luxomat® knx wts-gps nl - BEG Brück Electronic GmbH

NL
LUXOMAT ® KNX WTS-GPS
Montage- en bedieningshandleiding
1. Omschrijving
!
ls er transportschade is, dient de leverancier
A
onmiddellijk daarover te worden geïnformeerd.
Afb. 3
Steg
Verbindingsstuk
Het apparaat mag bij beschadiging niet in bedrijf worden
genomen. Wanneer moet worden aangenomen dat gevaarloos
gebruik niet meer gewaarborgd is, dient het apparaat c.q.
de installatie buiten bedrijf te worden gesteld en te worden
beveiligd tegen onbedoeld gebruik.
Het apparaat mag uitsluitend als statische installatie worden
gebruikt, dat wil zeggen uitsluitend in gemonteerde staat en na
afsluiting van alle installatie- en inbedrijfstellingswerkzaamheden en uitsluitend in de daarvoor beoogde omgeving.
Voor wijzigingen van de normen en standaarden na het
verschijnen van de bedieningshandleiding is B.E.G. Brück
Electronic GmbH niet aansprakelijk.
Bij wandmontage: egale kant naar de wand toe,
halvemaanvormig verbindingsstuk naar boven.
Afb. 4
4. Plaats van montage
Het weerstation KNX WTS-GPS meet de temperatuur, de windsnelheid en de helderheid. Het herkent neerslag en ontvangt
het GPS-signaal voor tijd en locatie. Bovendien wordt de exacte
positie van de zon (azimut en elevatie) berekend vanuit locatiecoördinaten en het tijdstip.
Alle waarden kunnen worden gebruikt voor het regelen van
van grenswaarde afhankelijke schakeluitgangen. De statussen
kunnen worden gekoppeld via EN-logica-poorten en OF-logica-poorten.
In de compacte behuizing van de KNX WTS-GPS zijn het
sensorsysteem, de beoordelingselektronica en de elektronica
van de busaankoppeling ondergebracht.
2. Functies
• Helderheid en zonnestand: De actuele lichtsterkte wordt
gemeten door een sensor. De KNX WTS-GPS berekent
tegelijkertijd de positie van de zon (azimut en elevatie) vanuit
tijdstip en locatie
• Zonneweringsregeling voor maximaal 6 gevels
• Windmeting: De meting van de windsterkte verloopt elektronisch en zodoende geruisloos en betrouwbaar, ook tijdens
hagel en sneeuw en temperaturen onder het vriespunt. Ook
luchtwervelingen en opstijgende winden bij het weerstation
worden geregistreerd
• Neerslagherkenning: Het sensorvlak is verwarmd, zodat
alleen druppels en vlokken als neerslag worden herkend,
maar niet nevel of dauw. Als het ophoudt te regenen of te
sneeuwen, is de sensor snel opnieuw droog en eindigt de
neerslagmeting
• Temperatuurmeting
• Week- en kalendertijdschakelklok: Het weerstation krijgt
de tijd en de datum van de geïntegreerde GPS-ontvanger.
De weektijdschakelklok schakelt maximaal 4 verschillende
perioden per dag. Met de kalendertijdschakelklok kunnen
bovendien 3 perioden worden vastgelegd waarin elke dag
maximaal 2 in-/uitschakelingen plaatshebben. De schakeluitgangen kunnen als communicatieobjecten worden gebruikt.
De schakeltijden worden ingesteld via parameters.
• Schakeluitgangen voor alle gemeten en berekende waarden
(grenswaarden instelbaar via parameters of via communicatieobjecten)
Kies een montagepositie bij een gebouw waar wind, regen en
zon onbelemmerd door de sensors kunnen worden geregistreerd. Er mogen geen constructieonderdelen boven het
weerstation zijn aangebracht van waaruit nog water op de
neerslagsensor kan druppelen, nadat het al opgehouden is met
regenen of sneeuwen.
Het weerstation mag niet in de schaduw liggen van het
bouwobject of bijvoorbeeld bomen. Onder het weerstation
moet een vrije ruimte van minimaal 60 cm worden gelaten om
een correcte windmeting mogelijk te maken en insneeuwen bij
sneeuwval te voorkomen.
