Elektra Hugo von Hofmannsthal

Elektra
Hugo von Hofmannsthal
het Nationale Toneel - seizoen 2013-2014
Docenteninformatie
NT Educatie / Lejo De Hingh
[email protected]
1
Inhoud
3. Elektra van Hugo von Hofmannsthal door het Nationale Toneel
-voorstellingsinformatie
4. Pascal Leboucq over het toneelbeeld
5. Het Huis van Atreus
6. De vloek van Tantalos en de mythe van Elektra
6 - Tantalos
7 - Atreus en Thyestes
8 - Agamemnon en Menelaos
9 - De Trojaanse Oorlog
10 - De wraak van Orestes
12.
17. Elektra van Von Hofmannsthal - vrij naar Sophokles
17 - De huiver van de mythe opnieuw laten opstijgen
19. Oostenrijk en Von Hofmannsthal
19 - Oostenrijk: een keizerrijk in verval
20 - Het culturele leven in Wenen
- Het gezin Von Hofmannsthal
21 - Von Hofmannsthal maakt zijn entree in de literaire wereld
23 - Crisis en huwelijk
24 - Een schrijver op de drempel
25. De grote drie
-Aischylos, Sophokles, Euripides
www.nationaletoneel.nl/elektra
www.nationaletoneel.nl/educatie
2
Elektra van Hugo von Hofmannsthal door het Nationale Toneel
Regie Casper Vandeputte
Met Antoinette Jelgersma, Betty Schuurman, Mariana Aparicio Torres, Sallie Harmsen en
Joris Smit
Casper Vandeputte regisseert Elektra van Hugo von Hofmannsthal. Mariana Aparicio
Torres speelt de titelrol. Sallie Harmsen speelt haar zus Chrysothemis en Joris Smit is
haar broer Orestes. Betty Schuurman speelt het Koor.
Elektra vertelt over drie door het noodlot getroffen jonge mensen. Op de puinhopen van
een ondergaand rijk proberen ze een nieuwe toekomst op te bouwen.
Hoe verder te leven na de grootste ramp die een kind kan overkomen? Dat is de vraag voor
Elektra, Chrysothemis en Orestes. Hun moeder Klytaimnestra vermoordde hun vader
Agamemnon en deelt nu het voormalig huwelijksbed met haar minnaar Aigisthos.
Chrysothemis wil de hele geschiedenis het liefst vergeten. Orestes, de jongste, is
gevlucht.
Maar Elektra is helemaal in de ban van het verleden. Ze beweegt zich tussen de
herinnering aan de gruwelijke dood van haar vader en de moordfantasieën op haar moeder
en diens minnaar. Haar obsessie is zo groot dat ze het leven voor haar en haar zusje
onmogelijk maakt. Wanneer Orestes na jaren terugkeert, offert hij zich op: hij pleegt de
moorden. Zo wordt Chrysothemis verlost en vindt Elektra eindelijk haar lotsbestemming.
Dichter, essayist en toneelschrijver Hugo von Hofmannsthal was het wonderkind van de
Weense literaire kringen rond 1900. Als geen ander wist hij het tijdsgevoel van de
stervende negentiende eeuw en het verlangen naar de moderne twintigste eeuw in
woorden te vangen.
Hij baseerde zijn Elektra (1903) op de tragedies van Aischylos, Euripides en vooral
Sophokles. Maar tegenover het witte marmer van de klassieke oudheid plaatst hij een
duistere wereld van bloed en driften, waarin Freud en Nietzsche de plaats hebben
ingenomen van goden en hogere machten.
3
Pascal Leboucq over het toneelbeeld
zijn gezin nu nog
leeft. In het eerste gesprek dat ik met Casper voerde over Elektra, sprak hij over dit huis
niet alleen de geest
van Agamemnon, maar van alle vervloekte voorvaders uit zijn geslacht. Ik wilde dat het
publiek voelbaar maakte.
Zo kwam ik op het idee van de gordijnen, een toneelbeeld in lagen waarachter acteurs
kunnen verdwijnen en verschijnen. Met licht kunnen we de ruimte groter en kleiner
maken. Zo spelen we met nabijheid en afstand. De ruimte is onbetrouwbaar, je weet nooit
wie er achter een gordijn verborgen staat, elk geluid is hoorbaar. Als publiek krijg je door
de gordijnen een gefragmenteerde blik op de acteurs en de personages: wat je ziet is
afhankelijk van de plaats waar je zit. Soms kun je een acteur in het gezicht kijken, terwijl
die voor iemand anders verderop de tribune half verborgen blijft. Voor de uitvoering van
het toneelbeeld heb ik me laten inspireren door een fotoreeks van een Zweedse fotograaf.
Hij fotografeerde een designvilla in verval, vol vochtvlekken. De bevlekte gordijnen
suggereren dat het huis een lange geschiedenis heeft. Bovendien hebben ze iets
psychedelisch,
Ik heb een achtergrond als beeldhouwer, dat zie je terug in mijn ontwerpen. Ik boetseer
met materiaal, op een grote schaal. Ik houd daarbij van puurheid: ik kies zo veel mogelijk
voor één type materiaal, passend bij de sfeer of dynamiek van de voorstelling. Het is een
uitdaging om daar zo min mogelijk aan toe te voegen. Het toneelbeeld van Elektra is een
installatie, een instrument dat gedurende de voorstelling door de acteurs wordt bespeeld.
In mijn ontwerpen bouw ik vrijwel altijd obstakels in. Voor Casper ontwierp ik eerder
bijvoorbeeld het toneelbeeld van De ziekte die jeugd heet, met vallende matrassen, en
voor Speeldrift, dat bestond uit een vlak van ruim honderd houten stoelen. Acteurs
moe
Pascal Leboucq werkt als scenograaf voor onder meer Casper Vandeputte en Lucas de
Man. Ook maakt hij installaties in de publieke ruimte, zoals SKETCH, BOOM en DUIF voor
Stichting Nieuwe Helden.
4
Het Huis van Atreus
Wat ging er volgens de mythe vooraf aan het moment dat Orestes terugkeert naar Elektra
en hun moeder vermoord.
Dan moeten we graven in de familiegeschiedenis van Elektra en Orestes, hun vader
Agamemnon, en hun grootvader Atreus, want al generaties lang hangt er een doem over
We moeten kijken wat er gebeurde nog voor de Trojaanse oorlog,
ongeveer tien jaar geleden, toen Orestes nog maar een kleine jongen was.
Eigenlijk was dat de schuld van Helena, die Trojaanse oorlog. Helena, de vrouw van de
koning van Sparta, Menelaos, is er met de Trojaanse prins Paris vandoor gegaan naar
Troje. Of misschien heeft Paris haar geschaakt. In ieder geval heeft de Trojaan de bij de
Grieken zo gekoesterde gastvriendschap geschonden. Paris moet gestraft, Troje moet
gestraft! Menelaos roept zijn Griekse bondgenoten op tot een gezamenlijke strafexpeditie
tegen Troje. Hij benoemt zijn broer Agamemnon, toen koning van Mycene (of Argos), tot
aanvoerder van de onderneming. Maar het zit ze niet mee: er is geen wind. Godin Artemis,
beledigd door een overtreding van Agamemnon, zegt toe voor gunstige wind te zorgen op
voorwaarde dat Agamemnon zijn dochter Ifigeneia op haar altaar offert. Aldus geschiedt
en de vloot kan vertrekken.
Tijdens de oorlog knoopt Agamemnons vrouw Klytaimnestra een relatie aan met haar
zwager, Aigisthos. Vooral Elektra lijdt onder de situatie.
Tien jaar later is Troje gevallen. Agamemnon keert als overwinnaar terug. Daar wacht hem
geen glorieuze ontvangst, maar een scherp geslepen dubbele bijl! Samen met Aigisthos
vermoordt Klytaimnestra haar man terwijl hij nietsvermoedend een bad neemt. Zo wreekt
ze de moord op haar dochter Ifigeneia. Gelukkig is Elektra zo verstandig geweest haar
broertje Orestes op een veilige plaats buiten Argos onder te brengen.
