Hoeveel spreekwoorden kun jij leren?

Hoeveel spreekwoorden kun jij leren?
10
18
Zij heeft een gat in haar hand.
Beter één vogel in de hand dan tien in de lucht.
Twee linkerhanden hebben.
Hij is aan de beterende hand.
Jaap houdt Eva de hand boven het hoofd.
Tijdens de crisis houden veel mensen de hand op de knip.
Er is nog veel te doen, laten we de handen uit de mouwen steken.
Daar steek ik mijn hand voor in het vuur.
Hij zit met de handen in het haar.
Dat ligt voor de hand.
Dat zeg ik met de hand op het hart.
De ruzie loopt uit de hand.
Vele handen maken licht werk.
Ik heb nog een beetje geld achter de hand.
Hij heeft losse handjes.
Hij steekt de hand in eigen boezem.
Hij heeft er zijn handen aan vol.
Ik draai er mijn hand niet voor om.
De touwtjes in handen hebben.
Hij wordt op handen gedragen.
Je geeft hem 1 vinger en hij neemt je hele hand.
De handen ineen slaan.
Mijn handen jeuken.
Hij strijkt de hand over zijn hart.
Je kunt geen ijzer met handen breken.
25
Naam: ___________
Zij kan niet goed met geld omgaan en geeft het te snel uit.
Liever een klein beetje dan helemaal niets.
Heel onhandig zijn.
Hij geneest langzaam.
Jaap beschermt Eva.
Tijdens de crisis zijn veel mensen zuinig met hun geld
Er is nog veel te doen, laten we hard aan het werk gaan.
Dat weet ik heel zeker.
Hij weet niet meer wat hij moet doen.
Dat is logisch.
Dat zeg ik heel eerlijk.
De ruzie is niet meer onder controle.
Een grote klus is eerder klaar als je met meer mensen bent.
Voor de zekerheid heb ik wat geld bewaard.
Hij slaat snel.
Hij geeft zijn eigen fouten toe.
Hij heeft het er druk mee.
Ik vind dat heel makkelijk.
Beslissen wat er gebeurt.
Ze vinden hem heel goed.
Als je hem iets geeft, wil hij steeds meer.
Samenwerken.
Ik heb zin om te slaan.
Hij vergeeft het.
Je kunt geen onmogelijke dingen doen.