Let er a.u.b. ook op dat een uitgeschoven zonnescherm geen
schaduw op het apparaat werpt. Ook de temperatuurmeting
kan door uitwendige invloeden worden vervalst, bv. door
verwarming of afkoeling van het bouwobject waarop de sensor
gemonteerd is (zonneschijn, verwarmings- of koudwaterbuizen).
Temperatuurafwijkingen door dergelijke storingsbronnen
moeten in de ETS worden geconfigureerd om de aangegeven
nauwkeurigheid van de sensor te bereiken (temperatuur-offset).
Magneetvelden, zenders en stoorvelden van elektrische verbruikers (bv. Tl-buizen, lichtreclames, schakelende netvoedingen
enz.) kunnen de ontvangst van het GPS-signaal storen of
onmogelijk maken.
Steg
Verbindingsstuk
Bij mastmontage: gebogen kant naar de mast toe,
verbindingsstuk naar beneden.
6. Aanzicht van achterwand en boorschema
Afb. 5 a)
Ø 5 mm
22 mm
Afb. 1
Slobgat
Langloch
7,5 x 5 mm
Afb. 5 b)
Wand
Wand
oder
of
Mast
mast.
14
90°
22
min.
60 cm
71
35
Het weerstation moet op een verticale wand (bv. een
mast) worden aangebracht.
28,75
57,5
Afb. 2
Horizontaal
Horizontal
7. Het weerstation voorbereiden
Afb. 6
•8 EN- en 8 OF-logica-poorten met elk 4 ingangen. Als ingangen voor de logicapoorten kunnen alle schakelgebeurtenissen
en 16 logica-ingangen (in de vorm van communicatieobjecten) worden gebruikt. De uitgang van elke poort kan naar
keuze worden geconfigureerd als 1 bit of 2 x 8 bits
Deksel losklikken
en naar boven
afpakken
!
Schakel alle te monteren bekabeling vrij van spanning en neem
voorzorgsmaatregelen tegen onbedoelde inschakeling.
Het apparaat is uitsluitend bestemd voor vakkundig gebruik.
Bij iedere onvakkundige wijziging of veronachtzaming van de
bedieningshandleiding vervalt iedere aanspraak op fabrieksgarantie of garantie.
Na het uitpakken dient het apparaat onmiddellijk te worden
onderzocht op eventuele mechanische beschadigingen.
1
2
3
3. Installatie en inbedrijfstelling
Installatie, keuring, inbedrijfstelling en het verhelpen
van storingen van het apparaat mogen uitsluitend door
een gediplomeerde elektricien (cf. VDE 0100) worden
uitgevoerd.
Afmetingen
Maße in mm
in mm
75
Het weerstation moet in de dwarsrichting horizontaal
(waterpas) gemonteerd zijn.
5. Montage van de houder
Het weerstation omvat een gecombineerde wand-/masthouder.
De houder is bij de levering met plakstrips bevestigd op de
achterkant van de behuizing.
Bevestig de houder loodrecht op de wand of de mast.
Deksel met regensensor
1
2 Inkepingen van het deksel
3 Ondergedeelte van behuizing
Het deksel van het weerstation met de regensensor zit aan
de onderrand rechts en links vastgeklikt (zie afb.). Neem het
deksel van het weerstation af. Ga zorgvuldig te werk om de
kabelverbinding tussen de printplaat in het ondergedeelte en
de regensensor in het deksel niet los te scheuren.
Voer de kabels voor de spanningsvoeding en de busaansluiting
door de rubberen afdichtingen aan de onderkant van het weerstation en sluit de spanning en de bus +/- aan op de daarvoor
beoogde klemmen.
Abb. 7
10. Aanwijzingen voor de montage en inbedrijfstelling
Open het weerstation niet als er water (regen) kan binnendringen: enkele druppels zouden de elektronica kunnen
beschadigen.
Let op een correcte aansluiting. Een verkeerde aansluiting kan
leiden tot vernieling van het weerstation of daarmee verbonden
elektronische apparaten.
Bij de montage moet worden opgelet dat de temperatuursensor
(kleine printplaat aan de onderkant van de behuizing) niet
beschadigd wordt. Ook de kabelverbinding tussen printplaat en
regensensor mag bij het aansluiten niet worden losgescheurd
of geknikt.
Verwijder na de montage alle aanwezige stickers van de
transportbescherming.