Als Orestes volwassen is, keert hij terug naar huis om op zijn beurt zijn vader te wreken.
Elektra heeft al die tijd op hem gewacht. En wat gebeuren moet, gebeurt: Orestes, stevig
aangespoord door de god Apollo, vermoordt zijn moeder en haar minnaar - daarin
bijgestaan door zijn trouwe vriend Pylades.
5
De vloek van Tantalos en de mythe van Elektra
Elektra is de dochter van Agamemnon en Klytaimnestra. Daarmee is ze een directe
afstammeling van Tantalos, wiens geslacht door de goden werd vervloekt. Er bestaan
talloze versies van deze mythes. Hieronder volgt een samenvatting op hoofdlijnen van de
belangrijkste varianten (bron: Robert Graves, Griekse mythen).
Tantalos
Tantalos is koning van Argos of van Korinthe, de bronnen zijn onduidelijk, en hij staat in de
gunst van de goden, vooral van oppergod Zeus. Volgens sommige auteurs komt dat omdat
hij diens zoon is. Regelmatig wordt Tantalos te gast uitgenodigd op de Olympus, waar hij
zich te goed doet aan nectar en ambrozijn. Overmoedig steelt hij het godenvoedsel om dit
zijn vrienden op aarde voor te zetten. Nog voor deze misdaad wordt ontdekt, begaat hij
een grotere misdaad.
Hij nodigt de goden uit voor een feestmaal op aarde, maar ontdekt tot zijn schrik dat hij te
weinig eten heeft. Hij snijdt zijn zoon Pelops in stukken en voegt zijn vlees bij de stoofpot.
Een variant zegt dat hij dit doet als test voor Zeus: zal hij ontdekken welk vlees hem wordt
voorgezet? Alle goden ontdekken de herkomst van het vlees, behalve Demeter. Zij is zo
bedroefd over het verlies van haar dochter Persephone (die onlangs is geroofd door Hades
en nu in de onderwereld verblijft), dat ze een stuk van de linkerschouder eet.
6
Voor deze twee misdaden wordt Tantalos gestraft met de ondergang van zijn rijk (zijn
geslacht wordt vervloekt) en een eeuwige kwelling in de onderwereld.
Nu hangt hij, voor eeuwig gekweld door honger en dorst, aan de tak van een
fruitboom boven een moerassig meer. Het water ervan klotst tegen zijn middel en
bereikt soms zijn kin, maar wanneer hij zich voorover buigt om te drinken, dan
zakt het weg en er blijft niets over dan de zwarte modder aan zijn voeten, en, als
hij er al in slaagt een handvol water op te scheppen, dan loopt het weg door zijn
vingers, voordat hij meer kan doen dan zijn gebarsten lippen bevochtigen, waarna
hij meer dorst heeft dan ooit tevoren. De boom hangt vol peren, blinkende appels,
zoete vijgen, rijpe olijven en granaatappels, die allemaal tegen zijn schouders
bengelen, maar telkens wanneer hij het sappige fruit wil pakken, jaagt een
windvlaag het buiten zijn bereik. (p.31)
Volgens sommige varianten hangt boven Tantalos bovendien een enorme steen, een
rotspunt van een berg. Dit is zijn straf voor een derde misdaad, het stelen van een hond
van Zeus en hierover liegen.
Nadat Tantalos is gestraft, wekt Zeus Pelops weer tot leven. Demeter schenkt hem een
nieuwe schouder van ivoor. Hij is
meeneemt als schenker en bedgenoot.
Atreus en Thyestes
In een wagenrace weet Pelops de hand te winnen van Hippodameia, de dochter van koning
van Pisa. Zij krijgen 22 kinderen, onder wie de broers Atreus en Thyestes. Tussen hen
ontstaat een strijd om de troon van Mykene. Atreus wint dankzij vals spel en met hulp van
Zeus. Na lange tijd verzoenen de broers zich, maar dat blijkt slechts schijn. Thyestes
doodt uit wraak vijf zoons van Atreus.
Hij hakte ze compleet aan stukken en zette Thyestes zorgvuldig uitgekozen
brokjes van hun vlees gekookt in een kookpot voor om zijn terugkeer te vieren.
Toen Thyestes flink gegeten had, liet Atreus op een andere schaal hun bebloede
hoofdjes en handjes en voetjes binnenbrengen om hem te laten zien wat hij nu in
zijn maag had. Thyestes deinsde brakend terug en legde een onontkoombare
vloek op het nageslacht van Atreus. (p.57)
Thyestes vlucht naar Sikyon. Omdat zijn zucht naar wraak nog steeds niet is gestild,
raadpleegt hij het Orakel van Delphi. Dat geeft hem het advies om bij zijn dochter Pelopeia
een zoon te verwekken. Hij weet haar met een list te verkrachten, maar zij weet
7
ondertussen zijn zwaard te ontfutselen. Uit angst ontdekt te worden, vlucht hij opnieuw
haar zwanger achterlatend.
Korte tijd later komt Atreus in Sykion. Hij wordt op slag verliefd op Pelopeia, niet wetend
dat zij de dochter is van zijn broer Thyestes en diens kind draagt. Hij meent dat zij de
dochter is van Thesprotos, de koning van Sikyon. Omdat het Thesprotos goed uitkomt om
een machtige bondgenoot te winnen en hij bovendien Pelopeia zo de schaamte kan
besparen van ongehuwd zwanger zijn, laat hij Atreus in de waan. Hij geeft haar Atreus als
bruid.
Na verloop van tijd baarde zij de zoon die Thyestes bij haar had verwekt en zij
legde hem te vondeling op een berg, maar geitenhoeders redden hem en gaven
hem aan een geit om te zogen
(p.59)
Atreus denkt dat Pelopeia lijdt aan tijdelijke waanzin. Hij neemt Aigisthos in huis en
brengt hem groot als zijn erfgenaam. Aan het hof van Mykene groeit Aigisthos op naast
zijn halfbroers Agamemnon en Menelaos.
Op een tocht naar Delphi weten Agamemnon en Menelaos Thyestes gevangen te nemen.
Ze nemen hem mee naar huis en de zevenjarige Aigisthos krijgt opdracht de gevangene te
doden met het zwaard dat hij van zijn moeder heeft gekregen. Thyestes ontsnapt
ternauwernood aan de dood, herkent zijn eigen zwaard en vertelt Aigisthos dat hij zijn
vader was. Hij vraagt hem Pelopeia naar hem toe te brengen, wat Aigisthos doet. Als
Pelopeia hoort dat haar vader bij haar een zoon heeft verwekt, stort ze zich in zijn zwaard.
Met dit bebloede zwaard doodt Aigisthos vervolgens Atreus.
Vanaf nu heerst Thyestes over Mykene. Agamemnon en Menelaos worden door hun
kinderjuf naar het buitenland gesmokkeld.
Agamemnon en Menelaos
De verbannen Agamemnon weet de gunst te wekken van koning Tydareos van Sparta.
Samen trekken zij op tegen Thyestes, om de Mykeense troon terug te winnen. Thyestes
verliest de strijd en wordt verbannen. Aigisthos, bang voor de wraak van Agamemnon,
vlucht.
Agamemnon trekt nu ten strijde tegen zijn neef Tantalos (n.b. niet de oude Tantalos) en
doodt hem en zijn kinderen. Hij dwingt diens weduwe Klytaimnestra, dochter van zijn
bondgenoot Tyndareos, tot een huwelijk met hem. Hij verwekt vier kinderen bij haar, drie
dochters en een zoon: Iphigeneia, Elektra, Chrysothemis en Orestes.
Zijn broer Menelaos trouwt met
lena. Zo wordt Agamemnon koning
van Mykene en Menelaos koning van Sparta.
8
In zijn Ilias en de Odyssee noemt Homeros het huis van Agamemnon regelmatig,
maar de naam Elektra wordt nergens genoemd. In boek 9 van de Ilias zegt
Agamemnon dat hij vier dochters heeft: Iphigeneia, Chrysothemis, Laodike en
Iphianassa.
Hesiodos, tijdgenoot van Homeros, noemt Elektra als eerste:
van Agamemnon, deze naam aanvankelijk niet had, maar oorspronkelijk Laodike
heette. Maar toen Agamemnon was gedood en Aigisthos met Klytaimnestra was
getrouwd en koning was, noemden de inwoners van Argos het ongetrouwde en
ouder wordende meisje Elektra, vanwege het feit dat zij geen man had en geen
De vraag is of dit echt de verklaring is van haar naam, of dat het eerder een poging
is Elektra te wortelen in de Griekse mythologie.
De Trojaanse Oorlog
Paris, zoon van de Trojaanse koning Priamos, rooft Helena en neemt haar mee naar Troje.
Menelaos beroept zich op het verbond tussen de Griekse koningen op om met hem uit te
varen tegen Troje. Alle koningen verzamelen zich, Agamemnon wordt opperbevelhebber
van de strijdmacht. Alleen Aigisthos blijft achter, omdat hij wraak wil nemen op het Huis
van Atreus. Hij weet in Agamemnons afwezigheid de gunst van Klytaimnestra te winnen
en wordt haar minnaar.
Klytaimnestra had weinig reden om van Agamemnon te houden: nadat hij haar
vroegere echtgenoot Tantalos en het pasgeboren kind dat nog aan haar borst lag,
vermoord had, had hij haar gedwongen met hem te trouwen en was hij daarna
weggegaan naar een schijnbaar eindeloze oorlog. Ook had hij zijn goedkeuring
gegeven [hun dochter] Iphigeneia te offeren. En wat ze nog moeilijker te verteren
vond was dat er beweerd werd dat hij met de dochter van Priamos, Kassandra de
profetes, zou terugkomen en haar feitelijk als zijn vrouw beschouwde. (p.66)
Na zijn terugkomst in Mykene nemen Aigisthos en Klytaimnestra wraak. Ze doden
Agamemnon in zijn badkuip:
Toen Agamemnon zich gewassen had en één voet buiten het bad zette, vol
verlangen om aan te zitten aan de welvoorziene dis die al op tafels stond, liep
Klytaimnestra naar hem toe alsof ze hem een handdoek wilde omdoen, maar in
plaats daarvan wierp ze hem een door haarzelf geweven kledingstuk over het
9
hoofd, een soort net zonder hals- of armsgaten. Als een vis hierin verstrikt werd
Agamemnon omgebracht door Aigisthos, die hem tweemaal sloeg met een
tweezijdig zwaard. Hij viel terug in het zilveren bad, waar Klytaimnestra het haar
aangedane onrecht wreekte door hem met een bijl te onthoofden. (p.68)
Hierna worden ook Kassandra, haar twee kinderen die zijn verwekt door Agamemnon, en
alle troepen van Agamemnon afgeslacht.
De wraak van Orestes
Na de moord op Agamemnon wordt Orestes door Elektra in veiligheid gebracht. Hij vlucht
naar het hof van Strophios, die is getrouwd met een zus van Agamemnon. Hier groeit hij op
In Mykene heerst Aigisthos, maar feitelijk heeft Klytaimnestra de touwtjes in handen.
Aigisthos is een zuiplap, die in dronkenschap overmoedig danst op het graf van
vanbinnen is hij als de dood voor de wraak van Orestes en zet hij een groot goudbedrag op
zijn hoofd.
Elektra was verloofd geweest met haar neef Kastor van Sparta, voor hij stierf en
tot halfgod verheven werd. Hoewel de belangrijke vorsten van Griekenland nu om
haar hand streden, kondigde Aigisthos uit angst dat zij een zoon zou baren die
Agamemnon zou wreken af dat geen enkele huwelijkskandidaat geaccepteerd kon
worden. Hij zou Elektra, die blijk gaf van een onverzoenlijke haat jegens hem,
graag uit de weg hebben geruimd om te voorkomen dat ze in het geheim zou
slapen met een van de officieren van het paleis en een bastaardzoon zou baren,
maar Klytaimnestra, die zich niet bezwaard voelde over haar aandeel in de moord
op Agamemnon en zich vooral niet het ongenoegen van de goden op de hals wilde
halen, verbood hem dat te doen. Ze stond hem wel toe Elektra uit te huwelijken
aan een Mykeense boer die, omdat hij bang was voor Orestes en bovendien geen
behoefte had aan seksuele omgang, hun ongelijke verbintenis nooit met de
liefdesdaad bezegelde. (p.72-73)
Terwijl Elektra in armoede leefde, bezocht Orestes het Orakel van Delphi om te vragen of
hij de moordenaars van zijn vader wel of niet moest vernietigen.
Het antwoord van Apollo, waar Zeus zich met zijn gezag achter had geplaatst,
luidde dat hij als hij naliet om Agamemnon te wreken een uitgestotene zou
worden, nooit meer een heiligdom of tempel zou mogen betreden, en getroffen zou
10
worden door een melaatsheid die zijn vlees zou wegvreten en er witte schimmel op
zou doen ontstaan. (p.73)
De mythes zijn niet duidelijk hoeveel jaar er zit tussen de moord op Agamemnon en de
terugkomst van Orestes. Volgens sommige versies is dat acht jaar, volgens andere twintig.
Duidelijk is dat Orestes
al dan niet met behulp van Pylades
naar Mykene komt en
middels een list (hij doet zich voor als bode, die de heersers komt melden dat Orestes is
gestorven) toegang krijgt tot het koninklijk paar. Eerst doodt hij Aigisthos.
Toen herkende Klytaimnestra haar zoon en probeerde hem te vermurwen door
haar borsten te ontbloten en een beroep te doen op zijn plicht als zoon, maar
Orestes onthoofdde haar met één enkele slag van hetzelfde zwaard en ze viel neer
naast het lijk van haar minnaar. Staand bij de lijken sprak hij de paleisbedienden
toe en hield daarbij het nog met bloed bevlekte net omhoog waarin Agamemnon
was gestorven. Door deze tastbare herinnering aan haar verraad wist hij zich op
welsprekende wijze vrij te pleiten van de moord op Klytaimnestra en hij voegde
eraan toe dat Aigisthos de bij de wet voorgeschreven straf voor overspeligen had
ondergaan. (p.76)
Na de moord wordt Orestes opgejaagd door de Erinyen, de oeroude wraakgodinnen.
Hermes beschermt hem. Uiteindelijk wordt hij op de Akropolis in Athene, na een pleidooi
van Apollo en door tussenkomst van Pallas Athene, vrijgesproken.
11
Alfabetisch "Databankje
Aeschylus. Grieks tragedieschrijver, die leefde van 525 tot 456 v. Chr.
Van de naar schattig negentig toneelstukken van zijn hand zijn er nog slechts zeven
overgebleven: De Perzen, Zeven tegen Thebe, De Smekelingen, Prometheus Geboeid en de
trilogie Oresteia bestaande uit: Agamemnon, De Offerplengsters en De Eumeniden.
Met recht noemt men hem de eerste belangrijke toneelschrijver. Hij bood het toneel
nieuwe spelmogelijkheden door de invloed van het koor in te dammen en de tweede
acteur op het podium in voeren.
Voor zijn tijd bestond toneel - onder invloed van Tespis - uit koorgezangen en een
vertelling van één acteur.
Aeschylus creëerde een tweede personage zodat er dialogen en dramatische handeling
konden plaatsvinden op de scène. Zijn taal is nogal bombastisch en lijvig en staat bol van
Sophokles en Euripides.
Dat hij een diep religieus mens was, kunnen we zien aan de ongelijke verhoudingen tussen
mensen en goden in zijn stukken. Fouten blijven nooit ofte nimmer onbestraft. Hybris (Gr.,
= overmoed) en misdaad jegens een god zijn de ergste zonden die men kan begaan. Het
onafwendbare lijden brengt in zijn tragedies lering en verzoening met de wil van de goden
en het treft een geslacht tot in latere generaties.
Een profetie vertelde Aeschylus tijdens zijn leven dat hij zou sterven door een teken uit de
hemel. In Sicilië stierf de arme man doordat een schildpad op zijn kale glimmende schedel
te pletter stortte. Een voorbijvliegende arend dacht een harde steen te herkennen en
lotsbestemmingen. Aeschylus heeft de mens daarom geleerd zijn lot met waardigheid te
dragen.
Aegisthus. In de Griekse mythologie is hij de enige overgebleven zoon van Thyestes. Hij
speelde een sinistere rol in de noodlottige geschiedenis van het geslacht der Artriden. (Zie
Atreus.) Homerus (Ilias) beschrijft Aegisthus als de minnaar van Klytaimnestra, de gade
van zijn neef Agamemnon. Toen Agamemnon ten strijde was getrokken tegen Troje,
verleidde Aegisthus Klytaimnestra en samen vermoordden zij Agamemnon bij zijn
thuiskomst. Zeven jaren heerste de moordenaar over Mycene, totdat Agamemnons zoon
Orestes bloedig wraak nam op zijn moeder en haar minnaar.
Agamemnon. De zoon van Atreus en broer van Menelaos. Koning van Mycene en
opperbevelhebber van het Griekse leger dat tegen Troje ten strijde trok. In deze rol speelt
hij een belangrijke rol in de Ilias van Homerus. Zijn relatie met Helena, de mooiste vrouw
van Griekenland, is zeer dubbel. Tyndareos, haar vader, organiseerde een wedstrijd onder
Griekse mannen om de winnaar met Helena te laten trouwen. Niet Menelaos maar
Agamemnon kwam als winnaar uit de bus. Jammer genoeg was hij toen al getrouwd met
12
Klytaimnestra, haar zus, waardoor hij haar schonk aan zijn broer. Later, wanneer ze
geschaakt werd door Paris, was opnieuw niet Menelaos maar Agamemnon de aanvoerder.
Hij offerde zijn dochter Iphigeneia om ten oorlog te kunnen trekken. Werd tien jaar later,
als overwinnaar, bij zijn thuiskomst vermoord door Klytaimnestra en haar minnaar
Aegisthus.
Argos. Het gebied waar het huis van de Artriden heersten. De plaats van handeling in
de Oresteia. In sommige geschriften staat de plaatsnaam "Mycene", wat geen fout is
aangezien beiden synoniemen zijn van elkaar. Mycene is namelijk de "hoofdstad" van de
"streek" Argos. Dit land is volgens de mythologie machtig en rijk geweest tussen 1400 en
1100 v. Chr. (Enkele tientallen jaren nà de Trojaanse oorlog.) Tijdens het bewind van de
zoon van Orestes, Tisamenus, verdween het rijk door een Dorische inval. Heinrich
Schliemann begon met de uitgravingen van deze stad in 1874. Vandaag de dag kunnen nog
steeds verschillende ruïnes bezocht worden zoals o.a. de Leeuwenpoort en de
zogenaamde schatkamer van Atreus. (foutief benoemd door haar ontdekker) Tevens vond
Schliemann zes koninklijke graven, die gevuld waren met kostbare juwelen en menselijke
botten...
Atreus-geslacht. (Vloek) Pelops, de aan de goden geserveerde zoon van Tantalus, had zelf
twee jongens, Atreus en Thyestes. Deze twee raakten in onmin met elkaar nadat Atreus
koning was geworden van Mycene. Thyestes diende omwille van zijn jaloezie gestraft te
worden. Zijn broer, Atreus, serveerde hem zijn eigen twee zonen. Toen Thyestes doorkreeg
wat men hem had doen eten, vervloekte hij het huis van zijn broer en vluchtte met zijn
worden, trouwen met Klytaimnestra en vier kinderen krijgen; Iphigeneia, Elektra Orestes
en Chrysothemis. Toen de oorlog met Troje uitbrak, diende Agamemnon het leiderschap
over de Grieken op zich te nemen. Alles leek van een leien dakje te gaan totdat het leger
vast raakte in Aulis. Een windstilte belette de vloot uit te varen waardoor het ganse leger
er verveeld en lusteloos bijlag. Volgens een profetie diende Agamemnon zijn eigen dochter
Iphigeneia aan de godin Artemis te offeren. Nadat hij dit had gedaan, kon het Griekse
leger vertrekken. De ontredderde moeder en vrouw van Agamemnon, Klytaimnestra, bleef
in Mycene achter. De wrok die zij voor haar man voelde werd beantwoord door een nieuw
individu op het toneel; Aegisthus. Deze enige zoon van Thyestes zinde wegens de
vreselijke da
geliefden werden, besloten ze Agamemnon bij zijn thuiskomst te zullen vermoorden.
Diens enige zoon Orestes stuurden ze weg uit Argos en de daaropvolgende jaren wachtten
ze met moordplannen op de terugkeer van het Griekse leger...
Cassandra. In Griekse sagen is zij een dochter van koning Priamus van Troje. De god
Apollo beminde haar en schonk haar de gave der profetie, maar omdat zij zijn liefde
versmaadde, bewerkte de god dat haar voorspellingen door niemand zouden worden
13
geloofd. Zo waarschuwde zij vergeefs voor het houten paard dat de Trojanen argeloos
binnen de muren haalden. In de rampnacht van Trojes ondergang zocht zij bescherming in
de tempel van Athena, maar de "kleine" Ajax, zoon van Oïleus, verkrachtte haar. (Later
werd Ajax dan ook door Athene gestraft.) Zij viel als slavin ten deel aan Agamemnon, die
haar meevoerde naar Mycene. Daar voorzag zij het tragisch einde van haar meester en
werd mede het slachtoffer van
moordlust. De figuur van Cassandra is
vooral bekend uit de werken van Homerus en het drama Agamemnon van Aeschylus.
Chrysothemis. Derde dochter van Agamemnon en zuster van Elektra. Zij verschijnt enkel
in de Elektra van Sophokles. Daarin is ze een braaf meisje, dat Elektra tracht te overhalen
om weer aardig te zijn voor hun moeder en Aegisthus, nadat ze Agamemnon hebben
vermoord. Chrysothemis keurt hun daad niet goed maar ze schikt zich ernaar
aangezien Klytaimnestra en Aegisthus de leiders zijn van Mycene. Later komt ze Elektra
vertellen dat ze een mysterieuze lok haar op het graf van hun vader heeft aangetroffen
(Orestes.).
Elektra. De dochter van Agamemnon en Klytaimnestra, zuster van Iphigeneia, Orestes en
Chrysothemis. Na de gruwelijke moord op Agamemnon door Klytaimnestra en haar
minnaar Aegisthus, bracht Elektra de kleine Orestes naar Phocis in veiligheid. Zij bleef
achter in Mycene, ten prooi aan allerlei vernederingen van het moordenaarspaar. Toen
Orestes, volwassen geworden, naar Mycene terugkwam, zette Elektra hem aan hun vader
te wreken door hun moeder en haar minnaar te doden. Later huwde zij Orestes' vriend
Pylades. In drie bewaard gebleven werken der grote Griekse tragici speelt de Elektrafiguur
een hoofdrol, n.l. in Aeschylus' De Offerplengsters en in de naar haar genoemde drama's
van Sophokles en Euripides.
Erinyen. In het oude Hellas de wraakgodinnen (Furiën) die bij een vergrijp tegen het
asielrecht of de gastvriendschap, bij moord op verwanten of bij meineed de misdadiger
rusteloos achtervolgden om hem ten slotte tot waanzin te drijven. Zij waren de gruwelijke,
met slangenhaar bedekte dochters van de nacht, ontstaan uit bloeddruppels van de god
Uranus. De Erinyen staan symbool voor de oude orde van Griekse goden, vóórdat Zeus zijn
intrede maakte. Ten tijde van Aeschylus vond men het tijd om wetten en regels in te
voeren. Voordien heerste namelijk de bloedwraak (an eye for an eye...) De Oresteia handelt
eigenlijk over het feit dat men voortaan naar een rechtbank kon gaan om te weten of men
gelijk had of gestraft moest worden. De godin Athena stond symbool voor dit
rechtssysteem. In de Oresteia overtuigt zij de Erinyen om voortaan als haar helpsters het
recht te dienen.
Daarom noemde men ze later Eumeniden. (Gr.: Eumenides, = welgezinden.)
Helena. Op een dag werd Zeus verliefd op een mooi jong meisje, Leda genaamd. Deze
kersverse bruid van Tyndareos en dochter van de koning van Aetolia zat aan de oever van
een meertje in alle stilte van wat rust te genieten. De oppergod van hemel en aarde
14
veranderde zichzelf in een mooie witte zwaan. Toen dit ranke dier nader tot bij Leda
kwam, besprong hij haar met als doel haar te - zoals men dat pleegt te noemen bezwangeren. Leda, het arme kind, beviel negen maanden later van een wit, reusachtig ei.
Uiteindelijk kreeg Leda nog drie kinderen: Polydeukes, Castor en Klytaimnestra. Helena
werd, als gunsteling van Aphrodite, tot mooiste vrouw van Griekenland gekroond. Paris
kon haar
omdat hij de gouden appel aan Aphrodite had toegekend
meenemen naar
Troje. Toen haar vader Tyndareos indertijd een man moest aanwijzen om haar te huwen,
organiseerde hij een wedstrijd. Hierbij werd bepaald dat de deelnemers een eed van trouw
moesten sluiten aan de uiteindelijke winnaar. In geval van kidnapping diende iedereen
voor haar ten strijde te trekken. Bijgevolg trok half Griekenland met Agamemnon en
Menelaos ten oorlog.
Iphigeneia. Toen de Griekse vloot in Aulis klaar lag voor de expeditie naar Troje,
verhinderde windstilte de schepen uit te varen. Agamemnon, die Artemis had beledigd,
moest zijn dochter aan de godin offeren, zo verklaarde de ziener Calchas. Daarop gebood
Agamemnon zijn vrouw en Iphigeneia naar Aulis te komen, onder het voorwendsel dat hij
de laatste wilde uithuwelijken aan Achilles, de beroemdste held aan Griekse zijde. Nadat
zowel Klytaimnestra
gekomen, besloot Iphigeneia uiteindelijk zélf om voor het Griekse leger te sterven.
Agamemnon wordt in Iphigeneia in Aulis als een verscheurde ziel gekenschetst, tussen
het Griekse leger (Menelaos) en zijn vaderliefde in. Uiteindelijk kiest hij voor de goddelijke
opdracht zodat hij in de exodus
vlak voor het vertrek van de vloot
door het koor wordt
bezongen als een groot militair leider en een fantastisch koning van Mycene.
Klytaimnestra. In de Griekse mythologie is zij een dochter van Tyndareos en Leda. Zij
huwde Agamemnon en werd de moeder van Chrysothemis, Elektra, Iphigeneia en Orestes.
Tijdens Agamemnons deelname aan de oorlog tegen Troje, pleegde Klytaimnestra
overspel met Aegisthus, en samen vermoordden zij Agamemnon bij zijn thuiskomst. Met
haar verleider heerste zij over Mycene en Argos, totdat haar zoon Orestes de dood van zijn
vader wreekte en zijn moeder en haar minnaar doodde. Bij Homerus is Aegisthus de
eigenlijke voltrekker van de gruweldaad op Agamemnon en is Klytaimnestra medeplichtig
omdat zij Cassandra, die het drama voorzag, doodde. Bij latere Griekse auteurs is
Klytaimnestra de hoofdschuldige.
Oresteia. Deze trilogie bestaande uit Agamemnon, De Offerplengster en De
Eumeniden werd in het jaar 458 voor Christus voor het eerst tijdens het Dionysische
festival van Athene opgevoerd. Aeschylus, de schrijver werd er tijdens die editie met de
eerste prijs beloond, waarna hij emigreerde naar Sicilië om er twee jaar later te sterven.
De Oresteia is de enige trilogie die uit de oudheid bewaard is gebleven. (Het bijbehorende,
op dezelfde dag opgevoerde saterspel Proteus is verloren gegaan.) Het vertelt de
15
ontknoping van de vloek over het Atreus-geslacht of het huis der Artriden en de instelling
van een democratisch rechtssysteem.
Orestes. De enige zoon van Agamemnon en Klytaimnestra. Toen zijn vader door
Klytaimnestra en haar minnaar was vermoord, bracht zijn zuster Elektra hem in veiligheid
bij zi
jaar later keerde Orestes naar Mycene terug in gezelschap van Pylades en samen
beraamden zij de wraakneming op de moordenaars van Agamemnon. Orestes werd als
moedermoordenaar door de Erinyen achtervolgd en door Athena voor het gerecht
gebracht. De Erinyen klaagden hem daar aan en Apollo was zijn verdediger. Uiteindelijk
werd Orestes vrijgesproken door Athena's beslissende stem. Protagonist in
Oresteia, Sophokles Elektra
Elektra, Orestes en Iphigeneia in
Tauris.
Pelops. Volgens de Griekse mythologie was hij de onfortuinlijke zoon van Tantalus. Als
kind werd hij door zijn vader geslacht en aan de goden als spijs voorgezet. Deze ontdekten
de wandaad en wekten Pelops weer tot leven. Een schouder van Pelops was in
onachtzaamheid door Demeter opgegeten en werd door ivoor vervangen; sindsdien
hadden al zijn afstammelingen een witte vlek op de schouder.
Philomela. In de mythologie is zij een dochter van Pandion, koning van Athene en zuster
van Procne. Deze laatste was getrouwd met Tereus, de koning van Thracië. Toen deze
vorst zijn schoonzus zag, werd hij overmand door lusten waarna hij haar verkrachtte en
haar tong afsneed. Philomela weefde echter een tapijt waarop ze haar verkrachting
beschreef. Toen haar zuster dit kleed zag, vermoordde ze haar eigen zoon, Itys, waarvan
Tereus de vader was. Ze kookte het lijkje en serveerde het aan de koning waarop de goden
de zusters veranderden in een zwaluw en een nachtegaal.
Tantalus. In de Griekse mythologie is hij de vader van Pelops en Niobe. Dat hij een
misdaad tegen de goden verrichtte is zeker, alleen bestaan er verschillende versies van.
Volgens sommigen stal hij nectar en volgens anderen vertelde hij geheimen van de goden
door. Het bekendst is echter het verhaal dat hij zijn eigen zoon in stukken sneed en
klaargemaakt serveerde aan de goden. Als straf werd hij voor eeuwig in de Hades
geplaatst met zijn voeten in het water en boven zijn hoofd een tros druiven; getergd door
het feit dat hij van geen van de twee kon proeven.
16
Elektra van Von Hofmannsthal
Vrij naar Sophokles
Aanvankelijk was Von Hofmannsthal van plan een ander stuk te schrijven voor Max
Reinhardt, Pompilia. In de researchfase las hij ter inspiratie Emilia Galotti, Richard III en
Elektra van Sophokles. Dat laatste was een openbaring, schreef Von Hofmannsthal in een
was meteen duidelijk: dat zij niet meer verder leven kan, dat, wanneer de klap gevallen is,
vielen mij op. Als stijl stond mij voor ogen iets tegenovergesteld aan Iphigeneia [van
vier wezenlijke verschillen ten opzichte van het origineel.
1. Von Hofmannsthal heeft de proloog van Sophokles (waarin Orestes aankomt in
Argos) weggelaten. Hierdoor weet het publiek niet of Orestes zal komen, wat de
spanning en wanhoop van de zussen vergroot. Bovendien komt de nadruk hiermee
te liggen op de hartstocht van Elektra.
2. Het koor ontbreekt. In de eerste scène (door Casper geschrapt) komen wel enkele
bedienden op, maar zij komen later in het stuk niet meer terug. Bovendien staan
deze bedienden niet, zoals bij Sophokles, aan de kant van Elektra, maar zij
bespotten haar juist. Dat maakt het isolement van Elektra totaal.
3. Het bodeverhaal met het ongeluk van Orestes ontbreekt. Bij Sophokles was het
essentieel dat Klytaimnestra ervan overtuigd was dat Orestes was overleden.
Bovendien was bij Sophokles de overwinnaar van de wagenrit die Orestes fataal
werd een Athener, wat het Atheense publiek vast gevleid zou hebben.
4. Elektra sterft aan het einde van de tragedie bij Von Hofmannsthal (tenminste, dit
wordt gesuggereerd en bevestigd door Von Hofmannsthal in brieven). Bij
Sophokles blijft haar lot onduidelijk
de wraakgodinnen richten hun pijlen op
O
jeugdvriend.
Het is interessant dat Von Hofmannsthal schrijft dat hij met zijn Elektra een stijl zocht die
tegenovergesteld was aan de Iphigeneia van Goethe
hét model van het Duitse
classicisme. Dat classicisme was sterk schatplichtig aan de geschriften van Johann
Joachim Winckelmann
edle Einfalt und stille Grösse
(edele eenvoud en stille grootsheid).
De huiver van de mythe opnieuw laten opstijgen
Het afzetten tegen Goethe Van Nietzsche is in dit verband vooral zijn vroege werk De
geboorte van de tragedie uit de geest van de muziek van belang. Uit het nawoord van
vertaler Hans Driessen:
In het historische gedeelte van het boek toont Nietzsche aan dat de klassieke
Griekse tragedie zich heeft ontwikkeld vanuit de dynamiek van twee fundamentele
17
principes, twee artistieke driften, vernoemd naar de twee Griekse goden van de
kunst: Apollo en Dionysus. Het Apollinische staat voor de droom, een wereld van
schijn waarin het dagelijkse leven gerechtvaardigd wordt
. Het Dionysische
staat voor de roes en de waanzin, 'de heksendrank van wellust en wreedheid'.
In de achtereenvolgende periodes van de Griekse cultuur heeft nu eens het
Apollinische, dan weer het Dionysische de overhand, totdat beide kunstdriften tot
een voorlopige verzoening komen in de Attische tragedie. Het zijn de grote tragici
Aeschylus en Sophokles die deze twee fundamentele kunstdriften met elkaar
verstrengeld hebben. Zij zijn de grootmeesters van de klassieke Attische tragedie,
met hen wordt de tragedie als kunstvorm geboren en tot bloei gebracht. Met
Euripides begon het verval: hij verwijderde het oorspronkelijke en almachtige
Dionysische element uit de tragedie, hij verjoeg Dionysus van het podium. [...].
Daarmee verdwijnt het echte leven van het toneel, en wat er voor in de plaats komt
is het Socratische element, het inzicht, de verlichting, het weten. Hier vallen
schoonheid en kennis, deugdzaamheid en kennis samen: 'alles moet bezonnen
zijn om schoon te zijn' en 'alleen hij die weet is deugdzaam'. Daar staat tegenover
dat alles wat uit instinct gebeurt afkeurenswaardig is, en daarmee breekt
Socrates de staf over zowel de bestaande kunst als de bestaande ethiek. Hij
ontkent het Griekse wezen; hij durft het aan met een diepgewortelde traditie te
breken. Socrates is als logicus en theoreticus de niet-mysticus bij uitstek.
blinde geloof in de wetenschap
Dit
domineert in het vervolg de gehele Westerse
cultuur en dringt alle uitingen van het Dionysische naar de marge.
Na het ten tonele voeren van Schopenhauer verandert De geboorte van de tragedie
van een historische uiteenzetting in een perspectief op de toekomst. Het is
duidelijk waar Nietzsche heen wil, namelijk naar een wedergeboorte van de
tragedie, naar een herwaardering van het Dionysische element in de kunst.
De geboorte van de tragedie had een immense invloed op de Wiener Moderne, onder wie
Von Hofmannsthal. Zij lazen Nietzsches werk als een oproep om het extatische,
destructieve dionysische element een hogere plaats in de cultuur te geven, als een
tegenwicht voor de koude, kristallen blik van Apollo en Athene (en Goethe). Er ontstond
een sterke hang naar het rituele, het onzegbare, het oriëntaalse.
Bij Von Hofm
huiver van de mythe opnieuw
toneelbeeld. In d
-griezelige en
gespannen sfeer van de Oriënt
u meer het antieke dan het westelijke zoekt; want de dichter heeft daarin getracht het
18
Oostenrijk en Von Hofmannsthal
Am eigenen Sohn zu sterben, welch ein Symbol für das Europa von Gerstern!
-- Karl Wolfskern (1929)
Oostenrijk: een keizerrijk in verval
Sinds de late Middeleeuwen was Oostenrijk een politiek, economisch en cultureel
machtscentrum in Europa. In Wenen zetelde de keizer van het Habsburgse Keizerrijk. Dit
was een door veroveringen en vooral huwelijken en erfenissen verzameld gebied, dat zich
uitstrekte van delen van Zuid-Duitsland tot aan de Balkan en delen van Italië. De macht
van Oostenrijk nam echter vanaf de tweede helft van de negentiende eeuw sterk af. Na de
Eerste Wereldoorlog werd het voormalige keizerrijk (toen: de dubbelmonarchie)
opgesplitst.
In het revolutiejaar 1848, toen in heel Europa de macht van koningen en keizers door
opstandige burgers werd ingeperkt, besteeg de achttienjarige Franz Joseph I in Wenen de
keizerstroon. Tot zijn dood in 1916 was hij alleenheerser. Hij stond bekend als zeer
punctueel, een eigenschap die hij ook van zijn ambtenaren eiste. Hij werkte lange dagen
aan zijn bureau in het Hofburgpaleis, altijd onberispelijk gekleed in zijn cavalerie-uniform.
De beeltenis van de keizer was voor zijn onderdanen onontkoombaar: in alle
elk theater was per decreet iedere avond een loge voor de keizer gereserveerd,
gemarkeerd met de keizerlijke dubbele adelaar. In zijn jonge jaren was Franz Joseph een
groot theaterliefhebber geweest, maar op latere leeftijd liet hij zich niet meer in het
theater zien. De lege loges groeiden gaandeweg uit tot een symbool voor een heerser die
het contact met zijn onderdanen verloren was, een lege plek in het hart van de monarchie.
Het persoonlijke leven van de keizerlijke familie was turbulent en gaf aanleiding tot veel
roddels. Franz Jozeph had talloze buitenechtelijke relaties, wat alom bekend was. Zijn
echtgenote Elisabeth van Beieren (Sissi) kon zich niet verenigen met het hofprotocol en
het gedrag van haar man. Zij ging zich steeds vreemder gedragen
erfelijk belast, in haar familie kwamen veel geestesziekten voor
wellicht was zij ook
en verbleef vaak lange
periodes in het buitenland. In 1898 werd zij doodgestoken door een Italiaanse anarchist.
Hun zoon Rudolf leidde een losbandig leven. Toen hij dertig was, doodde hij op zijn
jachtslot Mayerling eerst zijn maîtresse en vervolgens zichzelf. Franz Josefs neef,
aartshertog Otto, was zo verminkt door syfilis dat hij een leren neus moest dragen bij
openbare gelegenheden (waar hij overigens ook eens kwam opdraven met een sabel als
enige kledingstuk).
Rond 1900 besloeg het gebied dat onder Franz Josephs bestuur stond hedendaags
Oostenrijk, Hongarije, Bosnië en Herzegovina, Kroatië, Tsjechië, Slowakije, Slovenië en
delen van Italië, Montenegro, Polen, Roemenië, Servië en Oekraïne. Het was een
multinationale staat, met verschillende etnische groepen op zijn grondgebied
hoofdzakelijk Duitsers, Hongaren en Tsjechen, maar ook Polen, Kroaten, Slowaken,
Italianen, Slovenen en Roemenen.
Van deze groepen hadden enkel de Duits-Oostenrijkers en de Hongaren reële politieke
macht. Maar het rijk kraakte in zijn voegen. De verschillende etnische groepen eisten
steeds meer zelfbestuur. In 1867 had Hongarije zich al afgesplitst van Oostenrijk, al bleef
dit gebied wel onder het bewind van Franz Joseph staan, die vanaf dat moment de titel
19
In 1914 werd Franz Josephs aangewezen troonopvolger, Franz Ferdinand, bij een aanslag
gedood in Sarajevo. Dit betekende niet alleen het begin van de Eerste Wereldoorlog, maar
ook het einde van het Habsburgse Rijk. Op 31 oktober 1918 werd het Rijk ontbonden, na
een militaire nederlaag op het Italiaanse front.
Het culturele leven in Wenen
Wenen was het onbetwiste centrum van het keizerrijk. De Amerikaanse schrijver Jonathan
Die Fackel en zijn toneelstuk De laatste
dagen der mensheid
alle windstreken van het Rijk stroomden gelukszoekers hiernaartoe. Zij gaven een enorme
impuls aan het culturele en wetenschappelijke klimaat. En net zoals je in New York op
elke hoek een Starbucks vindt, waar mensen zitten te lezen en te werken, had je in Wenen
tientallen koffiehuizen. Hier kon je voor de prijs van een kop koffie de hele dag kranten
lezen, mensen ontmoeten en discussiëren over kunst, politiek en wetenschap. Overigens
bestaat die traditie nog steeds: veel Weense koffiehuizen bieden gratis wifi en toegang tot
tientallen online kranten aan.
In de koffiehuizen kwamen de mensen samen die de wereld wilden vernieuwen, die de
moderne tijd omarmden. Denk bijvoorbeeld aan schrijvers als Arthur Schnitzler en Frank
Wedekind; schilders als Gustav Klimt, Egon Schiele en Oskar Kokoschka; de componisten
Gustav Mahler en Arnold Schönberg; architecten Adolf Loos en Otto Wagner; artsen
Sigmund Freud en Joseph Breuer; en ideologen als Theodor Herzl en Adolf Hitler.
Een belangrijke koffiehuis was Café Griensteidl, waar tussen 1890 en 1897 een groep
Wenen). De bekendste leden van deze groep waren Herman Bahr, de oprichter en
-Werburg;
Arthur Schnitzler (die behalve schrijver ook arts was); de schrijvers en journalisten Stefan
Zweig, Theodor Herzl en Peter Altenberg.
Het gezin Von Hofmannsthal
Hugo Laurenz August Hofmann Edler von Hofmannsthal werd op 1 februari 1874 geboren
in Wenen. Zijn overgrootvader van vaderszijde, de othodox-joodse Isaac Löw, had met de
zijdehandel zowel een aanzienlijk vermogen als een adellijke titel verworven. Diens zoon
Von Hofmannsthals vader
Hugo was bankier, zijn moeder Anna Fohleutner was notarisdochter. Ook zij stamde uit
een joodse familie en had zich voor haar huwelijk laten dopen in de katholieke kerk.
In het sterk antisemitische Wenen van rond de eeuwwisseling en in de aanloop naar de
Tweede Wereldoorlog was Von Hofmannsthals joodse achtergrond (al was hij formeel
katholiek) een veelgebruikt aanknopingspunt voor lastercampagnes.
Nog tijdens de wittebroodsweken van het huwelijk van Von Hofmannsthals ouders in 1873
crashte de beurs, waardoor het familiekapitaal grotendeels verdampte. Tot de economie
weer aantrok leefden zij in relatieve armoede. In later jaren was het gezin aangewezen op
20
het inkomen van vader, wat ondanks zijn functie bij de bank niet zeer ruim was. Het
verlies van het familiekapitaal drukte een groot stempel op de psychische gesteldheid van
zijn moeder: zij vreesde continu een terugval in armoede. Zij leed aan psychosomatische
absolute modeziekte). Von Hofmannsthal had tot aan haar dood in 1904 een zeer nauwe
hechter en
prikkels (hij kon bijvoorbeeld alleen werken in het juiste klimaat) en het vermogen om
gave om de
liefste en meest nabije mensen op allerlei manieren (weliswaar met een zekere
het liefste dat
ik op de wereld heb, zo vaak kwelt en krenkt. En daarbij voel ik zo, hoe lief ik je heb, voel
uit de vroegste donkere tijd aankleven, uit de overgang van de kindertijd naar de jeugd en
in het overmatig veel nauw samenzijn met mijn moeder, die in haar onbaatzuchtige,
afmattende goedheid tegelijkertijd zo verschrikkelijk prikkelbaar was, heeft het een
Von Hofmannsthal maakt zijn entree in de literaire wereld
Von Hofmannsthal volgde lessen aan het Akademische Gymnasium in Wenen, een
eliteschool. Hier schreef hij zijn eerste poëzie en essays. Aangezien het scholieren en
studenten niet was toegestaan onder eigen naam te publiceren, koos hij het pseudoniem
stuurde hij een essay naar het tijdschrift Die Neue Freie Presse van Hermann Bahr.
Dankzij de memoires van Stefan Zweig (De wereld van gisteren) weten we hoe het
vervolgens verder ging. Bahr was verbaasd dat hij uit Wenen
de stad waarvan hij elke
schrijver dacht te kennen
dergelijke gedachterijkdom als het ware achteloos uitstrooide. Wie was deze onbekende
had laten rijpen. Hij schreef de onbekende onmiddellijk een brief en maakte een afspraak
voor een ontmoeting in café Griensteidl. Zw
passen een slanke, nog baardeloze gymnasiast met een jongenskniebroek aan zijn tafel,
maakte een buiging en zei met een hoge, nog niet helemaal volwassen stem kort en
n later werd Bahr, als hij vertelde van zijn
Niet alleen Bahr was geraakt door het grote talent van de jonge schrijver, weten we
arts, omdat zijn eerste literaire successen nog geen enkele garantie leken te bieden voor
wendden zich graag tot hem om raad en oordeel. Bij toevallige bekenden had hij de
opgeschoten jonge gymnasiast leren kennen, die hem door zijn snelle intelligentie was
opgevallen, en toen deze gymnasiast hem vroeg of hij hem een klein theaterstuk in verzen
21
mocht voorlezen, nodigde hij hem graag uit in zijn vrijgezellenwoning, zij het zonder grote
verwachtingen
dacht hij. Hij nodigde wat vrienden uit, Hofmannsthal verscheen in zijn korte
mi
verwonderde, bijna geschrokken blikken. Zulke volmaakte verzen, zulke feilloze
plasticiteit, zulke doorvoelde muzikaliteit, hadden wij van geen levende schrijver ooit
gehoord,
eerst van mijn leven een geboren genie had onmoet, en ik heb dat in mijn hele leven nooit
chijning van Hugo von Hofmannsthal
is en blijft gedenkwaardig als een van de wonderen van vroege rijpheid; in de
wereldliteratuur ken ik behalve Keats en Rimbaud geen voorbeeld van een op zo jeugdige
leeftijd bereikte onfeilbaarheid in de taalbeheersing, van een zo brede ideële
bevlogenheid, van een zo intense aanwezigheid van poëtische substantie in de
toevalligste regel, als bij dit imposante genie, dat zich al op zijn zestiende en zeventiende
jaar met onvergetelijke verzen en een vandaag nog niet overtroffen proza had
bijgeschreven in de eeuwige annalen van de Duitse taal. Zijn plotseling, al geheel rijpe
aanwezigheid was een fenomeen dat binnen een generatie nauwelijks een tweede keer
optreedt. Iedereen die het in die tijd meemaakte heeft het onwaarschijnlijke van zijn
De jonge Von Hofmannsthal bouwde in korte tijd een groot netwerk op van literaire
vrienden en bewonderaars
zo stond hij enige tijd onder invloed van de dichter Stefan
George, tot zij met ruzie uiteen gingen. Boze tongen beweren dat dit te maken had met
een ongewenste toenadering van de homoseksuele George. Ook van Von Hofmannsthal
werd gesuggereerd dat hij latent homoseksueel was. Tijdgenoten omschreven hem als
mei
zelf openlijk homoseksueel, schreef over de relatie van Von Hofmannsthal met enkele van
homoseksualiteit in deze tijd minder scherp dan nu: het was gebruikelijk
literaire traditie
zelfs een
om een goede vriend te beschrijven in de termen van een geliefde. Je
krijgt da
zus Chrysothemis. Deze geruchten werden gevoed door het feit dat Von Hofmannsthal een
moeizame verhouding tot vrouwen.
22
het geringste abnormaal te zijn,
heeft hij eigenlijk tot vrouwen geen enkele verhouding, of hooguit de verhouding van een
het vrouwelijke in zijn eigen natuur en stoffeert ze met dat, wat hij bij andere vrouwen
Na zijn examen ging Von Hofmannsthal rechten en Romaanse talen (Frans) studeren. Hij
studeerde af op een dissertatie over de Franse Pléiade-dichters (een groep van zeven
jonge renaissancedichters) en trok naar Parijs. Hier leerde hij onder anderen Maurice
Maeterlinck en Auguste Rodin kennen. In die jaren ontpopt hij zich als zeer productief
schrijver van onder meer poëzie, korte verhalen en toneelstukken. Zijn werk is het
toonbe
-1900 worden gezien als hét
voorbeeld van sensibiliteit in de literatuur: ze beschrijven moderne helden (o.a. van Ibsen)
en spiegelen elk gevoel en elke impuls dat het fin-de-siècle ervoer (of dacht dat het
ervoer).
Crisis en huwelijk
Rond 1900 raakte Von Hofmannsthal in een diepe innerlijke crisis, omdat hij meende dat
de mogelijkheden van de taal uitgeput waren geraakt. Hij schreef een essay in de vorm
van een fictieve brief van de niet bestaande Lord Chandos aan de zeventiende-eeuwse
wetenschapper Francis Bacon. In deze brief beschrijft Chandos zijn twijfel of men met
behulp van taal de universele betekenis kan uitdrukken. De conclusie is negatief:
Hofmannsthal geloofde van toen af aan dat de mens zelf een inspanning moet leveren om
zijn leven 'echt' te maken. Hij kreeg een afkeer van zijn vroegere hermetische, dandyeske
estheticisme, dat hij sedertdien als decadent ervoer. Het leidde tot een schrijfstop.
In 1901 trouwde Von Hofmannsthal met Gertrud (Gerty) Schlesinger, een joods meisje dat
zich voor het huwelijk liet dopen tot christen. Ulrich Weinzierl schrijft in zijn biografische
dse bierbrouwer
kregen ze drie kinderen, Christiane, zijn oogappel (1902-1987); Franz (1903-1929) en
Raimund (1906-1974). Rond deze periode leerde hij ook de befaamde theatervernieuwer
Max Reinhardt kennen, die hem vraagt om een toneeltekst te schrijven. Hij stemt hiermee
in en Elektra is het resultaat. Het stuk wordt gezien door componist Richard Strauss, die
Von Hofmannsthal vraagt het stuk te bewerken voor een opera. Het is het begin van een
jarenlange, zeer vruchtbare (zowel artistiek als financieel) samenwerking. Von
Hofmannsthal schrijft voor Strauss zeven libretti, onder meer voor Der Rosenkavalier en
Die Frau Ohne Schatten. Voor Reinhardt schrijft hij tien stukken, waaronder enkele
bewerkingen van Sophokles, Molière en Calderón. Gedrieën zijn zij de oprichters van de
Salzburger Festspiele (sinds 1920).
In zijn laatste jaren schreef Von Hofmannsthal steeds minder. Zijn levenseinde is
onlosmakelijk verbonden aan het lot van zijn oudste zoon Franz. Deze leed aan ernstige
depressies, iets wat Von Hofmannsthal zichzelf aanrekende: hij was immers vaak zelf ook
lange periodes neerslachtig.
23
Franz kon niet aarden in Wenen en reisde zijn jongere broer, de playboy Raimund,
achterna naar Hollywood. Ook hier kon hij het geluk niet vinden en berooid en mislukt
keerde hij terug naar zijn ouderlijk huis. Op 26-jarige leeftijd schoot hij zichzelf hier dood.
Twee dagen later, terwijl hij zich gereed maakte voor de begrafenis van zijn zoon, overleed
ook de door het verdriet ernstig verzwakte Hugo von Hofmannsthal aan een acute
elch
Mann en huisvriend van de familie, herinnerde zich een uitspraak van Christiane von
uns,
Een schrijver op de drempel
Verschillende literatuurhistorici noemen Von Hofman
zijn jonge jaren maakte hem dat spits van de avant-garde, maar in zijn latere jaren
vond men zijn werk steeds vaker uit de tijd. Met zijn geaffecteerde spraakgebruik
en ouderwetse manieren werd Von Hofmannsthal gezien als de laatste en grootste
werkelijke keizer was.
24
De grote drie
De bloeiperiode van de Griekse tragedie duurde ongeveer van 500 tot 400 v.C.
Voor het theaterfestival in Athene werden in die periode vermoedelijk duizenden tragedies
geschreven. Daarvan zijn er iets meer dan 30 overgebleven. Deze zijn van de hand van de
drie grote tragedieschrijvers: Aischylos, Sophokles, Euripides.
Deze drie hebben een enorme invloed. Tot op de dag van vandaag worden hun stukken
over de hele wereld nog steeds gespeeld. Ook dienen zij als inspiratie voor nieuwe
stukken, bijvoorbeeld bij Von Hofmannsthal en
Aischylos
Van de grote drie was Aischylos de oudste. Hij leefde van 525-456 v.C..
Aeschylos dacht niet positief over de mens. Hij geloofde sterk in de kracht van het noodlot
en de invloed van de goden op de mens.
Veel van zijn tragedies gaan over de machtsstrijd tussen de goden en de mensen. De mens
zal uiteindelijk ten gronde gaan aan deze strijd, volgens Aischylos.
Aischylos en Electra
Orestes en Electra de moord op hun moeder en stiefvader beramen en wreken.
Sophokles
Deze Griekse tragedieschrijver leefde van 496 v. Chr. tot 406 v. Chr. in Griekenland. Hij
was naast Aeschylos en Euripides, één van de drie grote Griekse tragedieschrijvers.
De nieuwe ontwikkeling die Aeschylos had ingezet door het toevoegen van een tweede
toneelspeler werdt door Sophokles verder uitgewerkt door nog een derde acteur toe te
voegen. Ook stelde hij in zijn stukken de mens als individu in het middelpunt van de
toneelhandeling. Sophokles heeft ongeveer 123 toneelstukken geschreven, hier zijn er
echter maar zeven van overgeleverd.
Sophokles is dertig jaar jonger dan Aischylos en behoorde echt tot een andere generatie
tragedie-schrijvers. De intrige van de stukken van Sophokles zijn ingewikkelder dan bij
zijn voorganger. De personages zijn vastberaden, heldhaftig en koninklijk. Zij hebben
echter een tragische misstap begaan en staan machteloos tegenover de macht van de
goden.
Elek
.
Sophokles en Elektra
aandacht besteed aan Orestes en meer aan Elektra zelf. In het stuk wordt de krachtige
natuur van Electra benadrukt.
25
Euripides
Leefde van 480-406 v.C.
Bij hem staat, in tegenstelling tot de twee andere klassieke grootheden, de mens
centraal. De mens is niet heroïsch als bij Sophokles, maar menselijk met zichtbare
zwakke kanten. Andere verschillen met zijn tijdgenoot zijn dat Euripides minder poëtisch
schreef en dat hij wel kritiek durfde te hebben op de goden.
k
Euripides en Electra
Het verhaal is opnieuw hetzelfde als bij Aischylos en Sophokles, maar Euripides voegde er
nieuwe elementen aan toe. Zo liet Euripides Elektra uithuwelijken aan een boer. Dat
gegeven is een zware vernedering voor iemand van een adellijk geslacht.
Het achterliggende doel was dat Elektra nooit kinderen zou krijgen die op grond van hun
rang de dood van Elek
ktra is in deze versie
de hoofdschuldige aan de moord, terwijl Orestes gestraft wordt voor zijn daad. Elektra is
bij E
26