.9
21.5
34.8
28.5
28.6
28.6
28.9
a1171_E
a1171_F
a1172_A
a1172_B
13.60
16.50
1.50
4.50
12.7
15.1
18.6
22.9
12.4
14.8
18.2
22.6
12.3
14.8
18.2
22.6
22.3
24.8
28.2
32.6
29.4
31.3
36.4
41.5
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:25:45
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
Groep:
Groepsreductie:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.
LAeq totaalresultaten voor toetspunten
LWM
Nee
Naam
Toetspunt Omschrijving
a1172_C
a1172_D
a1172_E
a1172_F
a1173_A
Hoogte
7.50
10.50
13.60
16.50
1.50
Dag Avond Nacht Etmaal
Li
27.7
27.1
27.1
37.1 47.8
27.9
27.3
27.3
37.3 47.9
28.0
27.5
27.4
37.4 47.9
28.1
27.5
27.5
37.5 47.9
16.8
16.5
16.5
26.5 33.8
a1173_B
a1173_C
a1173_D
a1173_E
a1173_F
4.50
7.50
10.50
13.60
16.50
19.2
27.1
28.0
28.1
28.2
18.9
26.8
27.6
27.7
27.8
18.9
26.7
27.5
27.7
27.7
28.9
36.7
37.5
37.7
37.7
36.7
45.5
48.1
48.2
48.2
a1174_A
a1174_B
a1174_C
a1174_D
a1174_E
1.50
4.50
7.50
10.50
13.60
15.9
16.0
15.9
16.3
16.7
15.7
15.8
15.7
16.0
16.4
15.6
15.7
15.7
16.0
16.4
25.6
25.7
25.7
26.0
26.4
33.6
33.6
33.6
33.8
34.1
a1174_F
a1175_A
a1175_B
a1175_C
a1175_D
16.50
1.50
4.50
7.50
10.50
17.9
18.9
24.6
25.0
25.3
17.6
18.7
24.3
24.7
24.9
17.6
18.7
24.3
24.7
24.9
27.6
28.7
34.3
34.7
34.9
34.8
34.9
42.8
43.1
43.2
a1175_E
a1175_F
a1176_A
a1176_B
a1176_C
13.60
16.50
1.50
4.50
7.50
25.4
15.4
21.3
25.5
27.6
25.1
15.1
21.1
25.2
27.3
25.0
15.1
21.1
25.1
27.3
35.0
25.1
31.1
35.1
37.3
43.2
31.7
36.6
43.3
45.4
a1176_D
a1176_E
a1176_F
a1177_A
a1177_B
10.50
13.60
16.50
1.50
4.50
29.8
29.9
28.2
19.8
24.8
29.4
29.6
27.8
19.7
24.7
29.3
29.5
27.7
19.6
24.7
39.3
39.5
37.7
29.6
34.7
49.1
49.2
48.1
35.7
41.6
a1177_C
a1177_D
a1177_E
a1177_F
a1180_A
7.50
10.50
13.60
16.50
1.50
27.8
29.8
29.8
28.6
21.2
27.6
29.4
29.4
28.1
21.0
27.5
29.3
29.3
28.0
21.0
37.5
39.3
39.3
38.0
31.0
44.9
49.1
49.2
48.5
37.5
a1180_B
a1180_C
a1180_D
a1180_E
a1180_F
4.50
7.50
10.50
13.60
16.50
25.2
29.2
29.5
29.6
28.4
25.0
28.8
29.1
29.2
27.9
25.0
28.7
29.0
29.2
27.8
35.0
38.7
39.0
39.2
37.8
42.5
48.6
49.0
49.1
48.4
a1426_A
a1426_B
a1426_C
a1426_D
4.50
7.50
13.50
16.50
27.6
27.9
28.2
28.2
27.1
27.4
27.6
27.7
27.0
27.3
27.6
27.6
37.0
37.3
37.6
37.6
48.0
48.0
48.0
47.9
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:25:45
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
Groep:
Groepsreductie:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
rekenmodel Lamb Weston / Meijer V.o.f.
LAeq totaalresultaten voor toetspunten
LWM
Nee
Naam
Toetspunt Omschrijving
a1426_E
a1426_F
a1427_A
a1427_B
a1427_C
Hoogte
19.50
22.50
4.50
7.50
13.50
Dag Avond Nacht Etmaal
Li
28.3
27.7
27.7
37.7 47.8
28.3
27.8
27.7
37.7 47.7
27.6
27.0
27.0
37.0 47.9
27.9
27.4
27.3
37.3 48.0
28.1
27.6
27.5
37.5 47.9
a1427_D
a1427_E
a1427_F
a1428_A
a1428_B
16.50
19.50
22.50
4.50
7.50
28.2
28.2
28.3
27.6
27.9
27.6
27.7
27.7
27.0
27.3
27.6
27.6
27.7
26.9
27.3
37.6
37.6
37.7
36.9
37.3
47.8
47.8
47.7
47.9
47.9
a1428_C
a1428_D
a1428_E
a1428_F
MMB_1_A
13.50
16.50
19.50
22.50
5.00
28.1
28.1
28.2
28.2
51.6
27.6
27.6
27.6
27.7
47.7
27.5
27.5
27.6
27.6
46.5
37.5
37.5
37.6
37.6
56.5
47.9
47.8
47.7
47.6
72.8
MMB_2_A
MMB_3_A
MTG01_A
MTG02_A
MTG03_A
Kannewielse weg 16a-16c
Kannewielseweg 18, 33
Kannewielseweg 27, Spinolaberg1-13
5.00
5.00
5.00
5.00
5.00
58.4
45.8
25.4
26.5
29.4
52.8
43.9
24.5
25.5
28.8
52.2
43.7
24.4
25.4
28.7
62.2
53.7
34.4
35.4
38.7
78.0
64.7
42.9
44.3
46.3
MTG04_A
MTG05_A
MTG06_A
MTG07_A
MTG08_A
Kannewielseweg 31, Spinolaberg 10
Spinolaberg 12-17, Stapelakker 3, 4
Nieuw Bijmoerseweg 1, Stapelakker 1
Ringersweg 22, 26
Ringersweg 32, 36 en 40
5.00
5.00
5.00
5.00
5.00
28.7
31.1
30.8
35.9
33.9
27.5
30.4
29.5
34.5
32.9
27.5
30.4
29.4
34.4
32.8
37.5
40.4
39.4
44.4
42.8
46.6
48.2
49.0
53.5
52.2
MTG09_A
MTG10_A
MTG11_A
Ref 1_A
Ref 2_A
Groenewoudseweg 2-9, Oude Koepel 9, 11
Koepel 1-12
Noord- en Zuidzijde Haven
Referentiepunt
Referentiepunt
5.00
5.00
5.00
5.00
5.00
37.1
36.1
33.1
26.8
27.5
35.3
34.9
32.5
26.4
27.0
35.2
34.9
32.4
26.3
27.0
45.2
44.9
42.4
36.3
37.0
54.4
51.9
52.8
44.4
45.7
Ref 3_A
Ref 4_A
ZBP02_A
ZBP03_A
ZBP04_A
Referentiepunt
Referentiepunt
Zonebewakingspunt 2
Zonebewakingspunt 3
Zonebewakingspunt 4
5.00
5.00
5.00
5.00
5.00
19.3
26.0
16.9
13.8
22.6
18.9
25.6
16.3
13.6
21.8
18.9
25.5
16.3
13.6
21.8
28.9
35.5
26.3
23.6
31.8
35.8
44.5
33.9
28.3
39.5
ZBP05_A
ZBP06_A
ZBP07_A
ZBP08_A
ZBP09_A
Zonebewakingspunt
Zonebewakingspunt
Zonebewakingspunt
Zonebewakingspunt
Zonebewakingspunt
5
6
7
8
9
5.00
5.00
5.00
5.00
5.00
27.1
28.8
19.2
29.1
24.7
26.3
28.5
19.0
28.5
24.3
26.3
28.5
18.9
28.4
24.2
36.3
38.5
28.9
38.4
34.2
43.8
45.1
35.6
49.7
44.2
ZBP10_A
ZBP11_A
ZBP12_A
ZBP13_A
Zonebewakingspunt
Zonebewakingspunt
Zonebewakingspunt
Zonebewakingspunt
10
11
12
13
5.00
5.00
5.00
5.00
22.8
18.8
16.8
16.7
22.2
18.0
16.2
16.2
22.1
17.9
16.1
16.2
32.1
27.9
26.1
26.2
42.5
36.7
34.1
33.1
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:25:45
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAeq bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Groepsreductie:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
rekenmodel Lamb Weston / Meijer
2_A - LWM vergunningpunt A
LWM
Nee
V.o.f.
Naam
Bron
2_A
101
061
063
245a
039
Omschrijving
LWM vergunningpunt A
uitlaat gasmotor
NH3 condensor 2, voorkoeltunnel 1
gaspijp (bestaand 100%)
NH3 condensor, vriestunnel 2 (nw 100%)
uitblaas schiller, lijn 1
242
042
007d
007c
007b
dakventilator inpak 2
dakventilator inpak 1
luchtinlaat droger 1
luchtinlaat droger 1
luchtinlaat droger 1
0.20
0.20
1.00
1.00
1.00
29.9
29.3
28.7
28.4
28.1
29.9
29.3
28.7
28.4
28.1
29.9
29.3
28.7
28.4
28.1
39.9
39.3
38.7
38.4
38.1
31.4
30.9
32.3
32.1
31.8
1.5
1.6
3.6
3.6
3.7
007a
244a
251
036
044a
luchtinlaat droger 1
NH3 condensor, precooler (nieuw 100%)
dak wasserij-2 a
luchtinlaat schillerij 1
NH3 condensor 2, vriestunnel 1
1.00
5.40
0.10
0.50
5.40
27.9
27.6
27.1
27.1
26.8
27.9
27.6
27.1
27.1
26.8
27.9
27.6
27.1
27.1
26.8
37.9
37.6
37.1
37.1
36.8
31.6
29.0
28.6
30.4
28.4
3.7
1.4
1.5
3.4
1.6
044b
243a
095
239
043a
NH3 condensor 2, vriestunnel 1
NH3 condensor, voorkoeltnl 2 (nw 100%)
Loods aardappelontvangst, deur blowers
uitblaas schiller, lijn 2
NH3 condensor 1, vriestunnel 1
5.40
5.40
2.00
0.10
5.40
26.7
25.9
25.5
25.2
25.1
26.7
25.9
25.5
25.2
25.1
26.7
25.9
25.5
25.2
25.1
36.7
35.9
35.5
35.2
35.1
28.3
27.2
29.1
28.0
26.6
1.6
1.3
3.6
2.8
1.5
043b
003a
027
003c
003d
NH3 condensor 1, vriestunnel 1
uitblaas vlokkenlijn 1
afblaas Bosch-ketel 2
uitblaas vlokkenlijn 1
uitblaas vlokkenlijn 1
5.40
0.80
0.10
0.80
0.80
25.0
24.8
24.7
24.6
24.5
25.0
24.8
24.7
24.6
24.5
25.0
24.8
24.7
24.6
24.5
35.0
34.8
34.7
34.6
34.5
26.5
28.3
27.5
28.1
28.0
1.6
3.4
2.8
3.5
3.5
051
227
103
339
003b
dak wasserij-1 b
afblaas Bosch-ketel 1 (100%)
noodkoeler biogasmaotor
uitblaas schillervlokkenlijn (KenK)
uitblaas vlokkenlijn 1
0.10
0.10
0.50
0.10
0.80
24.3
24.2
23.5
22.8
22.8
24.3
24.2
23.5
22.8
22.8
24.3
24.2
23.5
22.8
22.8
34.3
34.2
33.5
32.8
32.8
26.7
27.1
26.9
25.4
26.3
2.4
2.9
3.4
2.5
3.5
035
046
065
097
029
luchtinlaat schillerij 1
NH3 condensor 1, voorkoeltunnel 1
ventilator biogas
Loods aardappelontvangst, inlaat blowers
uitblaas dak schillerij 1
0.50
1.00
8.40
5.00
2.10
22.7
22.7
21.8
21.8
21.6
22.7
22.7
21.8
21.8
21.6
22.7
22.7
21.8
21.8
21.6
32.7
32.7
31.8
31.8
31.6
26.2
25.8
24.1
24.8
24.6
3.5
3.1
2.3
3.1
3.0
096
107
066
236
229
Loods aardappelontvangst, deur blowers
LBH vlokkenlijn 1
rooster ketelhuis (bestaand 100%)
luchtinlaat schillerij 2
uitblaas schillerij 2
2.00
1.50
3.00
0.50
2.10
21.2
20.8
20.1
19.9
19.8
21.2
20.8
20.1
19.9
19.8
21.2
20.8
20.1
19.9
19.8
31.2
30.8
30.1
29.9
29.8
24.9
24.0
22.5
23.6
23.2
3.7
3.2
2.5
3.7
3.4
34.0
32.2
32.1
42.1 58.7
Rest
Hoogte
5.00
0.50
2.00
4.50
2.00
0.10
Dag Avond Nacht Etmaal
Li
Cm
44.1
44.0
44.0
54.0 59.0
35.6
35.6
35.6
45.6 38.9 3.4
33.6
33.6
33.6
43.6 36.4 2.8
33.4
33.4
33.4
43.4 34.6 1.2
32.9
32.9
32.9
42.9 35.5 2.6
29.9
29.9
29.9
39.9 32.3 2.4
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:29:45
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAeq bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Groepsreductie:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
rekenmodel Lamb Weston / Meijer
3_A - LWM vergunningpunt B
LWM
Nee
V.o.f.
Naam
Bron
3_A
101
063
245a
061
066
Omschrijving
Hoogte
Dag Avond Nacht Etmaal
Li
Cm
LWM vergunningpunt B
5.00 49.8
49.2
49.2
59.2 69.7
uitlaat gasmotor
0.50 43.2
43.2
43.2
53.2 46.1 2.9
gaspijp (bestaand 100%)
4.50 40.2
40.2
40.2
50.2 40.2 0.0
NH3 condensor, vriestunnel 2 (nw 100%)
2.00 39.5
39.5
39.5
49.5 40.2 0.8
NH3 condensor 2, voorkoeltunnel 1
2.00 38.7
38.7
38.7
48.7 40.5 1.8
rooster ketelhuis (bestaand 100%)
3.00 34.6
34.6
34.6
44.6 36.3 1.8
244a
046
039
243a
044a
NH3 condensor, precooler (nieuw 100%)
NH3 condensor 1, voorkoeltunnel 1
uitblaas schiller, lijn 1
NH3 condensor, voorkoeltnl 2 (nw 100%)
NH3 condensor 2, vriestunnel 1
5.40
1.00
0.10
5.40
5.40
33.9
33.3
33.3
32.2
32.2
33.9
33.3
33.3
32.2
32.2
33.9
33.3
33.3
32.2
32.2
43.9
43.3
43.3
42.2
42.2
33.9
35.5
34.4
32.2
32.2
0.0
2.2
1.1
0.0
0.0
003a
044b
003b
003c
003d
uitblaas vlokkenlijn 1
NH3 condensor 2, vriestunnel 1
uitblaas vlokkenlijn 1
uitblaas vlokkenlijn 1
uitblaas vlokkenlijn 1
0.80
5.40
0.80
0.80
0.80
32.0
32.0
31.9
31.9
31.8
32.0
32.0
31.9
31.9
31.8
32.0
32.0
31.9
31.9
31.8
42.0
42.0
41.9
41.9
41.8
35.1
32.0
35.0
35.0
34.9
3.1
0.0
3.1
3.1
3.1
077
043a
043b
103
102
aanvoer hulpstoffen/pallets
NH3 condensor 1, vriestunnel 1
NH3 condensor 1, vriestunnel 1
noodkoeler biogasmaotor
NH3 condensor 3, vriestunnel 1
0.75
5.40
5.40
0.50
0.50
41.0
30.8
30.5
30.1
29.8
-30.8
30.5
30.1
29.8
-30.8
30.5
30.1
29.8
41.0
40.8
40.5
40.1
39.8
69.5
30.8
30.5
33.0
32.4
0.6
0.0
0.0
2.9
2.7
239
027
251
227
029
uitblaas schiller, lijn 2
afblaas Bosch-ketel 2
dak wasserij-2 a
afblaas Bosch-ketel 1 (100%)
uitblaas dak schillerij 1
0.10
0.10
0.10
0.10
2.10
29.2
29.0
28.6
28.2
28.2
29.2
29.0
28.6
28.2
28.2
29.2
29.0
28.6
28.2
28.2
39.2
39.0
38.6
38.2
38.2
31.3
31.0
29.8
30.6
30.4
2.1
2.0
1.2
2.4
2.2
339
036
051
042
107
uitblaas schillervlokkenlijn (KenK)
luchtinlaat schillerij 1
dak wasserij-1 b
dakventilator inpak 1
LBH vlokkenlijn 1
0.10
0.50
0.10
0.20
1.50
27.9
27.0
25.5
24.7
24.5
27.9
27.0
25.5
24.7
24.5
27.9
27.0
25.5
24.7
24.5
37.9
37.0
35.5
34.7
34.5
29.5
29.6
27.6
24.7
27.4
1.6
2.6
2.1
0.0
2.9
007d
032
007c
203c
096
luchtinlaat droger 1
uitblaas dak schillerij 1
luchtinlaat droger 1
uitblaas vlokkenlijn 2
Loods aardappelontvangst, deur blowers
1.00
2.10
1.00
0.80
2.00
24.1
23.4
23.2
22.9
22.9
24.1
23.4
23.2
22.9
22.9
24.1
23.4
23.2
22.9
22.9
34.1
33.4
33.2
32.9
32.9
27.0
25.5
26.2
26.2
26.4
2.9
2.1
3.0
3.3
3.4
007b
203a
203b
203d
064
luchtinlaat droger 1
uitblaas vlokkenlijn 2
uitblaas vlokkenlijn 2
uitblaas vlokkenlijn 2
deur ketelhuis (bestaand 100%)
1.00
0.80
0.80
0.80
3.00
22.4
22.3
22.3
22.3
22.2
22.4
22.3
22.3
22.3
22.2
22.4
22.3
22.3
22.3
22.2
32.4
32.3
32.3
32.3
32.2
25.4
25.6
25.6
25.6
23.7
3.0
3.3
3.3
3.3
1.6
34.9
34.3
34.2
44.2 56.5
Rest
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:30:37
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAeq bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Groepsreductie:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
rekenmodel Lamb Weston / Meijer
4_A - LWM vergunningpunt C
LWM
Nee
Naam
Bron
4_A
094
081
104
203c
065
Omschrijving
LWM vergunningpunt C
Manoeuvreren vrachtwagens vlokken
heftruck product vlokkenlijn
rooster ketelhuis gasmotor (bestaand 100%)
uitblaas vlokkenlijn 2
ventilator biogas
203d
097
095
203a
203b
V.o.f.
Hoogte
5.00
1.25
1.00
3.00
0.80
8.40
Dag
66.8
65.9
56.6
47.3
46.2
46.0
Avond
59.8
-56.6
47.3
46.2
46.0
Nacht
58.5
-53.6
47.3
46.2
46.0
Etmaal
68.5
65.9
63.6
57.3
56.2
56.0
Li
79.6
70.6
66.6
47.3
46.2
46.0
0.0
0.0
0.0
0.0
0.0
uitblaas vlokkenlijn 2
Loods aardappelontvangst, inlaat blowers
Loods aardappelontvangst, deur blowers
uitblaas vlokkenlijn 2
uitblaas vlokkenlijn 2
0.80
5.00
2.00
0.80
0.80
46.0
45.0
44.3
43.8
43.1
46.0
45.0
44.3
43.8
43.1
46.0
45.0
44.3
43.8
43.1
56.0
55.0
54.3
53.8
53.1
46.0
45.0
44.3
43.8
43.1
0.0
0.0
0.0
0.0
0.0
203e
203f
066
078
307
uitblaas vlokkenlijn 2
uitblaas vlokkenlijn 2
rooster ketelhuis (bestaand 100%)
distributie gereed product vlokken
LBH vlokkenlijn 2
0.80
0.80
3.00
0.75
1.50
42.9
42.4
42.0
43.2
41.9
42.9
42.4
42.0
44.9
41.9
42.9
42.4
42.0
41.9
41.9
52.9
52.4
52.0
51.9
51.9
42.9
42.4
42.0
78.6
41.9
0.0
0.0
0.0
0.0
0.0
096
101
107
003c
003b
Loods aardappelontvangst, deur blowers
uitlaat gasmotor
LBH vlokkenlijn 1
uitblaas vlokkenlijn 1
uitblaas vlokkenlijn 1
2.00
0.50
1.50
0.80
0.80
41.3
40.6
39.8
39.0
38.9
41.3
40.6
39.8
39.0
38.9
41.3
40.6
39.8
39.0
38.9
51.3
50.6
49.8
49.0
48.9
41.8
41.0
39.8
39.0
38.9
0.5
0.4
0.0
0.0
0.0
003d
051
089
003a
061
uitblaas vlokkenlijn 1
dak wasserij-1 b
Waterzuivering
uitblaas vlokkenlijn 1
NH3 condensor 2, voorkoeltunnel 1
0.80
0.10
0.10
0.80
2.00
38.1
37.2
37.1
36.7
36.3
38.1
37.2
37.1
36.7
36.3
38.1
37.2
37.1
36.7
36.3
48.1
47.2
47.1
46.7
46.3
38.1
37.9
37.8
36.7
36.9
0.0
0.7
0.7
0.0
0.6
004a
102
245a
227
063
ventilator gaswasser (westzijde)
NH3 condensor 3, vriestunnel 1
NH3 condensor, vriestunnel 2 (nw 100%)
afblaas Bosch-ketel 1 (100%)
gaspijp (bestaand 100%)
0.70
0.50
2.00
0.10
4.50
35.2
34.5
34.4
33.4
32.6
35.2
34.5
34.4
33.4
32.6
35.2
34.5
34.4
33.4
32.6
45.2
44.5
44.4
43.4
42.6
37.4
35.5
36.2
33.4
33.8
2.2
1.0
1.8
0.0
1.1
005a
103
251
090
244a
ventilator gaswasser (noordzijde)
noodkoeler biogasmaotor
dak wasserij-2 a
Waterzuivering
NH3 condensor, precooler (nieuw 100%)
0.70
0.50
0.10
0.10
5.40
32.5
32.1
32.1
32.0
31.6
32.5
32.1
32.1
32.0
31.6
32.5
32.1
32.1
32.0
31.6
42.5
42.1
42.1
42.0
41.6
34.7
32.7
33.8
32.0
31.8
2.2
0.6
1.8
0.0
0.2
007b
007d
007c
029
006
luchtinlaat droger 1
luchtinlaat droger 1
luchtinlaat droger 1
uitblaas dak schillerij 1
ventilator gaswasser (bovenzijde)
1.00
1.00
1.00
2.10
0.10
30.7
30.7
30.7
30.5
30.3
30.7
30.7
30.7
30.5
30.3
30.7
30.7
30.7
30.5
30.3
40.7
40.7
40.7
40.5
40.3
33.3
33.0
33.1
30.7
32.4
2.5
2.2
2.4
0.2
2.1
43.4
42.6
42.6
52.6
60.0
Rest
Cm
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:31:19
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAeq bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Groepsreductie:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
rekenmodel Lamb Weston / Meijer
5_A - LWM vergunningpunt D
LWM
Nee
V.o.f.
Naam
Bron
5_A
083
079
101
042
007a
Omschrijving
LWM vergunningpunt D
heftruck pallets/hulpstoffen
distributie gereed product frites
uitlaat gasmotor
dakventilator inpak 1
luchtinlaat droger 1
Hoogte
5.00
1.00
0.75
0.50
0.20
1.00
007b
007c
061
076
077
luchtinlaat droger 1
luchtinlaat droger 1
NH3 condensor 2, voorkoeltunnel 1
aanvoer afval + veevoer
aanvoer hulpstoffen/pallets
1.00
1.00
2.00
0.75
0.75
34.2
33.7
32.5
33.6
41.3
34.2
33.7
32.5
32.4
--
34.2
33.7
32.5
32.4
--
44.2
43.7
42.5
42.4
41.3
36.6
36.3
35.5
68.5
69.6
2.4
2.6
3.0
1.4
0.5
242
245a
007d
097
039
dakventilator inpak 2
NH3 condensor, vriestunnel 2 (nw 100%)
luchtinlaat droger 1
Loods aardappelontvangst, inlaat blowers
uitblaas schiller, lijn 1
0.20
2.00
1.00
5.00
0.10
31.0
31.0
29.9
29.6
29.4
31.0
31.0
29.9
29.6
29.4
31.0
31.0
29.9
29.6
29.4
41.0
41.0
39.9
39.6
39.4
33.0
33.9
32.6
32.3
31.8
2.0
2.9
2.7
2.7
2.4
051
065
251
046
092
dak wasserij-1 b
ventilator biogas
dak wasserij-2 a
NH3 condensor 1, voorkoeltunnel 1
Manoeuvreren vrachtwagens restproduct
0.10
8.40
0.10
1.00
1.25
28.9
28.6
27.8
27.7
37.2
28.9
28.6
27.8
27.7
--
28.9
28.6
27.8
27.7
--
38.9
38.6
37.8
37.7
37.2
31.1
29.8
29.1
31.0
45.7
2.2
1.2
1.3
3.3
3.0
036
091
005b
027
103
luchtinlaat schillerij 1
Waterzuivering
ventilator gaswasser (zuidzijde)
afblaas Bosch-ketel 2
noodkoeler biogasmaotor
0.50
0.10
0.70
0.10
0.50
27.1
26.9
26.6
25.7
25.6
27.1
26.9
26.6
25.7
25.6
27.1
26.9
26.6
25.7
25.6
37.1
36.9
36.6
35.7
35.6
30.5
28.2
29.6
28.7
29.1
3.4
1.4
2.9
3.1
3.5
102
244a
239
044a
044b
NH3 condensor 3, vriestunnel 1
NH3 condensor, precooler (nieuw 100%)
uitblaas schiller, lijn 2
NH3 condensor 2, vriestunnel 1
NH3 condensor 2, vriestunnel 1
0.50
5.40
0.10
5.40
5.40
25.5
25.4
25.3
25.2
25.1
25.5
25.4
25.3
25.2
25.1
25.5
25.4
25.3
25.2
25.1
35.5
35.4
35.3
35.2
35.1
29.0
27.3
27.8
27.1
27.1
3.5
1.9
2.5
1.9
2.0
005a
003a
004a
339
306
ventilator gaswasser (noordzijde)
uitblaas vlokkenlijn 1
ventilator gaswasser (westzijde)
uitblaas schillervlokkenlijn (KenK)
decanter grijs zetmeel
0.70
0.80
0.70
0.10
2.00
25.1
24.8
24.8
24.7
24.6
25.1
24.8
24.8
24.7
24.6
25.1
24.8
24.8
24.7
24.6
35.1
34.8
34.8
34.7
34.6
28.0
28.2
27.8
27.2
27.9
3.0
3.5
3.0
2.5
3.3
003b
096
003d
003c
041
uitblaas vlokkenlijn 1
Loods aardappelontvangst, deur blowers
uitblaas vlokkenlijn 1
uitblaas vlokkenlijn 1
LBK inpak 1
0.80
2.00
0.80
0.80
0.20
24.5
24.5
24.4
24.4
24.2
24.5
24.5
24.4
24.4
24.2
24.5
24.5
24.4
24.4
24.2
34.5
34.5
34.4
34.4
34.2
28.0
27.8
27.9
27.9
24.2
3.5
3.3
3.5
3.5
0.0
37.3
36.9
36.9
46.9 51.9
Rest
Dag Avond Nacht Etmaal
Li
Cm
51.3
50.6
49.3
59.3 73.4
47.7
47.7
44.7
54.7 57.7 0.0
41.7
41.6
41.8
51.8 66.7 0.0
36.9
36.9
36.9
46.9 40.4 3.5
36.7
36.7
36.7
46.7 36.7 0.0
35.5
35.5
35.5
45.5 37.9 2.3
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:32:51
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAeq bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Groepsreductie:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
rekenmodel Lamb Weston / Meijer
6_A - LWM vergunningpunt E
LWM
Nee
V.o.f.