De buitenmantel moet tot onder het printbord
worden afgesneden zodat enkel de geleiders door
de gaten in het circuit bord lopen.
8. Opbouw van de printplaat
De windmeetwaarde en zodoende ook windschakeluitgangen
kunnen pas 60 seconden na het toepassen van de voedingsspanning worden afgegeven.
Na het aansluiten van de spanning bevindt het apparaat zich
5 seconden lang in de initialisatiefase. In deze tijd kan geen
informatie via de bus worden ontvangen.
11. Onderhoud
Afb. 8
Het apparaat moet regelmatig twee maal per jaar worden
gecontroleerd op vervuiling en zo nodig worden gereinigd. Bij
sterke vervuiling kan de sensor onklaar worden.
1
5
2
!
V
oor onderhoud en reiniging dient het apparaat
veiligheidshalve altijd te worden losgekoppeld van de
netstroom (bv. zekering uitschakelen/verwijderen).
12 . Omschrijving / Code /Accessoires
3
6
7
4
Typ
OB
KNX WTS-GPS
90221
13. Technische gegevens
1 Aansluitpunten van de voeding, geschikt voor massieve
draden tot 1,5 mm² of fijndradige draden
2 Sleuf voor kabelverbinding met de neerslagsensor in het
deksel van de behuizing
3 GPS-antenne
4 Signaal-LED
5 KNX-klem +/6 Programmeerknop voor het aanleren van het apparaat
7 Programmeer-LED
9. Aanbrengen van het weerstation
Sluit de behuizing door het deksel over het ondergedeelte te
zetten. Het deksel moet rechts en links met een duidelijke „klik“
vastklikken.
Afb. 9
Raste
Controleer of het deksel en het ondergedeelte correct vastgeklikt zitten! Op de afbeelding staat de gesloten behuizing van
onderen.
Afb. 10
Behuizing uit hoogwaardig
UV-bestendig PC
Beschermingsgraad:
IP44 / II / CE
Afmetingen B, H, L (mm):
96 × 77 × 118
Omgevingstemperatuur:
-30° tot +50°
Hulpspanning:
12 tot 40V DC, 12 tot 28V AC
Werkstroom:
max. 185 mA bij 12 V DC,
max. 81 mA bij 24 V DC,
Rimpeling10%
Busstroom: max. 8 mA
Gegevensuitvoer:
KNX +/Groepadressen:
max. 254
Opdrachten:
max. 255
Communicatietoestellen: 254
Verbruik regensensor:
ca. 1
,2 W
Temperatuur bereik:
-30° tot +80°C
Resolutie (Temperatuur): 0,1°C
Nauwkeurigheid
(temperatuur): ±1°C bij -10°C tot +85°C,
±1,5°C bij -25° tot +150°C
Meetbereik
windsnelheid:
0 naar 35 m/s
Resolutie (Windsnelheid): 0,1m/s
Nauwkeurigheid
(Windsnelheid):bij omgevingstemperatuur -20 tot +50°C:
±22% afwijking bij een luchtstroom van 45 tot 315°
±15% afwijking bij een luchtstroom van 90 tot 270°
(stroom frontaal correspondeert 1
80°)
Meetbereik helderheid:
0 tot 150.000 Lux
Resolutie (Helderheid):
1 Lux bij 0 tot 120 Lux,
2 Lux bij 121 tot 1.046 Lux,
63 Lux bij 1.047 tot 52.363 Lux,
423 Lux bij 52.364 tot 1
50.000 Lux
Nauwkeurigheid
(helderheid:) ±20% bij 0 lx … 10 klx,
±15% bij 10 klx … 150 klx
Conformiteitverklaring: Het product beantwoord aan de
laagspanning 2006/95/EG en aan de norm EMV 2004/108/
EG.
Volgende normen en/of technische specificaties worden
toegepast:
•
EN 50491-5-1: 2010
•
EN 50491-5-2: 2011
Schuif de behuizing van boven in de gemonteerde houder.
De pennen van de houder moeten hierbij in de rails van de
behuizing klikken.
Om te demonteren kan het weerstation naar boven toe tegen
de weerstand van de inkeping in weer uit de houder worden
getrokken.
MAN 7893 – KNX-WTS-GPS-NL–030913–1
Behuizing: