Een asielzoekerscentrum in de gemeente

Een asielzoekerscentrum in de gemeente
Factsheet “Bouwplannen en duurzaamheid”
1
Een asielzoekerscentrum in de gemeente / Informatie voor gemeenten / Facsheet “Bouwplannen en duurzaamheid”
Juli 2014, versie 4
Inhoudsopgave
Een opvanglocatie in de gemeente
- Verbouwplannen .............................................................................................................. 3 - Duurzaamheid locaties .................................................................................................... 4 2
Een asielzoekerscentrum in de gemeente / Informatie voor gemeenten / Facsheet “Bouwplannen en duurzaamheid”
Juli 2014, versie 4
Een opvanglocatie in de gemeente (Ver)bouwplan
Als de bestuursovereenkomst is getekend, doet het COA een aanvraag voor een
bouwvergunning en start daarop de bouw van de accommodatie. Het COA heeft
selectiecriteria opgesteld (ligging, staat van onderhoud, aanwezige faciliteiten,
enzovoorts) waar locaties aan dienen te voldoen. Deze criteria zijn opgesteld vanuit onze
vastgoedvisie:
Het COA ontwikkelt een vastgoedvoorraad, die probleemloze opvang van asielzoekers in
een veilige en beheersbare omgeving mogelijk maakt.
Door het COA wordt een plan opgesteld voor de bouw of verbouw van de toekomstige
opvanglocatie. Verbouw is aan de orde als het gaat om het aanpassen van een bestaand
gebouw of complex. In het op te stellen plan komt tot uitdrukking welke activiteiten c.q.
aanpassingen noodzakelijk zijn voor de (ver)bouw van de opvanglocatie. Het gaat hier
bijvoorbeeld om de wijze van ontsluiting van het terrein en de gebouwen,
terreininrichting en dergelijke.
Het (ver)bouwplan is het resultaat van het samenbrengen van het Programma van Eisen
voor de bouw of verbouw van een opvanglocatie en de plaatselijke omstandigheden
(zoals ligging en grootte van het terrein, bodemgesteldheid, enz.). In het Programma van
Eisen zijn de, door het COA vastgestelde, uitgangspunten waaraan een opvanglocatie
dient te voldoen vastgelegd. In dit traject wordt het COA ondersteund door externe
adviseurs (architect en ingenieursbureau).
Het (ver)bouwplan vormt het uitgangspunt voor het overleg met Bouw- en
Woningtoezicht, brandweer en overige betrokken gemeentelijke en/of provinciale
diensten en instellingen, teneinde te komen tot de aanvraag van een bouwvergunning en
eventuele ontheffing of wijziging van het bestemmingsplan.
Overleggremia
In de planning naar de opening van een nieuw azc wordt er een projectteam geformeerd.
De portefeuillemanager blijft in deze het hoofdaanspreekpunt voor de gemeente en heeft
de rol van coördinator voor het team. In de contacten met de gemeente trekt de
projectregisseur samen op met een unitmanager en/of locatiemanager van de betreffende
unit of locatie van het COA.
Het COA en de gemeente overleggen over de inrichting van het centrum, met betrekking
tot brandveiligheid, ontsluiting, infrastructuur en indien noodzakelijk over andere
onderwerpen.
Na het inzetten van het traject voor de vestiging van een nieuwe opvanglocatie in de
gemeente, onderhoudt de gemeente het contact met de regiokorpsbeheerder over
mogelijke gevolgen van een nieuwe opvanglocatie voor de politieformatie. Tevens stelt
de gemeente vast op welke wijze het onderwijs geregeld kan worden.
3
Een asielzoekerscentrum in de gemeente / Informatie voor gemeenten / Facsheet “Bouwplannen en duurzaamheid”
Juli 2014, versie 4
Duurzaamheid locaties
Het verwerven en afstoten van locaties en gebouwen werd sinds de start van het COA in
1994 vooral ingegeven door de korte termijn. Snel schakelen in verwerven en afstoten
van gebouwen was noodzakelijk uit oogpunt van bedrijfsvoering, maar duurzame
kwaliteit van de vastgoedvoorraad speelde doorgaans geen rol in de beslissing. Daar is
verandering in gekomen. Nu is er meer oog voor de langetermijnstrategie voor vastgoed.
Als publieke organisatie, gefinancierd met maatschappelijk geld en opererend in een
politieke omgeving, proberen wij duurzaam te investeren.
Meerwaarde voor alle partijen
Duurzaamheid is een extra impuls voor alle partijen. Niet alleen gaan wij met een
gemeente voor langere tijd een relatie aan, maar wij zien duurzaamheid ook als
mogelijkheid om zelfs na ons eventueel vertrek uit de gemeente van meerwaarde te zijn
voor de lokale gemeenschap. Bijvoorbeeld door het centrum en de gebouwen zo in te
richten dat zij een andere maatschappelijke functie kunnen krijgen, zoals woningen,
zorgvoorzieningen of recreatie.
In de hierboven genoemde vastgoedvisie van het COA benoemen we de vier pijlers
duurzaamheid, flexibiliteit, kwaliteit en betaalbaarheid.
Onder duurzaamheid verstaan we:
• Gebruiks-/ levensduur van minimaal 15 jaar;
• Geen semipermanente bebouwing, geen gebouwen met een bestemming die
oorspronkelijk heel anders is;
• Typologie van de gebouwen afstemmen op de ontwikkelbehoefte van de
gemeente;
• Milieubewuste gebouwen wat betreft afwerking, energieverbruik et cetera;
• Zo weinig mogelijk vervoersbewegingen benodigd.
Flexibiliteit toont zich in een vaste kern van opvangplaatsen, met een flexibele ‘schil’ en
een buffer. Deze buffer bestaat in de eerste plaats uit opvangplaatsen die op korte
termijn beschikbaar zijn op bestaande locaties. Daarnaast zijn er minder acuut
beschikbare plaatsen, die voortkomen uit afspraken met samenwerkingspartners die
soortgelijk vastgoed hebben.
Ook spreekt flexibiliteit uit de mogelijkheid opvanglocaties, bij vertrek van het COA,
zonder veel kosten en tijd om te klappen naar gebruik voor andere maatschappelijke
functies.
Onder kwaliteit verstaan we veiligheid, leefbaarheid en beheersbaarheid, in de breedste
zin van het woord. Deze begrippen komen nader aan de orde in hoofdstuk 3.
4
Een asielzoekerscentrum in de gemeente / Informatie voor gemeenten / Facsheet “Bouwplannen en duurzaamheid”
Juli 2014, versie 4
Betaalbaarheid ten slotte bereiken we door vastgoed lang te gebruiken en te sturen op
basis van inzicht in meerjarige exploitatielasten over de totale gebruiksperiode. Zo gaan
we efficiënt om met gemeenschapsgeld.
5
Een asielzoekerscentrum in de gemeente / Informatie voor gemeenten / Facsheet “Bouwplannen en duurzaamheid”
Juli 2014, versie 4