Naam
Bron
6_A
065
012
013
010
097
Omschrijving
Hoogte
Dag Avond Nacht Etmaal
Li
Cm
LWM vergunningpunt E
5.00 50.9
49.7
49.7
59.7 69.9
ventilator biogas
8.40 39.2
39.2
39.2
49.2 39.3 0.1
hakmolen schilafval (west)
1.60 38.7
38.7
38.7
48.7 40.5 1.9
hakmolen schilafval (zuid)
1.60 38.0
38.0
38.0
48.0 39.8 1.8
hakmolen schilafval (oost)
1.60 36.9
36.9
36.9
46.9 38.7 1.9
Loods aardappelontvangst, inlaat blowers
5.00 36.7
36.7
36.7
46.7 38.7 1.9
101
096
007a
051
306
uitlaat gasmotor
Loods aardappelontvangst, deur blowers
luchtinlaat droger 1
dak wasserij-1 b
decanter grijs zetmeel
0.50
2.00
1.00
0.10
2.00
36.2
35.2
34.0
34.0
33.6
36.2
35.2
34.0
34.0
33.6
36.2
35.2
34.0
34.0
33.6
46.2
45.2
44.0
44.0
43.6
39.9
37.9
36.7
35.4
35.4
3.7
2.7
2.7
1.4
1.8
095
092
004a
005b
006
Loods aardappelontvangst, deur blowers
Manoeuvreren vrachtwagens restproduct
ventilator gaswasser (westzijde)
ventilator gaswasser (zuidzijde)
ventilator gaswasser (bovenzijde)
2.00
1.25
0.70
0.70
0.10
33.1
43.0
32.7
32.7
32.5
33.1
-32.7
32.7
32.5
33.1
-32.7
32.7
32.5
43.1
43.0
42.7
42.7
42.5
36.0
50.3
35.6
35.5
35.2
2.9
1.7
2.8
2.8
2.7
091
007b
042
076
007c
Waterzuivering
luchtinlaat droger 1
dakventilator inpak 1
aanvoer afval + veevoer
luchtinlaat droger 1
0.10
1.00
0.20
0.75
1.00
32.5
32.4
32.3
33.3
31.9
32.5
32.4
32.3
32.0
31.9
32.5
32.4
32.3
32.0
31.9
42.5
42.4
42.3
42.0
41.9
32.5
35.2
32.8
69.1
34.9
0.0
2.8
0.5
2.3
3.0
007d
251
242
083
203d
luchtinlaat droger 1
dak wasserij-2 a
dakventilator inpak 2
heftruck pallets/hulpstoffen
uitblaas vlokkenlijn 2
1.00
0.10
0.20
1.00
0.80
31.7
31.7
31.4
33.4
30.1
31.7
31.7
31.4
33.4
30.1
31.7
31.7
31.4
30.4
30.1
41.7
41.7
41.4
40.4
40.1
34.8
31.8
32.4
46.6
33.5
3.1
0.1
1.0
3.2
3.5
203b
203f
003d
236
090
uitblaas vlokkenlijn 2
uitblaas vlokkenlijn 2
uitblaas vlokkenlijn 1
luchtinlaat schillerij 2
Waterzuivering
0.80
0.80
0.80
0.50
0.10
30.1
30.0
30.0
30.0
29.9
30.1
30.0
30.0
30.0
29.9
30.1
30.0
30.0
30.0
29.9
40.1
40.0
40.0
40.0
39.9
33.5
33.5
33.5
33.3
30.1
3.5
3.5
3.5
3.4
0.2
014
003b
106
203a
203c
hakmolen
uitblaas
decanter
uitblaas
uitblaas
0.10
0.80
2.00
0.80
0.80
29.9
29.5
29.4
29.4
29.4
29.9
29.5
29.4
29.4
29.4
29.9
29.5
29.4
29.4
29.4
39.9
39.5
39.4
39.4
39.4
31.5
33.0
32.2
32.9
32.9
1.6
3.5
2.8
3.5
3.5
203e
094
003c
003a
004b
uitblaas vlokkenlijn 2
Manoeuvreren vrachtwagens vlokken
uitblaas vlokkenlijn 1
uitblaas vlokkenlijn 1
ventilator gaswasser (oostzijde)
0.80
1.25
0.80
0.80
0.70
29.4
39.3
29.2
29.2
29.2
29.4
-29.2
29.2
29.2
29.4
-29.2
29.2
29.2
39.4
39.3
39.2
39.2
39.2
32.9
47.4
32.7
32.7
32.0
3.5
3.4
3.5
3.5
2.9
41.0
40.7
40.5
50.5 61.2
schilafval (dak)
vlokkenlijn 1
zuiveringsslib
vlokkenlijn 2
vlokkenlijn 2
Rest
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:33:59
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAeq bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Groepsreductie:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
rekenmodel Lamb Weston / Meijer
7_A - LWM vergunningpunt F
LWM
Nee
V.o.f.
Naam
Bron
7_A
075
106
065
101
013
Omschrijving
LWM vergunningpunt F
aanvoer aardappelen
decanter zuiveringsslib
ventilator biogas
uitlaat gasmotor
hakmolen schilafval (zuid)
093
251
005b
203e
076
Manoeuvreren vrachtwagens aardappelen
dak wasserij-2 a
ventilator gaswasser (zuidzijde)
uitblaas vlokkenlijn 2
aanvoer afval + veevoer
1.25
0.10
0.70
0.80
0.75
41.9
31.7
31.6
31.1
32.1
-31.7
31.6
31.1
30.8
-31.7
31.6
31.1
30.8
41.9
41.7
41.6
41.1
40.8
51.1
31.8
35.4
35.0
68.1
3.2
0.1
3.8
3.9
2.5
097
006
203f
203a
012
Loods aardappelontvangst, inlaat blowers
ventilator gaswasser (bovenzijde)
uitblaas vlokkenlijn 2
uitblaas vlokkenlijn 2
hakmolen schilafval (west)
5.00
0.10
0.80
0.80
1.60
30.7
30.1
29.9
29.7
29.3
30.7
30.1
29.9
29.7
29.3
30.7
30.1
29.9
29.7
29.3
40.7
40.1
39.9
39.7
39.3
33.2
33.8
33.8
33.6
32.7
2.5
3.7
3.9
3.9
3.4
003a
010
203d
203c
306
uitblaas
hakmolen
uitblaas
uitblaas
decanter
0.80
1.60
0.80
0.80
2.00
28.8
27.9
27.6
27.5
27.4
28.8
27.9
27.6
27.5
27.4
28.8
27.9
27.6
27.5
27.4
38.8
37.9
37.6
37.5
37.4
32.7
31.3
31.5
31.3
30.2
3.9
3.4
3.9
3.9
2.7
203b
007a
004a
096
091
uitblaas vlokkenlijn 2
luchtinlaat droger 1
ventilator gaswasser (westzijde)
Loods aardappelontvangst, deur blowers
Waterzuivering
0.80
1.00
0.70
2.00
0.10
27.4
27.3
27.2
27.2
27.0
27.4
27.3
27.2
27.2
27.0
27.4
27.3
27.2
27.2
27.0
37.4
37.3
37.2
37.2
37.0
31.3
31.2
31.0
30.4
28.4
3.9
3.8
3.8
3.2
1.4
007b
003d
003b
007c
004b
luchtinlaat droger 1
uitblaas vlokkenlijn 1
uitblaas vlokkenlijn 1
luchtinlaat droger 1
ventilator gaswasser (oostzijde)
1.00
0.80
0.80
1.00
0.70
26.8
26.8
26.7
26.7
26.7
26.8
26.8
26.7
26.7
26.7
26.8
26.8
26.7
26.7
26.7
36.8
36.8
36.7
36.7
36.7
30.7
30.7
30.6
30.6
30.5
3.9
3.9
3.9
3.9
3.8
007d
003c
098
239
061
luchtinlaat droger 1
uitblaas vlokkenlijn 1
personenauto's
uitblaas schiller, lijn 2
NH3 condensor 2, voorkoeltunnel 1
1.00
0.80
0.75
0.10
2.00
26.6
26.5
26.8
25.5
25.5
26.6
26.5
28.6
25.5
25.5
26.6
26.5
25.5
25.5
25.5
36.6
36.5
35.5
35.5
35.5
30.5
30.4
51.3
28.9
29.4
3.9
3.9
3.5
3.4
3.9
090
242
092
095
039
Waterzuivering
dakventilator inpak 2
Manoeuvreren vrachtwagens restproduct
Loods aardappelontvangst, deur blowers
uitblaas schiller, lijn 1
0.10
0.20
1.25
2.00
0.10
25.3
25.3
34.9
24.8
24.7
25.3
25.3
-24.8
24.7
25.3
25.3
-24.8
24.7
35.3
35.3
34.9
34.8
34.7
27.1
28.1
43.8
28.1
28.3
1.7
2.8
3.4
3.3
3.6
37.3
36.5
36.5
46.5 53.9
vlokkenlijn 1
schilafval (oost)
vlokkenlijn 2
vlokkenlijn 2
grijs zetmeel
Rest
Hoogte
5.00
0.75
2.00
8.40
0.50
1.60
Dag Avond Nacht Etmaal
Li
Cm
47.6
45.7
45.7
55.7 69.4
34.1
34.1
34.1
44.1 62.1 3.0
33.9
33.9
33.9
43.9 35.9 2.0
33.2
33.2
33.2
43.2 35.1 1.8
33.2
33.2
33.2
43.2 37.3 4.1
32.1
32.1
32.1
42.1 35.5 3.4
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:34:47
LWM
A.O. Vierlinghweg
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Rapport:
Model:
LAeq bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Groepsreductie:
Resultatentabel
rekenmodel Lamb Weston / Meijer
8_A - LWM vergunningpunt G
LWM
Nee
Naam
Bron
8_A
075
098
093
251
076
Omschrijving
LWM vergunningpunt G
aanvoer aardappelen
personenauto's
Manoeuvreren vrachtwagens aardappelen
dak wasserij-2 a
aanvoer afval + veevoer
203d
203c
203a
203b
203e
uitblaas
uitblaas
uitblaas
uitblaas
uitblaas
vlokkenlijn
vlokkenlijn
vlokkenlijn
vlokkenlijn
vlokkenlijn
203f
101
003c
003d
003a
uitblaas vlokkenlijn
uitlaat gasmotor
uitblaas vlokkenlijn
uitblaas vlokkenlijn
uitblaas vlokkenlijn
003b
061
239
104
039
V.o.f.
Hoogte
5.00
0.75
0.75
1.25
0.10
0.75
Dag
50.3
41.2
40.4
47.8
33.9
33.2
Avond
47.0
41.2
42.1
-33.9
32.0
Nacht
46.2
41.2
39.1
-33.9
32.0
Etmaal
56.2
51.2
49.1
47.8
43.9
42.0
Li
71.6
67.6
61.7
56.1
33.9
68.2
1.4
0.3
2.3
0.0
1.4
2
2
2
2
2
0.80
0.80
0.80
0.80
0.80
31.1
31.1
30.9
30.9
30.7
31.1
31.1
30.9
30.9
30.7
31.1
31.1
30.9
30.9
30.7
41.1
41.1
40.9
40.9
40.7
34.8
34.8
34.6
34.6
34.4
3.7
3.7
3.7
3.7
3.7
2
0.80
0.50
0.80
0.80
0.80
30.6
30.3
27.6
27.6
27.3
30.6
30.3
27.6
27.6
27.3
30.6
30.3
27.6
27.6
27.3
40.6
40.3
37.6
37.6
37.3
34.4
34.2
31.4
31.4
31.1
3.7
3.9
3.8
3.8
3.8
uitblaas vlokkenlijn 1
NH3 condensor 2, voorkoeltunnel 1
uitblaas schiller, lijn 2
rooster ketelhuis gasmotor (bestaand 100%)
uitblaas schiller, lijn 1
0.80
2.00
0.10
3.00
0.10
27.3
26.8
25.7
25.1
24.9
27.3
26.8
25.7
25.1
24.9
27.3
26.8
25.7
25.1
24.9
37.3
36.8
35.7
35.1
34.9
31.1
30.6
29.0
28.6
28.4
3.8
3.8
3.3
3.5
3.5
066
307
103
095
107
rooster ketelhuis (bestaand 100%)
LBH vlokkenlijn 2
noodkoeler biogasmaotor
Loods aardappelontvangst, deur blowers
LBH vlokkenlijn 1
3.00
1.50
0.50
2.00
1.50
23.9
23.9
23.3
22.5
22.3
23.9
23.9
23.3
22.5
22.3
23.9
23.9
23.3
22.5
22.3
33.9
33.9
33.3
32.5
32.3
27.4
27.4
27.2
25.6
25.9
3.5
3.5
3.9
3.1
3.6
245a
227
027
005a
339
NH3 condensor, vriestunnel 2 (nw 100%)
afblaas Bosch-ketel 1 (100%)
afblaas Bosch-ketel 2
ventilator gaswasser (noordzijde)
uitblaas schillervlokkenlijn (KenK)
2.00
0.10
0.10
0.70
0.10
22.1
22.1
21.7
21.5
20.7
22.1
22.1
21.7
21.5
20.7
22.1
22.1
21.7
21.5
20.7
32.1
32.1
31.7
31.5
30.7
25.9
25.7
25.3
25.4
24.1
3.9
3.6
3.7
3.9
3.4
017
106
029
006
051
open deur aardappelontvangst
decanter zuiveringsslib
uitblaas dak schillerij 1
ventilator gaswasser (bovenzijde)
dak wasserij-1 b
4.00
2.00
2.10
0.10
0.10
30.5
20.2
19.9
19.9
19.7
-20.2
19.9
19.9
19.7
-20.2
19.9
19.9
19.7
30.5
30.2
29.9
29.9
29.7
43.0
22.9
23.6
23.8
20.9
1.7
2.7
3.7
3.9
1.2
065
255
007d
044b
007c
ventilator biogas
dak sorteerafdeling-2
luchtinlaat droger 1
NH3 condensor 2, vriestunnel 1
luchtinlaat droger 1
8.40
0.10
1.00
5.40
1.00
19.3
19.2
19.1
19.0
18.9
19.3
19.2
19.1
19.0
18.9
19.3
19.2
19.1
19.0
18.9
29.3
29.2
29.1
29.0
28.9
21.4
19.2
23.0
22.2
22.8
2.1
0.0
4.0
3.2
4.0
33.5
32.1
31.9
41.9
49.7
1
1
1
Rest
Cm
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:35:21
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAeq bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Groepsreductie:
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
rekenmodel Lamb Weston / Meijer
9_A - LWM vergunningpunt H
LWM
Nee
V.o.f.
Naam
Bron
9_A
101
075
007d
007c
007a
Omschrijving
LWM vergunningpunt H
uitlaat gasmotor
aanvoer aardappelen
luchtinlaat droger 1
luchtinlaat droger 1
luchtinlaat droger 1
007b
039
061
097
095
luchtinlaat droger 1
uitblaas schiller, lijn 1
NH3 condensor 2, voorkoeltunnel 1
Loods aardappelontvangst, inlaat blowers
Loods aardappelontvangst, deur blowers
1.00
0.10
2.00
5.00
2.00
25.9
25.8
25.6
24.5
24.4
25.9
25.8
25.6
24.5
24.4
25.9
25.8
25.6
24.5
24.4
35.9
35.8
35.6
34.5
34.4
29.9
29.0
29.1
27.6
28.0
4.0
3.2
3.4
3.1
3.6
103
245a
227
046
096
noodkoeler biogasmaotor
NH3 condensor, vriestunnel 2 (nw 100%)
afblaas Bosch-ketel 1 (100%)
NH3 condensor 1, voorkoeltunnel 1
Loods aardappelontvangst, deur blowers
0.50
2.00
0.10
1.00
2.00
24.3
23.9
23.8
23.0
22.9
24.3
23.9
23.8
23.0
22.9
24.3
23.9
23.8
23.0
22.9
34.3
33.9
33.8
33.0
32.9
28.1
27.4
27.2
26.6
26.6
3.8
3.5
3.4
3.7
3.7
251
242
029
003a
203e
dak wasserij-2 a
dakventilator inpak 2
uitblaas dak schillerij 1
uitblaas vlokkenlijn 1
uitblaas vlokkenlijn 2
0.10
0.20
2.10
0.80
0.80
22.8
22.7
22.7
22.6
22.6
22.8
22.7
22.7
22.6
22.6
22.8
22.7
22.7
22.6
22.6
32.8
32.7
32.7
32.6
32.6
23.9
25.4
26.2
26.3
26.3
1.1
2.7
3.5
3.7
3.7
339
003b
042
003c
203d
uitblaas schillervlokkenlijn (KenK)
uitblaas vlokkenlijn 1
dakventilator inpak 1
uitblaas vlokkenlijn 1
uitblaas vlokkenlijn 2
0.10
0.80
0.20
0.80
0.80
22.5
22.2
22.2
22.1
21.9
22.5
22.2
22.2
22.1
21.9
22.5
22.2
22.2
22.1
21.9
32.5
32.2
32.2
32.1
31.9
25.6
25.9
24.8
25.8
25.6
3.1
3.7
2.6
3.7
3.7
003d
203c
239
044b
203f
uitblaas vlokkenlijn 1
uitblaas vlokkenlijn 2
uitblaas schiller, lijn 2
NH3 condensor 2, vriestunnel 1
uitblaas vlokkenlijn 2
0.80
0.80
0.10
5.40
0.80
21.7
21.7
21.6
21.5
21.4
21.7
21.7
21.6
21.5
21.4
21.7
21.7
21.6
21.5
21.4
31.7
31.7
31.6
31.5
31.4
25.5
25.4
24.9
24.2
25.1
3.7
3.7
3.2
2.7
3.7
044a
027
203b
244a
004a
NH3 condensor 2, vriestunnel 1
afblaas Bosch-ketel 2
uitblaas vlokkenlijn 2
NH3 condensor, precooler (nieuw 100%)
ventilator gaswasser (westzijde)
5.40
0.10
0.80
5.40
0.70
21.3
21.2
21.0
20.8
20.7
21.3
21.2
21.0
20.8
20.7
21.3
21.2
21.0
20.8
20.7
31.3
31.2
31.0
30.8
30.7
24.0
24.6
24.7
23.6
24.8
2.7
3.4
3.7
2.8
4.0
005a
203a
102
043b
051
ventilator gaswasser (noordzijde)
uitblaas vlokkenlijn 2
NH3 condensor 3, vriestunnel 1
NH3 condensor 1, vriestunnel 1
dak wasserij-1 b
0.70
0.80
0.50
5.40
0.10
20.4
20.3
19.6
19.3
19.2
20.4
20.3
19.6
19.3
19.2
20.4
20.3
19.6
19.3
19.2
30.4
30.3
29.6
29.3
29.2
24.4
24.0
23.3
22.0
21.4
4.0
3.7
3.7
2.8
2.3
33.4
31.3
30.9
40.9 57.2
Rest
Hoogte
5.00
0.50
0.75
1.00
1.00
1.00
Dag Avond Nacht Etmaal
Li
Cm
41.3
41.0
41.0
51.0 59.5
35.1
35.1
35.1
45.1 38.9 3.7
26.4
26.4
26.4
36.4 55.4 4.0
26.2
26.2
26.2
36.2 30.1 3.9
26.0
26.0
26.0
36.0 30.0 4.0
26.0
26.0
26.0
36.0 30.0 4.0
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
31-07-2013 23:36:06
BIJLAGE V
REKENRESULTATEN (MAXIMALE GELUIDNIVEAUS)
Witteveen+Bos, bijlage V behorende bij rapport BOZ35-54/balm/003 d.d. 29 augustus 2013
Witteveen+Bos, bijlage V behorende bij rapport BOZ35-54/balm/003 d.d. 29 augustus 2013
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAmax bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Naam
Bron
2_A
p3
p4
p1
p2
LAmax
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
piekgeluiden Lamb Weston / Meijer
2_A - LWM vergunningpunt A
LWM
Omschrijving
LWM vergunningpunt A
uitblaas schiller
heftruck piek (frites)
vrachtwagen wisselen containers
heftruck piek (vlokken)
LWM
V.o.f.
Dag Avond Nacht
34.9
34.9
34.9
34.9
34.9
34.9
33.6
33.6
33.6
30.9
--30.0
30.0
30.0
34.9
34.9
34.9
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
09-08-2013 13:05:58
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAmax bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Naam
Bron
3_A
p3
p4
p1
p2
LAmax
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
piekgeluiden Lamb Weston / Meijer
3_A - LWM vergunningpunt B
LWM
Omschrijving
LWM vergunningpunt B
uitblaas schiller
heftruck piek (frites)
vrachtwagen wisselen containers
heftruck piek (vlokken)
LWM
V.o.f.
Dag Avond Nacht
39.0
39.0
39.0
39.0
39.0
39.0
34.6
34.6
34.6
29.5
--17.0
17.0
17.0
39.0
39.0
39.0
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
09-08-2013 13:08:03
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAmax bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Naam
Bron
4_A
p4
p1
p3
p2
LAmax
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
piekgeluiden Lamb Weston / Meijer
4_A - LWM vergunningpunt C
LWM
Omschrijving
LWM vergunningpunt C
heftruck piek (frites)
vrachtwagen wisselen containers
uitblaas schiller
heftruck piek (vlokken)
LWM
V.o.f.
Dag Avond Nacht
75.1
75.1
75.1
75.1
75.1
75.1
48.1
--38.2
38.2
38.2
15.0
15.0
15.0
75.1
75.1
75.1
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
09-08-2013 13:08:32
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAmax bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Naam
Bron
5_A
p2
p1
p3
p4
LAmax
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
piekgeluiden Lamb Weston / Meijer
5_A - LWM vergunningpunt D
LWM
Omschrijving
LWM vergunningpunt D
heftruck piek (vlokken)
vrachtwagen wisselen containers
uitblaas schiller
heftruck piek (frites)
LWM
V.o.f.
Dag Avond Nacht
66.3
66.3
66.3
66.3
66.3
66.3
53.3
--34.9
34.9
34.9
34.5
34.5
34.5
66.3
66.3
66.3
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
09-08-2013 13:09:13
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAmax bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Naam
Bron
2_A
p3
p4
p1
p2
LAmax
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
piekgeluiden Lamb Weston / Meijer
2_A - LWM vergunningpunt A
LWM
Omschrijving
LWM vergunningpunt A
uitblaas schiller
heftruck piek (frites)
vrachtwagen wisselen containers
heftruck piek (vlokken)
LWM
V.o.f.
Dag Avond Nacht
34.9
34.9
34.9
34.9
34.9
34.9
33.6
33.6
33.6
30.9
--30.0
30.0
30.0
34.9
34.9
34.9
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
09-08-2013 13:05:58
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAmax bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Naam
Bron
7_A
p1
p4
p2
p3
LAmax
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
piekgeluiden Lamb Weston / Meijer
7_A - LWM vergunningpunt F
LWM
Omschrijving
LWM vergunningpunt F
vrachtwagen wisselen containers
heftruck piek (frites)
heftruck piek (vlokken)
uitblaas schiller
LWM
V.o.f.
Dag Avond Nacht
51.1
35.8
35.8
51.1
--35.8
35.8
35.8
30.2
30.2
30.2
30.1
30.1
30.1
51.1
35.8
35.8
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
09-08-2013 13:10:54
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAmax bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Naam
Bron
8_A
p4
p1
p3
p2
LAmax
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
piekgeluiden Lamb Weston / Meijer
8_A - LWM vergunningpunt G
LWM
Omschrijving
LWM vergunningpunt G
heftruck piek (frites)
vrachtwagen wisselen containers
uitblaas schiller
heftruck piek (vlokken)
LWM
V.o.f.
Dag Avond Nacht
36.6
36.6
36.6
36.6
36.6
36.6
34.4
--30.5
30.5
30.5
24.7
24.7
24.7
36.6
36.6
36.6
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
09-08-2013 13:11:22
LWM
A.O. Vierlinghweg
Rapport:
Model:
LAmax bij Bron voor toetspunt:
Groep:
Naam
Bron
9_A
p4
p3
p1
p2
LAmax
Witteveen+Bos
BOZ35-54
Resultatentabel
piekgeluiden Lamb Weston / Meijer
9_A - LWM vergunningpunt H
LWM
Omschrijving
LWM vergunningpunt H
heftruck piek (frites)
uitblaas schiller
vrachtwagen wisselen containers
heftruck piek (vlokken)
LWM
V.o.f.
Dag Avond Nacht
33.4
33.4
33.4
33.4
33.4
33.4
32.1
32.1
32.1
28.0
--28.0
28.0
28.0
33.4
33.4
33.4
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2.14
09-08-2013 13:11:49
Witteveen+Bos, bijlage III behorende bij rapport BOZ35-50/13-000.095 d.d. 2 december 2013